'Steunactie voor koers dollar is illusie'

FRANKFURT/WASHINGTON, 25 APRIL. De verwachting dat de zeven grootste industrielanden er vandaag in slagen een pakket van maatregelen overeen te komen om de koers van de Amerikaanse dollar te steunen is een illusie. Dat heeft Otmar Issing, een van de leidende bestuurders van de Bundesbank in Frankfurt gezegd.

“Centrale banken beheersen de wisselkoersen niet, maatregelen zijn alleen effectief wanneer ze worden vergezeld van bijbehorende stappen om de fundamentele oorzaken van de zwakke dollar weg te nemen en de stemming op de financiële markten begint te keren in het voordeel van de dollar”, zei Issing. Hij deed zijn uitspraken aan de vooravond van het overleg van de ministers van financiën en de presidenten van de centrale banken van de zeven grootste industrielanden (G7) dat vandaag plaatsvindt in Washington in de marge van de voorjaarsvergadering van het Internationale Monetaire Fonds.

De bijeenkomst is ingelast om de verzwakking van de dollar tegenover de yen en de Duitse mark te bespreken. De Amerikaanse munt is sinds het begin van dit jaar bijna 20 procent gezakt tegenover de yen en 12 procent tegenover de Duitse mark. De afgelopen dagen stabiliseerde de koers zich op de valutamarkt, die de uitkomst van het overleg in Washington afwacht. De dollar noteerde vanmorgen 1,53 gulden en 82,8 yen.

De topman van het Internationale Monetaire Fonds (IMF), Michel Camdessus, herhaalde in Washington dat een renteverhoging in de Verenigde Staten kan helpen om de koers van de dollar te steunen, en dat de renteverlagingen die Japan en Duitsland twee weken geleden doorvoerden, meer invloed hadden gehad als ze waren vergezeld van een Amerikaanse verhoging. Ook de voorzitter van de Europese Commissie, Jaques Santer, hekelde al het Amerikaanse dollarbeleid. Vorige week kritiseerde de Duitse bondskanselier Helmut Kohl het Amerikaanse begrotingsbeleid. Het begrotingstekort van 2 procent, het tekort op de Amerikaanse betalingsbalans van 160 miljard dollar en de onvoldoende besparingen in de Verenigde Staten (4 procent van het het bruto binnenlands produkt) die daar tegenover staan, worden algemeen gezien als voorname oorzaken voor de zwakte van de dollar.

De Amerikaanse mininster van financiën Robert Rubin zei op de bijeenkomst een “harde discussie” te verwachten over de dollarproblematiek. Maar hij er bij dat de VS al een van de laagste begrotingstekorten hebben van de grote industrielanden en dat de inflatie “relatief laag” is. De Britse minister van financiën Clarke toonde zich geen voorstander van afspraken over gecoördineerde steunacties in op de valutamarkt. “De ervaring van de afgelopen maanden toont aan dat dat weinig effect heeft.” (AFP, AP, DPA, Reuter)