Nieuwe benadering holocaust in Israel uit zich bij herdenking

TEL AVIV, 27 APRIL. President Ezer Weizman heeft gisteravond de overlevenden van de holocaust vergiffenis gevraagd voor het onbegrip dat hun ten deel viel toen zij na de Tweede wereldoorlog naar Israel kwamen. “Zij werden door onze generatie, die in de vrijheidsoorlog (1948-1949) streed, geconfronteerd met de vraag waarom joden zich als schapen hebben laten slachten”, zei hij tijdens de openingsplechtigheid van de herinneringsdag aan de vernietiging van zes miljoen joden tijdens het Hitler-tijdperk. Deze staat dit jaar in het teken van de vijftigste verjaardag van de overwinning op nazi-Duitsland.

“De tijd heeft ons geleerd hoe stompzinnig deze vraag was. Nu weten en begrijpen wij dat het in die verschrikkelijke tijd een heldendaad was om in een getto voor een kind een stukje brood te bemachtigen”, aldus Weizman.

Deze opmerkingen van Weizman zijn kenmerkend voor de veranderingen die zich in de Israelische samenleving voltrekken met betrekking tot de plaats en de betekenis van de holocaust in de samenleving en in de zionistische geschiedenis. Vanmorgen kwam die nieuwe benadering ook tot uitdrukking in de herdenking van de holocaust op een middelbare school in Tel Aviv. Shalom Shitrit, de directeur van deze school, die de naam 'Kedmah' (vooruitgang) draagt, besloot het dogma te doorbreken dat de 'shoah' (holocaust) uitsluitend het joodse volk aangaat. Tijdens de herdenkingsplechtigheid werden vanmorgen ook de rampen genoemd die de Armeniërs, zigeuners, zwarten, Indianen en homoseksuelen hebben getroffen, naast het noodlot van het joodse volk in de Tweede wereldoorlog. Een zevende herinneringslicht, naast de zes voor de zes miljoen vermoorde joden, werd ontstoken voor de andere volken en culturen die in de loop van de geschiedenis zijn vernietigd.

Vanuit een volkomen ander perspectief lichtte gistermiddag ook de (joodse) kardinaal van Parijs, Jean-Marie Lustiger, de 'shoah' uit de exclusief joods-zionistische belevingswereld. Tijdens een voordracht voor de universiteit van Tel Aviv onder de titel 'Het zwijgen van God' ter afsluiting van een symposium over dit theologische vraagstuk, trok hij een lijn van het lot van het joodse volk in de Tweede wereldoorlog naar de massamoorden in Rwanda en in Cambodja onder het bewind van Pol Pot.

De voordracht van kardinaal Lustiger, die op 14-jarige leeftijd in 1940 in Parijs tot de rooms-katholieke kerk toetrad, werd bijgewoond door minister voor kunst en communicatie Shulamit Aloni. Zij leverde indirect scherpe kritiek op opperrabbijn Meir Lau, die kardinaal Lustiger wegens diens overgang tot de rooms-katholieke kerk eerder “een verrader van zijn volk” had genoemd. Aloni legde er de nadruk op dat Israel een vrij en pluralistisch land is en sprak haar spijt uit dat opperrabbijn Lau de voordracht van kardinaal Lustiger niet bijwoonde.