Molukker is overal vreemdeling, maar ook zichzelf

ROTTERDAM, 26 APRIL. De vorige demonstratie van Molukse jongeren voor de Republiek van de Vrije Molukken, op 27 december, was heel rustig verlopen. De jongeren hadden er na afloop een beetje beteuterd bijgezeten, en Tjalie de Fretes, een van de organisatoren, had nog bij wijze van troost gezegd: “Dit is maar een voorproefje.” Zijn vrienden waren van de ordedienst geweest - dat was zo geregeld door de ouderen die uiteindelijk de leiding hadden - en ze voelden wel dat ze daarmee waren ingepakt. “Wij van de derde generatie hadden weer niks te vertellen”, zei een van hen.

Gisteren was de dertigjarige Tjalie er weer bij. Maar pas 's avonds op de televisie zag hij wat voor ravage er was aangericht. Hij schrok er van - dit was niet de bedoeling! Hij weet niet of het de frustratie van 27 december was die gisteren werd afgereageerd en wie het waren. Dat doet er ook niet veel toe. Zoals een van zijn vrienden al had gezegd: “We houden niet van geweld, maar als het knokken is, dan zijn we één.”.

Ook op 27 december probeerde een groepje in de buurt van de Indonesische ambassade door het kordon van de eigen ordedienst te breken, maar toen konden de ordebewaarders het stormloopje nog doorstaan. Het groepje bestond onder meer uit leden van Free Life, een groep RMS-aanhangers met Moordrecht als basis. De demonstratie werd, net als die van gisteren, georganiseerd door de Pemuda Masjarakat Maluku, een jongerenorganisatie die gelieerd is aan de Badan Persatuan, veruit de belangrijkste partij onder de Molukkers.

Het belangrijkste verschil tussen de Pemuda Masjarakat en groepjes als Free Life is dat de eerste dicht bij de gevestigde orde van de zeer hiërarchisch ingestelde Molukkers staat. Ze zijn er niet minder vurig om. “Wij Zuid Molukse jongeren zullen de fakkel moeten overnemen; wij Zuid Molukse jongeren zijn verplicht aan land en volk om de strijd voort te zetten”, schreven ze vorig jaar in een pamflet.

De Pemuda Masjarakat was in de versukkeling geraakt, maar is vorig jaar opnieuw opgericht. In dezelfde periode dat het Inspraakorgaan Welzijn Molukkers (IWM) weigerde op te gaan in één nieuwe, landelijke organisatie die de belangen van alle minderheden in Nederland moet behartigen. Het IWM hing in Molukse buurthuizen en clubgebouwen affiches op met de tekst: “De Nederlandse regering wil het Molukse Inspraakorgaan in een landelijke minderhedenorganisatie laten verdwijnen. Onmiddellijke gevolgen: geen toezicht op naleven beloftes aan Molukkers, geen bewaking van Molukse belangen op het terrein van wonen, weten en werken etc. etc.”.

Dit alles is verbonden met het ideaal van de Republiek van de Vrije Molukken, met de 'beloftes' die aan de ouderen zijn gedaan. De Nederlandse regering zou er voor zorgen dat de ouderen mogen terugkeren naar hun eigen republiek, zeggen ze. De bitterheid van de ouderen is woede geworden bij de jongeren.

Deze jonge mensen zitten vol verhalen over trouw en verraad. Tjalie vertelt graag van zijn oom, die door Japanners is “kapot geschoten” omdat hij weigerde het portret van de koningin van zijn muur te halen. “Soms zit ik op mijn slaapkamer een beetje te piekeren”, zegt hij, “en als je dan bedenkt wat onze oudjes allemaal hebben moeten meemaken, heb ik heel veel respect voor hen.”

Het gaat de jongeren niet meer om de terugkeer naar de Molukken. Zelfs niet bij de slechts enkele duizenden die nog actief in de RMS geloven - er blijft een harde kern, maar ook bij de Molukkers zit er sleet in de idealen. Het is het prettige gevoel van saamhorigheid tegenover de buitenwereld. Niet dat ze erg gediscrimineerd worden, maar ze voelen zich bekeken: op straat, in de disco. Hoewel de meeste Molukse jongeren tegenwoordig van gemengd Nederlands-Molukse afkomst zijn, vragen ze zich af: “Hoe kan je echt Nederlander zijn als je een andere huidskleur hebt?”

Een duidelijk alternatief is je uitdrukkelijk Molukker voelen en noemen. En dat beperkt zich niet tot de harde kern. Sommige Molukse jongeren vergelijken zich met het joodse volk. “Een jood in Spanje, of een jood in België: het blijft een jood.” Dat geeft de Molukkers ook een modern en internationaal gevoel; overal op de wereld zijn ze vreemdeling, maar tegelijk zichzelf.

Vaak hebben de ouderen zelf de jongeren niet veel verteld over het verleden, de RMS en hun traumatische komst naar Nederland. Het waren tenslotte meestal militairen van de oude stempel - niet erg praterig. Maar er zijn video's. De oude opnamen van de aankomst in Nederland zijn inmiddels duizendvoudig verspreid. “Als je dan ziet hoe ze van die boot afkomen”, zegt een jonge Molukker uit Tilburg, “dan krijg ik de tranen in mijn ogen. Iedereen wil die video's. Ze zijn bang dat ze de geschiedenis anders kwijtraken. Je moet alles goed bijhouden. Als iemand iets vraagt over vroeger, moet je het kunnen uitleggen.”

Heimwee wordt ook gekoesterd in oude liedjes uit de tijd dat de Molukkers over de hele archipel verspreid het Nederlandse koloniale regime dienden. “Weet je dat het een heerlijk gevoel is heimwee te hebben”, zegt een bestuurder van het Inspraakorgaan Welzijn Molukkers. “Ik voel me heel goed thuis in Nederland. Ik ben hier geworteld. Maar ik heb daar in de Molukken ook familie, en daar ben ik ook thuis. Het is iets helemaal van jezelf: ik ben daar thuis en hier thuis. Het is een rijk gevoel.”