Mexico krabbelt voorzichtig op

MEXICO-STAD, 26 APRIL. Na maanden van opeenvolgende sombere berichten over de crisis rond de Mexicaanse peso lijkt er nu licht aan het einde van de tunnel te zijn. De meeste analisten voorspellen een spoedig herstel van de Mexicaanse economie, mogelijk al tegen het einde van dit jaar. En de eerste gunstige tekenen hebben zich inmiddels voorgedaan.

Begin deze week doorbrak de IPC-index van de Mexicaanse beurs de psychologische grens van 2.000 punten, na een snelle opmars gedurende de afgelopen weken van een dieptepunt van minder dan 1.500 punten. De stijging van de beursindex hield gelijke tred met de koers van de peso ten opzichte van de dollar. Maandag zakte de Amerikaanse munt tot onder de zes pesos na een absoluut record van 7,45 pesos vorige maand. In vijf weken tijd heeft de peso nu meer dan 18 procent van zijn verlies goedgemaakt, maar is de munt nog altijd 40 procent minder waard dan vóór de devaluatie in december vorig jaar.

Beide gegevens hebben te maken met het aarzelende herstel van het geschonden vertrouwen van internationale beleggers in de opkomende Mexicaanse markt. De stijging van de beurs is grotendeels te danken aan de voorzichtige, maar onmiskenbare terugkeer van buitenlandse (institutionele) investeerders in de Bolsa Mexicana de Valores. Voor hun beleggingen hebben de investeerders pesos nodig, waardoor de Mexicaanse munt terrein wint ten opzichte van de dollar. Zowel in Wall Street als bij de beurs in Mexico-Stad werd met opluchting gereageerd op dit goede nieuws.

De gunstige tijdingen komen op een moment dat deze week op de termijnbeurs van Chicago weer is begonnen met de handel in peso-opties. Vooral voor Mexicaanse bedrijven met kosten in dollars kunnen de opties een uitkomst zijn, als er een onevenredig groot valutarisico bestaat. In Mexico zelf is begonnen met de introductie van een systeem van alternatieve rekeneenheden, de zogenoemde Unidades de Inversión (UDI), waarmee een oplossing moet worden geboden voor het probleem van de uiterst hoge rentetarieven en de inflatie. Met UDI's, een kopie van het systeem zoals Chili dat destijds met succes hanteerde, wordt een meer realistische en betaalbare rente in rekening gebracht, gebaseerd op de fictieve rekeneenheid.

Ook in Washington klonken optimistische geluiden over de Mexicaanse economie. Michel Camdessus, de voorzitter van het Internationale Monetaire Fonds (IMF) zei op een persconferentie voorafgaand aan de voorjaarsvergadering van het IMF en de Wereldbank, dat Mexico dit jaar op harde wijze zal worden geconfronteerd met de effecten van het herstelprogramma. Maar hij voegde er aan toe, dat het land “op enig moment in 1996 versterkt uit de crisis te voorschijn zal komen”. Volgens Camdessus is de crisis “traumatisch” geweest voor Mexico en een risico voor de andere landen in Latijns Amerika. Maar het “besmettingsgevaar” zou inmiddels zijn geweken.

Toch zijn andere analisten nog uiterst gematigd met hun uitspraken over Mexico. Bij Merrill Lynch luidt het advies aan de klanten voorzichtig te blijven met het beleggen in Mexicaanse aandelen. Volgens de beleggingsfirma uit New York boekt het economische noodprogramma van de regering van president Ernesto Zedillo succes en lijkt het vertrouwen van de beleggers daardoor terug te keren. Maar dit kan van korte duur zijn, aldus Merrill Lynch, “omdat er nog een aantal risicofactoren aanwezig is”. Die risico's zijn onder andere de hoge inflatie en de koers van de peso.

Het slechte nieuws komt inderdaad uit de inflatiehoek. Volgens de centrale Banco de México bedroeg de geldontwaarding gedurende de eerste twee weken van deze maand maar liefst 5 procent. Ter vergelijking: over het hele jaar 1994 bedroeg het inflatiepercentage 7,05 procent. De stijging van de inflatie wordt deze maand vooral veroorzaakt door de verhoging met 50 procent van de btw die op 1 april is ingegaan voor de meeste consumptiegoederen en diensten. Deskundigen plaatsen inmiddels vraagtekens bij de haalbaarheid van het doel van de regering om de inflatie over dit jaar te beperken tot 42 procent. Zij achten het waarschijnlijker dat de inflatie uiteindelijk 50 procent of meer zal bedragen.

Ook is er nog geen einde gekomen aan de golf van bedrijfssluitingen en ontslagen als gevolg van de pesocrisis. Sinds begin dit jaar hebben al meer dan tweeduizend bedrijven hebben hun poorten definitief gesloten en zijn er bijna 750.000 arbeidsplaatsen verloren gegaan. Op straat en bij verkeerslichten is duidelijk waarneembaar het toegenomen aantal mensen (onder wie vele kinderen) dat zich als ambulante handelaar staande probeert te houden. Hoewel er geen sprake is van een volledig recessie vertoont de Mexicaanse economie duidelijk tekenen van achteruitgang. De verwachte negatieve groei dit jaar van tussen de 2 en 5 procent zal daar het gevolg van zijn.

Uiteraard heeft het exporterende deel van het Mexicaanse bedrijfsleven garen gesponnen bij de gedevalueerde peso. Het bijna structurele handelstekort van Mexico - één van de oorzaken van de peso-crisis - is sinds februari omgeslagen in een overschot van een paar honderd miljoen dollar. Maar paradoxaal genoeg dreigt de koerswinst die de peso momenteel boekt dankzij het herstelde vertrouwen het exportsucces in de kiem te smoren. Voor de Mexicaanse regering is het zaak een delicaat evenwicht te bewaren. De zorgen zijn dan ook nog lang niet voorbij.