Iedere toon gebeiteld bij Borstlap

Concert: Het sextet van componist/pianist Michiel Borstlap.

Verder te horen: 23/4 Studio C.N.M. Hilversum (16u, opnamen VPRO-radio), 29/4 SJU-huis, Utrecht, 14/5 Agnietenkapel, Gouda ('s middags).

Dat het niveau van de Nederlandse jazz de laatste jaren enorm is gestegen, is een onloochenbaar feit. De voorsprong van Amerika is nog maar miniem en steekt vooral in de presentatie: de vaardigheid om een publiek te paaien. Dat ook op dit gebied de Hollandse complexen snel verdwijnen bleek gisteravond in het BIMhuis waar het sextet van bandleider Michiel Borstlap de zaal met verve wist te veroveren, inclusief iemand die herhaaldelijk om Ajax riep. Zou een Nederlandse jazzo het vroeger om zo'n portret in zijn broek hebben gedaan, Borstlap diende de schreeuwer speels van repliek en bracht hem daardoor tot een vredig zwijgen, wat handig was gezien de extra functie van dit concert: het maken van opnamen voor een live-cd. Dat was trouwens een uitstekend idee, omdat het sextet van Borstlap sinds Day Off, de studio-cd uit '92, in alle opzichten sterk vooruit is gegaan. In samenspel, zoals bleek in een harmonisch gedurfde bewerking van Monks Mood, een van de weinige 'geleende' stukken in het repertoire, maar ook qua solistische prestaties. Neem Eric Vloeimans, die als opstapje tot A Curve in a Day of a Fool een cadens speelt waar je bijna van achterover slaat; fluisterzacht of keihard, kaarsrecht of gekruld, elke toon staat als gebeiteld. Is dit een Nederlandse jazztrompettist, geen mens zou het tien jaar geleden hebben geloofd.

Ook de saxofonisten Ben Herman en Yuri Honing spelen met verbazingwekkend gezag, niks underdogs, niks conservatorium-lulletjes. Ook drummer Joost Lijbaart, de enige nieuweling sinds '92, speelt voortreffelijk, vooral zijn bekkenwerk, spaarzaam, maar altijd raak, is een lust voor het oor.

Componist/pianist Michiel Borslap stuurt zijn groep bij dit alles op een bijna volmaakte wijze; met alle overzicht die bij een leider past maar zonder enig ijdel vertoon, van alle musici soleert hij het minst. En als het concert tegen half twaalf ten einde is meldt de applaus-meter precies wat past bij zo'n professionele prestatie: niet uitzinnig maar wel heel lang en hartelijk. Dat de toegift een bewerking van het oude Basin Street Blues is, verbaast hierna niet echt meer: wie uit de jaren zestig zoveel nieuws weet te peuren is gewaagd aan elk plaatje uit het jazz-verleden.