Besluit over koppeling 'voorbarig'; Duisenberg: halveer de lastenverlichting

AMSTERDAM, 24 APRIL. President Duisenberg van De Nederlandsche Bank heeft forse kritiek op het kabinet Kok. De lastenverlichting van 10 miljard gulden die het kabinet voor de eerste twee jaren doorvoert, had hij liever gehalveerd gezien. Het besluit om de uitkeringen en het minimumloon volgend jaar gelijk op te laten lopen met de lonen in het bedrijfsleven, de zogenoemde koppeling, acht Duisenberg voorbarig.

Dit bleek vanochtend tijdens de presentatie van het jaarverslag van De Nederlandsche Bank over 1994.

De huidige discussie over extra lastenverlichting noemde Duisenberg “driemaal misplaatst”. “De dekking door ombuigingen is nog maar ten dele geregeld, terwijl zich al uitgavenoverschrijdingen voordoen en er nieuwe dreigen”, aldus Duisenberg.

Het stimuleren van de economische groei met lastenverlichting, juist op het moment dat die groei toch al opleeft, vindt Duisenberg “onverstandig”. Met zijn voornemens voor lastenverlichting tot 1996 is Nederland al voor het startschot vertrokken, ver voor de Europese partners uit, zei Duisenberg in een toelichting. Als het gaat om het op duurzame wijze verminderen van het overheidstekort bevindt Nederland zich echter “in de staart van het peloton”.

Het pleidooi van sommige politieke partijen om meevallers als gevolg van economische groei om te zetten in nog meer lastenverlichting dan de 10 miljard die voor de jaren 1995 en 1996 is uitgetrokken, noemde Duisenberg “volstrekt onnatuurlijk” en “not done”. Duisenberg wees erop dat Nederland met een staatsschuld van iets minder dan 80 procent van het bruto binnenlands produkt (BBP) boven de Europese norm van 60 procent ligt. Om te voldoen aan dit criterium voor monetaire eenwording moet het overheidstekort volgens de Europese norm de komende tien jaar elk jaar 1 procent van het BBP bedragen in plaats van de 2,75 procent die aan het eind van de kabinetsperiode wordt verwacht. “Dat verschil is groot voor de politiek, maar niet voor de economie”, aldus Duisenberg

Het lage niveau van de Amerikaanse dollar en de munten van landen als Italië en Spanje heeft volgens Duisenberg “een beperkt nadelig effect” op de economische groei en werkgelegenheid, dat volgend jaar al nauwelijks meer voelbaar zal zijn. Duisenberg zei dat de Verenigde Staten zelf de daling van de dollar een halt moeten toeroepen door de structurele oorzaken - een hardnekkig tekort op de betalingsbalans, te weinig besparingen en een te hoog overheidstekort - te lijf te gaan en de rente te verhogen. Tegelijkertijd had hij er begrip voor dat de dollarkoers in de Amerikaanse politiek maar een bescheiden rol speelt. Van de ontmoeting van de G-7, de zeven grootste industrielanden, morgen in Washington, waar de zwakke dollar ter sprake komt, verwacht hij dan ook weinig resultaat.