Horen van stemmen krijgt betekenis voor patiënten

'Sonja op maandag' op BBC 2. Het was maar heel even en het ging niet om Sonja, maar om een psychiatrische patiënte en haar psychiater, de Maastrichtse hoogleraar Marius Romme. Hij vertelde dat hij zo weinig voor zijn patiënte, die stemmen hoorde, kon doen. Misschien waren er wel patiënten die met hun stemmen hadden leren omgaan? Meer dan 500 stemmenhoorders belden naar Korrelatie en dat werd het begin van een groot project, dat inmiddels - acht jaar later - bijna een internationale beweging is geworden.

Het horen van stemmen, die voor anderen niet waarneembaar zijn, hoort in de psychiatrie tot de klassieke symptomen van een psychose en roept al gauw het vermoeden van schizofrenie op. Na 'Sonja' bleek echter dat er heel wat stemmenhoorders zijn, die nooit psychiatrische hulp hebben gezocht en het ook heel goed zonder bleken te kunnen stellen. Dat ze stemmen hoorden en wat de stemmen zeiden, hielden ze meestal wel geheim, al maakten de stemmen zelf dat soms erg moeilijk. Romme bracht de stemmenhoorders met elkaar in contact en zo vormden zich, nu dus ook in Engeland, de eerste gespreks- en zelfhulpgroepen.

Niet iedereen ziet veel heil in deze benadering, die niet gericht is op het tegengaan van de psychose, maar op het beheersen van de stemmen. In 'Hearing voices', de aflevering van gisteravond in BBC's States of Mind Season, herinnerde Romme eraan hoe hij aanvankelijk ook in Nederland voor gek versleten werd. Hij - en geen van de collega's en patiënten die aan het woord kwamen - ontkent ook maar een moment, dat het horen van stemmen een psychotisch verschijnsel is. De meeste stemmenhoorders hebben er ook echt veel last van, maar dat betekent nog niet dat ze daarom ook maar langdurig opgenomen en met hoge doses psychofarmaca behandeld moeten worden. De psychiater uit de toonaangevende Londense Maudsley Clinic, die daar duidelijk wel voor geporteerd was, kon stemmenhoorders dan ook niet anders zien dan als de slachtoffers van een vreselijke ziekte, waar zij geen enkel verweer tegen konden hebben.

Soms is dat ook zo, al kwam dat nu juist in de documentaire wat minder naar voren. De aandacht ging toch vooral uit naar de patiënten, die waarschijnlijk ten onrechte ooit als schizofreen gediagnostiseerd waren en daar in ieder geval niet beter van zijn geworden. Zij hebben inmiddels weer greep gekregen op hun eigen leven, vaak met medicatie overigens, maar toch vooral door met anderen te praten over wat ze met hun stemmen meemaken en hoe ze daarop reageren. Ze zijn zelfstandiger en weerbaarder geworden, dat was ook heel goed te zien. Minder bang ook voor de stemmen, die toch meestal streng en dreigend zijn, en daardoor beter in staat ze letterlijk een toontje lager te laten zingen of alleen nog op een bepaald moment van de dag toe te laten.

Inmiddels is ook het onderzoek naar het horen van stemmen op gang gekomen. Hersenonderzoek laat wel zien dat stemmenhoorders inderdaad 'binnenpraters' zijn, maar niet dat zij het als geluiden van buiten beschouwen. Toch interpreteren zij de stemmen zo en dat is waarschijnlijk - althans zeker bij een deel van deze patiënten - het late gevolg van een ernstig psychisch trauma of een onoplosbaar dilemma. De stemmen zijn als het ware afgesplitst. Belangrijker dan de stand van zaken op onderzoeksgebied is echter toch vooral, dat auditieve hallucinaties, die lang als een ernstig, maar op zich 'zinloos' symptoom hebben gegolden, betekenis krijgen in de levensgeschiedenis van de patiënt. Daardoor heeft ook wat de stemmen zeggen weer betekenis voor de patiënt.