Onzichtbare hoofdpersoon

Ben Okri: Astonishing the Gods. Uitg. Phoenix House, 159 blz. Prijs ƒƒ39,60.

'If you can bear yourself, the bridge too can bear you.' De hoofdpersoon van Ben Okri's nieuwe, vertwijfelend mooie roman Astonishing the Gods moet een vreemde brug over, een levende poort door en een betoverd plein op voor hij het hoogst bereikbare deelachtig wordt. Die wonderbaarlijke brug bestaat eerst uit licht, dan uit lucht en gevoelens, dan uit water, steen, vuur, dromen - het is de brug van de zelfontdekking die de ik-figuur huiverend en in totale onzekerheid moet nemen omdat verder alles voor en achter hem in het niets oplost. En dan te weten dat die ik-figuur onzichtbaar is. Hij werd geboren uit een onzichtbare moeder, en gaat als jongeling op zoek naar het raadsel van zijn bestaan, zijn onzichtbaarheid, om na zeven jaar reizen te belanden op het Eiland van de Onzichtbaren. Daar overkomen hem de vreemdste avonturen; hij ziet en ondergaat de meest extreme zintuigelijke gewaarwordingen. Op een werkelijk schitterende manier schildert Okri, Engelsman van Nigeriaanse oorsprong die een Booker Prize ontving voor zijn roman The Famished Road, een betoverend mooie maar even angstaanjagende wereld waarin niets is wat het lijkt en alles vol de ontblote zintuigen raakt. Astonishing the Gods is een soort sprookje dat zelfs voor wie absoluut niet van sprookjes houdt en evenmin van zoektochten naar de eigen identiteit, toch een verrukkelijke leeservaring in zich verborgen houdt. Deze roman in zeer korte hoofdstukjes is in beginsel gebouwd op de paradox. Een ziekenhuis is een plek van plezier, de liefde is het belangrijkste studieonderwerp van alle universiteiten, wie iets wil onthouden moet het eerst vergeten, lampen schijnen duisternis, hardlopen is teruggaan, wie stopt met denken leert begrijpen - en gek genoeg is Astonishing the Gods volstrekt geen zweverige roman, zelfs soms zo spannend dat je geneigd bent stiekem vooruit te lezen. Okri's dronken makende proza dwingt je de fabel door, eenhoorns of niet - 'Imagine it: a hell made out of beauty. Can you think of anything more stultifying, more suffocating, than a nightmare composed entirely of beautiful things, of flowers, and pure lights, and mirrors?'