Iedereen wint bij regioverkiezing Italië

ROME, 24 APRIL. Bij regionale verkiezingen in Italië heeft het rechtse blok onder leiding van mediamagnaat Silvio Berlusconi gewonnen, maar niet genoeg om het zakenkabinet van premier Lamberto Dini direct in gevaar te brengen.

Berlusconi en zijn bondgenoten kregen samen ongeveer 43 procent van de stemmen, volgens de prognoses van omstreeks het middaguur vandaag. In acht van de vijftien regio's waar is gestemd, zou rechts hebben gewonnen, al bleken er bij het tellen van de stemmen opvallende verschillen te zijn met de peilingen. “Ik denk dat dit feit, deze uitslag moet leiden tot onmiddellijke verkiezingen om de normale democratische gang van zaken in het land te herstellen,” zei Berlusconi gisteravond in een reactie op de prognoses.

Hij riep zich uit tot de winnaar, maar hetzelfde deed Massimo D'Alema, de leider van de ex-communistische Democratische Partij van Links (PDS). Volgens de prognoses heeft de PDS met 25 procent van de stemmen Berlusconi's partij Forza Italia verslagen in de strijd om de eerste plaats. D'Alema wees erop dat het Berlusconi-kamp niet de absolute meerderheid heeft gekregen waarop het stilletjes had gehoopt en dat de tegenstanders van Berlusconi hem zouden kunnen verslaan, op voorwaarde dat ze hun geschillen kunnen bijleggen.

“Dit is een goed resultaat,” zei D'Alema gisteravond. “Er is een potentiële alliantie die rechts kan verslaan in parlementsverkiezingen. Bovendien maakt het een einde aan iedere discussie over een gedelegitimeerd parlement.” Berlusconi onderbouwt zijn roep om snelle verkiezingen met de stelling dat het huidige kabinet, dat officieel los van de partijen staat maar alleen door centrum-links wordt gesteund, niet de wens van de meerderheid van de kiezers weerspiegelt. Zijn tegenstanders willen dat vóór verkiezingen Berlusconi's macht wordt ingeperkt met maatregelen tegen monopolievorming en belangenverstrengeling.

Rechts heeft volgens de prognoses de meerderheid gekregen in toonaangevende regio's als Lombardije, Piemonte, de Veneto, terwijl links haar traditionale kracht in Toscane, Umbrië en Emilia Romagna bevestigd zag en een opvallend succes zou hebben geboekt in Lazio, de regio waarin Rome ligt.

Volgens Berlusconi zou het resultaat beter zijn geweest voor zijn alliantie als in heel het land was gestemd. De vijf regio's met een speciaal autonomiestatuut zijn gisteren niet naar de stembus gegaan, en in twee daarvan, Sicilië en Sardinië, hebben Berlusconi en zijn bondgenoten grote aanhang.

Volgens D'Alema moeten de tegenstanders van Berlusconi vertrouwen putten uit deze verkiezingen. Als zijn PDS en kleinere partijen die willen deelnemen aan een centrum-linkse alliantie erin zouden slagen een akkoord te bereiken met de federalistische partij Lega Nord en met de communistische hardliners, zouden zij Berlusconi kunnen verslaan. De onderlinge problemen zijn groot. De Lega Nord is bang dat veel van haar kiezers een alliantie met links zouden verwerpen, en Communistische Heroprichting maakt bezwaar tegen een de in haar ogen te centristische koers.

Deze twee sleutelpartijen waren tevreden over hun eigen resultaat. Communistische Heroprichting, gevormd toen de communistische partij in 1991 zijn naam veranderde in PDS, is de vierde partij geworden. Zij staat in de prognoses op 8,6 procent, een groei van twee procent vergeleken met de parlementsverkiezingen vorig jaar. De Lega Nord wist zich redelijk te handhaven. Landelijk gezien daalde zij naar 6,9 procent (9,1 procent vorig jaar), maar in Lombardije, Piemonte en de Veneto blijft zij met een percentage tussen de tien en vijftien procent een belangrijke partij. “De operatie vernietiging die een paar jaar geleden is begonnen, is mislukt,” zei Legaleider Umberto Bossi. “In de regio's waar we sterk waren, hebben we ons gehandhaafd.”

De Nationale Alliantie was minder tevreden. De voormalige neofascisten hadden gehoopt op een beter resultaat dan de voorspelde 15 procent, een winst van anderhalf procent in een jaar. Geconstateerd wordt dat Fini steeds Berlusconi voor laat gaan, de loyale bondgenoot blijft spelen en daarmee iets minder in de schijnwerpers komt. Tot nu toe heeft deze strategie ertoe bijgedragen dat de anst voor deze voormalige neofascisten is verminderd, maar zij kan verdere groei van de partij in de weg staan.