Greatest hits van Apuleius

Apuleius: Pronkpassages / Demonen ('Florida' / 'De deo Socratis'). Vert. Vincent Hunink. Uitg. Athenaeum-Polak & Van Gennep, 101 blz. Prijs ƒ45,- (geb.) en ƒ29,90.

'Het meest verguisde proza uit de oudheid' noemt Vincent Hunink de retorische fragmenten van Apuleius die hij onder de titel Pronkpassages / Demonen vertaalde. De uit Noord-Afrika afkomstige Apuleius (ca 125-180 n. Chr.) mag dan bewonderd worden om zijn schelmenroman De gouden ezel, zijn Latijnse redevoeringen worden door de meeste classici afgedaan als overdadig en oppervlakkig. Ten onrechte, vindt Hunink, die Apuleius juist prijst om zijn betoverende taalkunst.

Inderdaad illustreren de 23 'pronkpassages', uitgesproken bij diverse feestelijke gelegenheden, wat voor briljant redenaar Apuleius geweest moet zijn. 'Is er een klucht,' schrijft hij in fragment 5, 'dan kun je lachen; is er een koorddanser, dan kun je huiveren; is er een blijspel, dan kun je juichen; en is er een wijsgeer, dan kun je wat leren.' Het is duidelijk dat de redenaar Apuleius op al deze effecten tegelijkertijd uit was. Retoriek was voor hem theater; het ging erom het publiek te boeien - met mooie zinnen, diepzinnige citaten, en anekdotes van de hak op de tak. En dus lees je bij Apuleius over beroemde kunstenaars en kleurrijke Indische papegaaien, over de zedeloze cynische filosoof Crates en over de hoogmoedige fluitspeler Marsyas, die na een wedstrijd door Apollo levend gevild werd.

Vaak hebben ze kop noch staart, de passages uit Apuleius' redevoeringen. Dat is niet zo vreemd, want ze zijn genoteerd en overgeleverd als greatest hits. Maar het maakt het achter elkaar lezen ervan wel vermoeiend. Het is dan ook goed om aan het eind van deze Apuleius-uitgave een redevoering van wat langere adem tegen te komen: Demonen, over de vele soorten geesten en godheden die een bemiddelende rol vervullen tussen goden en mensen. Demonen is een filosofisch betoog vol memorabele passages ('ziehier de mens: (-) onsterfelijk van ziel, maar broos van leden; (-) niet altijd gelijk in zeden, immer gelijk in zonden') dat nieuwsgierig maakt naar datgene wat je op papier node moet missen: de stem en de dictie van de redenaar.