Wladimiroff: 'Voor èn tegen Joegoslavië-tribunaal'

DEN HAAG, 28 APRIL. Het was de Russische naam van de Nederlandse strafpleiter, Mischa Wladimiroff, die de Bosnische Serviër Dusan Tadic, voormalig kampbewaker van Omarska, deed besluiten hem als zijn advocaat te kiezen. “Ik heet nu eenmaal geen Janssen, bij mijn naam had hij blijkbaar andere associaties”, zegt de Haagse advocaat.

Wladimiroff (50) die kantoor houdt op loopafstand van het Internationaal Tribunaal voor Oorlogsmisdaden in het voormalige Joegoslavië - waar Tadic berecht zal worden - noemt de verdediging van Tadic de moeilijkste opgave van zijn leven. “Natuurlijk heb ik er lang over nagedacht, maar ongeacht wat er uiteindelijk met Tadic gaat gebeuren, dit eerste proces is een historische gebeurtenis en daar wil ik graag bij betrokken zijn”, zegt de advocaat, die vooral naam maakte als strafpleiter in grote fraudezaken, zoals de Slavenburg-affaire.

Zaak één van het tribunaal is geen routineklus voor Wladimiroff, die deels werkzaam is als hoogleraar economisch strafrecht aan de universiteit van Utrecht. Tadic is aangeklaagd wegens zijn betrokkenheid bij de moord op dertien personen, mishandeling van zestien mensen en verkrachting van een vrouw. Verder zou hij in 1991 direct betrokken zijn geweest bij de etnische zuivering van de regio Prijedor in het noorden van Bosnië.

“Ik vind dat je als advocaat moreel geen verschil kunt maken tussen een fraudeur, een fietsendief of een verkrachter. De grens bepaal je zelf. Voor de bekende strafpleiter Moszkowicz ligt die grens bijvoorbeeld bij de verdediging van oorlogsmisdadigers uit de Tweede Wereldoorlog - vanwege zijn joodse achtergrond.” Volgens Wladimiroff vereist een professionele houding dat de advocaat zich niet laat leiden door zijn gevoelens. “Een arts die een injectie toedient bij een patient zal slecht prikken wanneer hij te veel stil staat bij het idee dat het pijn doet.”

Tijdens het proces rond Tadic, dat waarschijnlijk in juli begint, wordt Wladimiroff bijgestaan door de Servische advocaat Milan Vuljin die in zijn land vooral van oorlogsmisdaden verdachte personen heeft verdedigd.Het was de persoonlijke wens van Wladimiroff samen te werken met een Joegoslavische collega. “Ik voelde er niets voor met een kogelvrij vest door Pale te lopen, ik spreek de taal niet, ik ken de mensen niet. Bovendien heb ik daar ook niet de tijd voor.”

Vuljin coördineert het onderzoek in Joegoslavië. Hij zoekt de getuigen op die door Tadic zijn genoemd, filmt hen en stuurt de banden op aan Wladimiroff. Aan de hand van de banden bepaalt Wladimiroff of de getuigen naar Nederland moeten worden gehaald. Maar ondanks het feit dat het tribunaal voorziet in de financiering en een vrijgeleide voor de betrokken getuigen weet Wladimiroff niet of de Servische autoriteiten bereid zijn de getuigen te laten uitreizen. De Bosnisch-Servische autoriteiten hebben gezegd het tribunaal niet te erkennen.

Vooraanstaande getuigen, zoals de politieke leiders in Pale, zullen vooralsnog niet worden opgeroepen. “Dat is alleen noodzakelijk wanneer aangetoond moet worden dat Tadic handelde op grond van bevelen van hogerhand, maar dat is niet aan de orde. Tadic zegt dat hij onschuldig is en valt terug op zijn persoonlijke verantwoordelijkheid.”

Wladimiroff wil uitzoeken of de zaak Tadic wel in het tribunaal thuis hoort. “Tadic wordt beschuldigd van oorlogsmisdrijven, maar het is de vraag of dat juist is. Mishandeling bijvoorbeeld mag pas door het tribunaal behandeld worden als er sprake is van bijkomende omstandigheden. Als de bewijzen te kort schieten en het blijkt niet om oorlogsmisdaden te gaan dan is het tribunaal niet meer bevoegd.”

Ook overweegt Wladimiroff de rechtsgeldigheid van het tribunaal zèlf aan te vechten. “Je kunt betogen dat het tribunaal niet bevoegd is omdat het is ingesteld door de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties. Maar volgens het Handvest van de VN is de Veiligheidsraad daartoe niet uitdrukkelijk bevoegd. Er is sprake geweest van een interpretatie van het Handvest.”

Wladimiroff onderstreept dat hij geen tegenstander is van het tribunaal. “Ik ben juist zeer gecharmeerd door het tribunaal, anders zou ik een dergelijke zaak niet op me nemen. Als het tribunaal er in slaagt processen te voeren die internationaal gewaardeerd worden als eerlijke processen, ongeacht de uitspraken, dan heeft het tribunaal bestaansrecht en dat is winst voor de samenleving.” Volgens hem staat zijn rol zijn ideeën over het tribunaal niet in de weg.

Wat hem meer zorgen lijkt te baren is de taalbarrière die het in het Engels opererende tribunaal hem bezorgt. Hoewel Wladimiroff vindt dat hij voldoende buitenlandse ervaring heeft, is hij toch bevreesd dat hij tijdens het kruisverhoor - eigen aan het angelsaksische rechtssysteem waarop de regels van het tribunaal gedeeltelijk zijn gebaseerd - duidelijk kan maken wat hij wil. Wladimiroff heeft getracht dit probleem te ondervangen door de hulp van één van zijn Utrechtse rechtenstudenten te vragen. Tijdens de processen zal de student, die naast het nederlands engels als moedertaal heeft, niet van zijn zijde wijken.

Zo vertrouwt Wladimiroff op meer van zijn studenten. Hij heeft veel extra mankracht nodig om de achterstand die hij heeft op de aanklager “die zo ongeveer honderd mensen achter zich heeft staan” in te halen. Hoewel hij de volledige medewerking krijgt van het tribunaal moet hij de benodigde hulp zelf regelen. Vandaar dat Wladimiroff heeft geput uit zijn studenten. “Enkel de besten heb ik gekozen. Ze zijn enthousiast, gemotiveerd en goedkoop.” Nadat Tadic afgelopen woensdag werd voorgeleid om te reageren op de telastelegging, heeft de verdediging de beschikking gekregen over de complete aanklacht van de aanklager. Stapels documenten liggen verspreid over tafels in het kantoor van Wladimiroff.

Trekt hij zich iets aan van de internationale opinie dat het tribunaal nadelige invloed heeft op het vredesproces in Joegoslavië? “Ik tracht, evenals aanklager Richard Goldstone vele malen heeft gezegd, mij niet te laten beïnvloeden door de politiek. Dat zou zeer nadelig zijn voor mijn objectiviteit. Maar het houdt me uiteraard wel bezig.” Heel “af en toe” zegt hij er niet van te kunnen slapen.

Na afloop van 'zaak1', die hij eind augustus verwacht, is het wat Wladimiroff betreft voorbij. “Eén zo'n zaak is voldoende. Anders gaat het iets weg hebben van een lemming die zich in zee stort.”