Vertakt moment

Soms zou je de detective van een enkel ogenblik willen zijn. Bij voorbeeld van een willekeurig moment in het park, met zijn korte voorgeschiedenis en zijn minieme afloop. Uitvergroot zou je willen zien: het samenzijn van een aantal honden en hun eigenaars; zonnebaders in het gras; joggers rekkend en strekkend; de ene waakhond - als hij er nog is - achter de betonnen muur; de lunchende ambtenaar; de uitslapende dakloze, gesteld tenminste dat hij nog net binnen het toevallig gekozen moment zou vallen, en anders van een door hem wellicht achtergelaten stuk karton dat tot matras heeft gediend ergens binnen in de jasmijnstruik.

Misschien zou je zelfs zo ver willen gaan de uitwerpselen te traceren: terug naar de desbetreffende uitgelaten honden. Op de reusachtige plattegrond van het ene moment komen stippellijnen te staan: van welke adressen precies zijn de honden gekomen, langs welke routes? Met wellicht in een voetnoot de resultaten van een klein onderzoek naar hun zeer onderscheiden voedselpatronen, hoeveelheden, merken, prijzen. Zo mogelijk met de nodige precisie herleid tot de supermarkten en de schappen waar de blikjes of de zakken met vlees en brokjes aangeschaft zijn. Vandaar misschien zelfs nog even terug naar de gezichtsloze gebouwen in industriegebieden waar het vleesafval uit de slachterijen vandaan, belandt om ingeblikt te worden voor onze behaarde viervoetige vrienden en vriendinnen, onze huisgenoten, de verlichters van onze stedelijke eenzaamheid. Zo zou ook, om nog even door te gaan op die honden, de pluk haren die baasje in het park uit de vacht van zijn huisgenoot en toeverlaat heeft staan kammen, in dat deel van het park waar de honden gedoogd worden, geanalyseerd kunnen worden in het laboratorium dat aan dit ene moment ten dienste staat. Al die haren, zo zorgvuldig geproduceerd door het dier in kwestie, die een tijd lang naar behoren dienst hebben gedaan, maar los zijn komen te zitten en er hier, in de vrije natuur van de stad, uitgekamd worden en met een losse beweging van de hand worden prijsgegeven aan het zuchtje wind dat ze zo maar ergens zal doen belanden in het park, op de een of andere plek nabij de trimplaats. Waar andere zuchtjes wind het vloksel uiteen zullen trekken, of het in zijn geheel zacht buitelend met kleine curven voort zullen duwen over de grond. Een wind die op zijn beurt thuisgebracht moet worden naar plaats van herkomst. Wat hoogstwaarschijnlijk het westen zal wezen, of het zuidwesten. De genealogie van de wind, die natuurlijk ook zelf weer een plaats van herkomst zal hebben. Al zou ik niet verder willen gaan dan de westkust van Ierland, waar bijna al ons weer oprijst uit de oceaan, om in wolkvorm aan te zeilen op onze gewesten, met na Ierland en Midden-Engeland nog altijd voldoende neerslag aan boord om ook boven dit park te kunnen regenen, en de pluizen en vlokken hondenhaar nog eenmaal nieuwe samenhang te verlenen, wie weet ook te verankeren aan een twijgje dat zich daar uitzonderlijk goed voor leent. Zo goed dat het vloksel, ook nadat een hete zon alles weer heeft doen drogen, nog een bescheiden toekomst tegemoet mag zien en nog niet hoeft te vrezen voor verder uiteenvallen: een herinnering aan een vacht. Voorts de wikkels van de chocolade. De stokjes van het vruchtenijs. De rondwaaiende krantenpagina's. De sporen van de fietsers en de hardloopschoenen. De afgewaaide bloesems. Hun geschiedenis te schrijven, hen te laten terugkeren rond en in en tussen en onder en aan al die dingen waaraan ze vastgezeten hebben. Ze het kleinere of grotere traject af laten leggen naar het park. Naar de plek in het park waar ze hun voorlopig einde bereikt hebben. Er is geen limiet aan de geschiedschrijving ook van een enkel ogenblik. Een omgekeerde jongste dag, alleen ogenschijnlijk van bescheiden afmetingen. De jongste dag, als verlangen, dankt zijn schoonheid aan onze omkeringswoede. Het graf dat gesloten werd gaat open. De beweging die voltooid werd wordt hernomen. De rivier keert terug naar zijn bron.