Overheid vindt PKK wel èn ook niet terroristisch

DEN HAAG, 25 APRIL. Waarom heeft Nederland Koerden de gelegenheid geboden en eigen parlement-in-ballingschap op te richten eerder deze maand? Het debat over deze kwestie morgen in de de Tweede Kamer speelt zich af tegen de achtergrond van een inmiddels geëscaleerd conflict met Turkije. De NAVO-bondgenoot is op dit moment in oorlog met de Koerdische extremistische partij PKK in Noord-Irak. En Turkije beschouwt het parlement van de Koerden als een propagandastunt van de PKK.

Ankara riep meteen na de bijeenkomst van de Koerden in Den Haag zijn ambassadeur terug voor consultaties en sindsdien zijn de relaties met dat land ernstig verslechterd. Media in Turkije en Turkse organisaties in West-Europa hebben het “onbetrouwbare Holland” in alle toonaarden veroordeeld. Dat daarmee tegelijkertijd de internationale aandacht voor de bloedige veldtocht van het Turkse leger in Noord-Irak is afgeleid, is misschien niet alleen maar toeval.

De opstelling van Nederland roept intussen voldoende vraagtekens op om het Kamerdebat morgen interessant te maken. Het debat in de Tweede Kamer komt op een moment dat alles in het werk wordt gesteld om minister Van Mierlo in contact te brengen met zijn Turkse collega Inüon en beide regeringen proberen om de diplomatieke schade te beperken. Vorige week kreeg Van Mierlo in New York geen gelegenheid om met de Turkse premier Çiller te spreken. Hij ontmoette toen de Turkse secretaris-generaal van het ministerie van buitenlandse zaken en Kamerleden verwonderen er zich over waarom Van Mierlo dat gesprek niet liet voeren door een van zijn eigen ambtenaren maar van zijn Olympus afdaalde.

En het afgelopen weekeinde toog de ondervoorzitter van de Tweede Kamer, de VVD'er Dees, naar Ankara om nog eens in alle nederigheid uit te leggen hoe in een rechtsstaat de bescherming van de grondrechten functioneert. Gisteravond was op tv te zien hoe weinig premier Çiller genegen was de afgevaardigde van het hoogste Nederlandse democratische orgaan, de Tweede Kamer, te woord te staan.

Nu werkt Buitenlandse Zaken binnenskamers hard om een gesprek met de Turkse minister Inüon mogelijk te maken. Voor de buitenwacht verklaart Van Mierlo dat hij geen knieval voor zijn collega wil doen 'omdat Nederland niets heeft gedaan waarvoor het zich hoeft te schamen'. Schamen is misschien een groot woord maar twijfel over de wenselijkheid van de bijeenkomst bestond al lange tijd op Buitenlandse Zaken. Ambtenaren op dat departement signaleren nu dat de leiding weinig goede wil toonde om zaken op een rijtje te zetten.

Turkije heeft Den Haag voor de voeten geworpen dat het geen oog heeft voor de strijd tegen het terrorisme van de PKK. De Nederlandse houding is op dit punt op z'n minst gespleten. Nederland kent geen verboden partijen zoals Frankrijk en Duitsland waar de PKK verboden is. Maar minister Van Mierlo (buitenlandse zaken) noemde zelf in zijn verklaring na de Koerdische bijeenkomst in Den Haag de PKK een “terroristische organisatie”. Daar denkt het departement van Binnenlandse Zaken, belast met de handhaving van de binnenlanse orde en veiligheid, anders over. De BVD maakt in zijn jaarverslag wel melding van aanslagen van de PKK maar noemt deze partij niet expliciet “een terroristische organisatie”.

Het formele standpunt van de Nederlandse regering is dat de Grondwet niet toelaat bijeenkomsten als die van de Koerden te verbieden. Het hoofd van de stafafdeling Constitutionele Zaken en Wetgeving van Binnenlandse Zaken, mr. C.R. Niessen: “Het gaat om hetzelfde recht als waarvan de Turken afgelopen zondag gebruik maakten tijdens hun demonstratie tegen de Nederlandse regering in Den Haag.” Maar op welke grond, wil het CDA morgen weten, heeft Nederland dan negen visa verleend aan deelnemers van de oprichtingsvergadering?

De handhaving van de openbare orde is overigens een bevoegdheid en verantwoordelijkheid die berust bij de burgemeester. Binnenlandse Zaken heeft voorafgaand aan de Koerdische bijeenkomst de Haagse burgemeester niet geadviseerd om in te grijpen. Volgens Niessen stond niet van tevoren vast dat de aanwezige Koerden ook terroristen zijn. “Je hebt dus geen enkel argument in handen om die zaak te verbieden.”

Ondertussen heeft Van Mierlo zelf na kabinetsoverleg op 7 april wel degelijk contact gezocht met Havermans om na te gaan of de bijeenkomst niet toch verboden kon worden. Havermans heeft het gevaar voor de openbare orde en veiligheid van de oprichting van een Koerdisch parlement in ballingschap laag ingeschat en zag geen reden haar te verbieden. Achteraf is gebleken dat de openbare orde ook inderdaad niet in het geding is geweest.

Ondertussen lijken er over de verhouding tussen de Grondwet en het openbare orde-argument twee scholen te bestaan. De puur legalistische die overeenkomt met de uitleg die het kabinet op dit moment geeft en een meer pragmatische school: deze zegt dat iedere vergadering met het argument van de bedreiging voor de openbare orde kan worden verboden. Het CDA zal morgen waarschijnlijk vragen of Havermans ook heeft nagegaan wat zo'n bijeenkomst te weeg kan brengen voor de openbare orde op de wat langere termijn - in de sfeer van tegendemonstraties en geweld tegen Turkse bedrijven in de grensstreek.

Al eerder werden er in de Kamer door de VVD vragen gesteld of gewelddadigheden tussen Koerden en Turken en Koerden onderling in Duitsland ook naar Nederland kunnen overwaaien. Fractieleider Wallage heeft vrijdag in een gesprek met deze krant aangegeven dat er zo snel mogelijk een gesprek tussen van Mierlo en Innou moet komen omdat Turkije een zeer belangrijke bondgenoot binnnen de NAVO is en Nederland het zich niet kan permitteren een lang slepend conflict met een bondgenoot te hebben ook al niet omdat dat ongetwijfeld gevolgen krijgt binnen de Turkse gemeenschap in Nederland (203.000).

Vraag in de Tweede Kamer zal morgen ook zijn of Nederland niet in een vroeger stadium - al in januari werd de mogelijkheid geopperd dat de Koerden hier zouden vergaderen - Turkije had moeten uitleggen waarom Den Haag overwoog om de Koerden toestemming te geven. En is er met België overlegd over de bijeenkomst? Immers de Koerden speelden lang met de gedachten om naar Brussel te gaan. Waarom was Washington ontstemd over de bijeenkomst en wat was het oordeel van andere leden van de Europese Unie en de NAVO? Kende de Nederlandse regering die opvattingen en hebben die meegespeeld bij de besluitvorming? Hoe wil het kabinet in de komende weken de indruk wegnemen die ten onrechte is ontstaan dat Nederland het Koerdische parlement steunt?

Ondertussen hebben de Koerden in vergadering in Den Haag steun betuigt aan de Koerdische vrijheidsstrijd in Turkije. En dat is voor die natie onverteerbaar want daarmee wordt de territoriale integriteit van Turkije aangetast. Dat is mede de achtergrond van scherpte van het conflict tussen de twee bondgenoten. De Nederlandse regering en het parlement wijzen een vrij Koerdistan overigens af. Wel is een Kamermeerderheid voor meer culturele autonomie voor de Koerden in Turkije. Maar ook dat gaat de Turkse regering op dit moment te ver.

Nederland kan zich geen lang slepend conflict met een bondgenoot permitteren