Studeren loont

Grafiek: Studeren loont: werknemers met een universitaire of HBO-opleiding hebben gemiddeld een behoorlijk bruto inkomensvoordeel boven werknemers die na het HAVO of VWO niet doorstuderen. Binnen de OESO ligt dit voordeel voor de meeste werknemers tussen de 45 en 75 procent. De marktwaarde van de opleidingen verschilt sterk: in Nederland en Italië stijgen de inkomsten met het behalen van een diploma HBO of universiteit gemiddeld slechts respectievelijk 32 en 34 procent, terwijl die van een Finse hooggeschoolde gemiddeld 92 procent stijgen. Dit blijkt uit het OESO-rapport 'Education at a glance'.

Deskundigen van de Organisatie voor Strategisch Arbeidsmarktonderzoek en Hay Management Consultants zien een aantal oorzaken voor de relatief lage marktwaarde van een vervolgopleiding in Nederland. Zo zijn de inkomensverschillen tussen de laagst- en de hoogstbetaalde werknemers hier verhoudingsgewijs niet zo groot als in andere OESO-landen. Daarnaast heeft Nederland relatief veel hoogopgeleiden in de sociale en taalwetenschappen. De vraag naar hen op de arbeidsmarkt is niet zo groot, wat hun salarissen drukt. Overigens verdienen - meer gewilde - technici ook minder dan hun vakgenoten in de omringende landen. Tevens werken veel hooggeschoolden in de publieke sector, waar de lonen de afgelopen 15 jaar zo'n 20 procent bij die in het bedrijfsleven achterbleven.