Ik zap dus ik besta niet

Achilles en het zebrapad, Ned.3, 23.09-23.57u.

Het tweede seizoen van Lolamoviola, de verzameltitel waaronder de VPRO vier korte, door 'jong talent' geregissseerde televisiefilms presenteert, wordt vanavond geopend met Achilles en het zebrapad van Paula van der Oest. Het is ook de titel van een aan Van der Oests scenario ten grondslag liggend filosofisch essay van de Amsterdamse studente Yolande Jansen, waarin een brommerkoerier meedoet aan een door Kierkegaard ooit bedachte wedstrijd om het 'ongelukkigste bewustzijn'.

Deze grillige combinatie van elementen is een kolfje naar de hand van de 29-jarige Van der Oest, die blijft verbazen met de variëteit in haar werk: vorig jaar regisseerde ze bij voorbeeld de korte, in het voorprogramma van 1000 Rosen vertoonde zwart-wit-film Het verlorene zal ik zoeken over twee bronstige boerenzusters en de met een Gouden Kalf voor het beste televisiedrama onderscheiden Lolamoviola-aflevering Coma, waarin een patiënt met geheugenverlies (Theu Boermans) zich langzaam zijn verschrikkelijke verleden herinnert.

Net als in haar andere films, speelt de dood een hoofdrol in Achilles en het zebrapad. De wedstrijd is immers uitgeschreven door de voorzitter (Michael Zeeman) van het gezelschap der 'Sumparanekromenoi', de bijna-lijken. De brommerkoerier (Erik Arens) meent in aanmerking te komen voor de hoofdprijs, omdat hij in het verleden noch in de toekomst kan kijken en, als vele laat-twintigste-eeuwers, veroordeeld is tot een gruwelijke gevangenschap in het hier-en-nu. Sterker nog: zijn werk, dat hem voortdurend nieuwe doelen stelt zonder enige zingeving, bestaat in feite uit het zich zo snel mogelijk verplaatsen en het effectief omzeilen van alles wat zich op zijn weg bevindt.

De eerste tien minuten van de ruim drie kwartier van de film vormen een adembenemende illustratie van deze stellingen. Cameravrouw Birgit Hillenius en regisseuse Van der Oest creëerden een subjectief geregistreerde duivelsrit door Amsterdam, waarin wild wordt gezapt, gezwenkt en anderszins wordt bewogen, zonder dat iets van al die indrukken verteerd kan worden. Ik heb zelden zo'n overtuigende visuele vertaling gezien van het gevoel om, met name als jongere, in de jaren negentig in een grote Europese stad te leven, tussen vuil, graffiti en 'fast food'.

Een ontmoeting op een zebrapad met een bijna omver gereden jonge moeder raakt deze Achilles in zijn hiel en brengt alles aan het wankelen. Zijn in al even kernachtige spreektaal formulerende moeder (Ellis van den Brink) adviseert hem dezelfde tocht nog eens langzaam over te doen, net als zij doet wanneer ze haar leesbril kwijt is.

De new-age-intensiteit waarmee de herboren hoofdpersoon plotseling de mensen, bomen en dingen waarneemt kon me in filmisch opzicht minder bekoren dan zijn 'ik-zap-dus-ik-besta-niet'-bewustzijn. Ook de wat gekunstelde ontknoping van zijn bevrijdingsdag zegt me weinig. Toch is Achilles en het zebrapad een van de verrassendste en 'urgentste' films die de laatste jaren in Nederland tot stand kwamen. Dat geldt ook voor eerdere Lolamoviola-afleveringen als Coma en Paul Ruvens En route, die eveneens bewezen dat de spannendste ontwikkelingen op Nederlands filmgebied op dit moment op televisie te bewonderen zijn.