Philips geeft vaste beurs extra impuls

AMSTERDAM, 29 APRIL. Het vertrouwen op de Amsterdamse beursvloer lijkt deze week te zijn teruggekeerd. Ruim twee maanden zette het dollarvirus de koersen onder druk. Nu het ernaar uitziet dat de valuta's stabiliseren, richt de belegger zijn blik op de kwartaalcijfers.

Die van Philips, woensdag vóór beurs gepubliceerd, vielen bij de financiële wereld in bijzonder goede aarde. Het resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening kwam ten opzichte van de eerste drie maanden van 1994 uit op 544 miljoen, een ruime verdubbeling. Per aandeel leverde dat een winst op van 1,62 gulden, tegen 0,79 gulden in het eerste kwartaal van 1994.

Maar wat misschien nog wel een positiever teken is: de winststijging werd deze keer niet in hoofdzaak veroorzaakt door kostenreducties, maar door hogere verkopen. De omzet steeg met 7 procent tot 14,6 miljard gulden. Die omzetgroei zou zelfs 14 procent hebben bedragen, als de waardedaling van de dollar de laatste maanden geen roet in het eten had gegooid.

Philips zet ongeveer 5 procent meer aan produkten af in dollars (of daaraan gerelateerde valuta's), dan dat het concern er kosten in maakt. Effectenbank Robeco rekende uit dat elk dubbeltje dat de dollar ten opzichte van de gulden minder waard wordt Philips - dat valutaposten slechts gedeeltelijk afdekt - op jaarbasis een derving in het bedrijfsresulaat oplevert van tussen de 100 en 150 miljoen gulden.

Beleggers wilden van dergelijke berekeningen niet horen. Woensdag bij opening van de handel noteerde Philips op de beurs 55,50 gulden, gesloten werd die dag op 56,70 gulden. Donderdag brak het fonds door de hoogste jaarkoers, die 20 februari werd geprikt op 57 gulden. Gistermiddag bij het slot van de handel noteerde Philips 59,20 gulden. Eind maart betaalde de belegger nog 50,20 gulden voor het elektronicafonds.

Volgens handelaren is de stemming op de aandelenmarkt de afgelopen weken aanzienlijk verbeterd. Belangrijke aanleiding daartoe is de obligatiemarkt. Begin januari leverde de 10-jarige staatslening een rendement op van 7,8 procent. Dat rendement is nu gedaald tot 7,1 procent. Daarmee is het voor een belegger, die een keuze maakt tussen obligaties en aandelen, aantrekkelijker geworden zijn vizier op de aandelenmarkt te richten. Of, zoals dat in het jargon wordt geformuleerd: de beursgraadmeter, de AEX-index, ondervindt momenteel veel steun van de obligatiemarkt.

Een ander belangrijk punt is, zo gaf gistermiddag een analist van zakenbank Barclays de Zoete Wedd (BZW) aan, dat de belegger gewend raakt aan de lagere valuta's, die lijken te stabiliseren op het huidige niveau.

De traditioneel grote invloed van Wall Street op de Amsterdamse beurs is volgens deze analist momenteel gering. De Dow Jones-index zette deze week zijn opmars onverminderd voort en kwam voor het eerst in de historie boven de grens van 4.300 punten uit.

Voor de beurs van Amsterdam is dat evenwel geen reden tot opwinding, vindt de analist. Gecorrigeerd voor de ten opzichte van de gulden gedaalde dollar doet de Amerikaanse beurs het namelijk maar matig. Een Nederlander die op de Amerikaanse aandelenmarkt belegt zou vanaf begin dit jaar gemiddeld een totaal rendement (inclusief de herbelegging van dividenden) in guldens hebben behaald van circa 1,5 procent negatief.

In de AEX-index, die wordt samengesteld uit de koers van de 25 meest verhandelde fondsen, zit nu nog 6 à 7 punten aan dividend. De komende weken zullen deze punten geleidelijk uit de index verdwijnen, als de fondsen die dat nog niet deden, hun dividenden uitbetalen. Handelaren zeiden gistermiddag erop te vertrouwen dat de index daardoor niet in hoogte terugvalt, mits de goede kwartaalcijfers van Philips voldoende navolging krijgen.

Van een fonds dat buiten de index valt, het ingenieursbureau Grontmij, kwam gisteren na beurs het bericht naar buiten dat het als gevolg van een tegenvallend eerste kwartaal de verwachtingen voor 1995 naar beneden bijstelt. Eerder voorspelde het bedrijf een netto winst van ruim 16 miljoen, net zoveel als in 1994. De opdrachten van het ingenieursbureau bleven in het eerste kwartaal in de adviessector achter bij wat was geprognotiseerd. Grontmij sloot gisteren op de beurs op 58,50 gulden.

Het aandeel ABN Amro, dat wel in de index is opgenomen, kon deze week door het vriendelijke beursklimaat herstellen van de klap van vorige week. Een opmerking van bestuursvoorzitter Kalff bij de presentatie van het jaarverslag, dat de ontwikkelingen van de financiële markten voor internationaal opererende banken niet gunstig waren, leidde toen tot een koersval. Het aandeel ABN Amro kalfde 2,30 af tot 57,70 gulden. Gisteren noteerde ABN Amro bij het slot 59,70 gulden, een plus van 2 gulden.

De AEX-index sloot gistermiddag op 416,89 punten. Ten opzichte van vorige week betekent dat een winst van 8,47 punten, ofwel een stijging van 2 procent.