Ministers-overleg met Sinn Fein zonder eis ontwapening; Britten doorbreken impasse

LONDEN, 25 APRIL. De Britse regering heeft zich gisteren bereid verklaard op ministerieel niveau te overleggen met Sinn Fein, de politieke vleugel van het Ierse Republikeinse Leger (IRA).

Daarmee komt een einde aan de impasse die was ontstaan omdat het kabinet en Sinn Fein het maar niet eens konden worden over de voorwaarden voor een dergelijke bespreking. Die impasse duurde al twee maanden en dreigde het vredesproces in Noord-Ierland te ontregelen.

De Britse regering had geëist dat de IRA eerst een begin zou maken met de ontmanteling van wapens. Dat was al de verdunde versie van een eerdere voorwaarde dat eerst alle wapens zouden worden overhandigd. Uiteindelijk heeft de regering genoegen genomen met de toezegging van Sinn Fein dat ontwapening van de IRA apart en als eerste onderwerp tijdens het overleg aan de orde zal komen. Sinn Fein heeft haar aanvankelijke wens laten vallen om ontwapening van paramilitairen tegelijkertijd te bespreken met terugtrekking van Britse troepen. Voor de Britse overheid was het onaanvaardbaar beide thema's onder de noemer 'demilitarisatie' op één hoop te gooien omdat ze daarmee geweld van terroristen een schijn van legitimiteit zou hebben verschaft.

Het is de tweede keer sinds de afkondiging van het staakt-het-vuren door de IRA, acht maanden geleden, dat de Britse regering afziet van een expliciet gestelde eis en het vredesproces voortzet op basis van politieke inschattingen. De eerste ambtelijke contacten tussen de autoriteiten en Sinn Fein kwamen ook al tot stand zonder dat de IRA het geweld voorgoed had afgezworen zoals het kabinet nadrukkelijk had gevraagd. Politieke waarnemers hadden er al eerder op gewezen dat de republikeinen onmogelijk kunnen voldoen aan eisen zoals het permanent afzien van terreur of het afstaan van alle wapens. Een dergelijk gebaar zou door de aanhang onmiddellijk als een onvoorwaardelijke overgave aan de Britse autoriteiten worden beschouwd en onvermijdelijk leiden tot de vorming van nieuwe terreurorganisaties. Sinds de burgeroorlog van de jaren twintig hebben republikeinen de wapens steeds achter de hand gehouden, ook in periodes zonder geweld.

De Ierse premier John Bruton heeft een beroep gedaan op zijn Britse collega John Major om niet star vast te houden aan ontwapeningsbeloften maar af te gaan op de oprechte intentie van Sinn Fein om tot een politieke oplossing voor het conflict in Noord-Ierland te komen.

John Hume, de leider van de Noordierse Social Democratic and Labour Party heeft afgelopen weekend nog gewaarschuwd dat de onbuigzaamheid van de Britse regering het vredesproces in Noord-Ierland in gevaar bracht. En de voormalige Ierse premier Albert Reynolds heeft tegenover The Observer verklaard dat Groot-Brittannië doelbewust afkoerste op een crisis. Volgens Reynolds waren “elementen binnen het Britse establishment” erop uit de leiding van de IRA op de knieën te krijgen door een splitsing in de republikeinse beweging te forceren. Hij waarschuwde dat het staakt-het-vuren daardoor onder onhoudbare druk zou kunnen komen staan.

Overleg op ministerieel niveau tussen de Britse regering en Sinn Fein is niet meer dan een symbolische doorbraak. Nog altijd gaat het alleen maar om verkennende besprekingen. Er is voorlopig geen enkel uitzicht op dat alle politieke partijen in Noord-Ierland, inclusief Sinn Fein, met elkaar rond de tafel gaan zitten om tot een politieke regeling te komen op basis van de voorstellen die Londen en Dublin eind februari hebben gepresenteerd.