Topmanager Vinken

Met verbazing, en niet zonder gevoelens van afkeer, heeft de Sectie Sociale Vragen van de Raad van Kerken kennisgenomen van de inhoud van het interview met de heer Vinken, scheidend voorzitter van de Raad van Bestuur van Elsevier, zoals vermeld in NRC Handelsblad van donderdag 20 april.

In de eerste plaats, omdat hier een Nederlandse topmanager de loftrompet steekt op de 'heldere Angelsaksische visie' waarin de ondernemer als enige prioriteit het maken van winst heeft - wat o.i. een diepe terugval inhoudt na de in ons land toch vrijwel algemeen gedeelde erkenning van het bestaan van een eigen maatschappelijke verantwoordelijkheid van ondernemingen.

In de tweede plaats, omdat hier de onderneming wordt getekend als een organisatie die 'permanent in een staat van oorlog verkeert', en wel een oorlog 'die moet worden gewonnen' - alsof de herinnering aan wat een oorlog daadwerkelijk voorstelt bij Vinken geen enkele indruk heeft nagelaten.

In de derde plaats, omdat 'hebzucht, en de aandrift tot geldverdienen' door Vinken wordt gerekend tot 'datgene wat des mensen is', en waarvoor men zich, in kennelijk onderscheid met het 'traditionele christelijk- socialistische schuldgevoel', dan ook niet voortdurend behoeft te excuseren - alsof dat wat bij mensen pleegt voor te komen alleen al daarom door de maatschappelijke moraal zou moeten en kunnen worden gerechtvaardigd.

In de vierde plaats, omdat Vinken zich niet heeft ontzien om het Elsevier-concern als zodanig bij zijn uitspraken als partij te betrekken: 'Bij Elsevier is geen plaats voor halfzachte filosofieën'. Bij ons rijst de pertinente vraag, of de huidige Raad van bestuur en de medewerkers van Elsevier zich deze uitspraak mogen laten aanleunen. Het zich niet publiekelijk distantiëren van deze publiek gedane uitspraak mag immers als een stilzwijgend blijk van instemming worden uitgelegd.