Chip maakt van brutotijd op marathon nettotijd

ROTTERDAM, 24 APRIL. Tienduizend deelnemers stonden gisteren op de Rotterdamse Coolsingel te dringen voor de start van hun marathon. Een eindeloze, dribbelende massa lopers, opgesloten tussen dranghekken van het stadhuis tot aan het Hofplein. Allemaal hopend op een verbetering van hun persoonlijk record. Maar het afgeschermde groepje toppers was al zeven minuten onderweg, toen de laatsten van het peloton naamlozen de startlijn passeerden.

Omdat de starts van wegwedstrijden zo massaal zijn, wist de recreatieve loper tot voor kort nooit precies wat zijn eindtijd was. Hij kende alleen zijn brutotijd, waar het oponthoud bij de start van afgetrokken moest worden om de nettotijd te bereken. In Rotterdam is dat verschil maximaal zeven minuten, in New York of Londen kan dat oplopen tot een half uur. De winnaar, Martin Fiz, probeerde gisteren net onder de 2.09 uit te komen; voor de recreant is het minstens zo belangrijk dat hij onder de vier uur duikt.

Gisteren werd voor het eerst in een marathon van iedere deelnemer die de 42,195 kilometer voltooide de nettotijd gemeten. Alle lopers hadden een 3,3 gram zwaar stukje zwart of geel plastic in hun veters gestrikt. De ChampionChip, die hun doorkomst registreerde bij start en finish. Een vinding van briljante eenvoud, waarmee de Nederlandse bedenker in ras tempo alle grote internationale wegwedstrijden aan zich weet te binden.

In het vastgeveterde plastic zitten een transponder en een antenne. Op de start- en finishlijn liggen zware, tartan matten met een magnetisch veld. Dat veld levert energie aan de transponder; de antenne zendt een code naar de matten; de matten zenden die code door naar een computer waar de doorkomsttijd wordt vastgelegd.

Wim Meijer, ambtenaar bij de provincie Gelderland, bedacht het systeem bijna anderhalf jaar geleden voor de Zevenheuvelen-loop, een wegwedstrijd in Nijmegen waar hij als vrijwilliger de tijdregistratie verzorgde. Daar werd voor iedere loper die over de finish kwam een tijd gemeten en werd na afloop, met een video-opname, naar het bijhorende startnummer gezocht. Omslachtig en arbeidsintensief.

“Bij de 100 meter sprint op een atletiekbaan heb je maar tien lopers”, legt Meijer uit. “De tijd van de winnaar op de marathon is ook geen probleem. Maar de start van de massa bij een wegwedstrijd duurde onverantwoord lang.” Na een zomer denken, puzzelen en uitproberen had hij de oplossing. “Deze techniek bestaat al minstens vijf jaar. Ik kreeg het idee op de boerderij van mijn vader. Koeien hebben zo'n chip om hun hals die automatisch het voer regelt. Dezelfde soort chip gebruik je als je in kantoor een pasje voor een kastje houdt, zodat de deur opengaat. Onderhoudsvrij, omdat er geen batterij in zit.”

Hij perfectioneerde het systeem met twee technisch onderlegde vrienden, bracht het in praktijk in Nijmegen en heeft zijn vinding al een meer dan honderd wedstrijden gesleten. Dit jaar zal ook de marathon van Berlijn, volgend jaar die van Boston de chips gebruiken.

De marathon van Rotterdam was de eerste, omdat, zegt technisch directeur Dick van Maaren, hij nu eenmaal een Rotterdammer is. Er was een probleem. De ChampionChip is opgezet als een koop-systeem. Voor 40 gulden krijgt de atleet een gele chip met een persoonsgebonden code, die in alle wedstrijden te gebruiken is. Maar de Rotterdamse organisatie wilde niet alle deelnemers verplichten zo'n ding te kopen. Dus kreeg iedereen bij zijn startnummer een zwarte chip, die ze na afloop weer moesten inleveren.

Tweehonderd meter achter de finish stonden de lopers gisteren, uithijgend en napuffend, hun veters los te strikken om zich weer te bevrijden van hun zwarte chip. Maar met een nettotijd achter hun naam.