Politiek binnen Turkse organisaties in Nederland

ROTTERDAM, 21 APRIL. Voorzitter Mehmet Emin Ates van de Turks Islamitische Culturele Federatie trok zondag onverwacht van leer. De Nederlandse autoriteiten hadden de oprichting van het Koerdisch parlement in ballingschap nooit op hun grondgebied mogen laten plaatsvinden. Als een van de mogelijkheden om het ongenoegen daarover te uiten, noemde Ates een boycot van Nederlandse produkten. Tientallen Turkse organisaties in Nederland reageerden afwijzend op Ates' uitspraak.

Zeven Turkse organisaties, waaronder de Turks Islamitische Culturele Federatie, trokken gisteren de oproep tot de boycot in. “Wij willen de laatsten zijn die schade berokkenen aan de Nederlandse economie” zeiden vertegenwoordigers op een persconferentie in het Haagse Nieuwspoort. Ates, bij de afgelopen verkiezingen voor de Tweede Kamer nog kandidaat voor het CDA, bleek niet langer op te treden als woordvoerder in de kwestie.

De felle reactie van de voorzitter van de Turks Islamitische Culturele Federatie heeft diverse deskundigen verbaasd. Universitair docent N. Landman van de vakgroep Oosterse talen en cultuur aan de universiteit van Utrecht: “Het is een erg politiek onderwerp voor de federatie”. Andere, Turkse organisaties zeggen al langer te weten dat de grootste organisatie van Turkse moslims in Nederland zich met politiek bezig houdt, ook al ontkent de federatie dit. Landman: “De federatie zegt te willen voorkomen dat de moskee voor politieke doeleinden wordt misbruikt.” Hij wijst er wel op dat de federatie sterke banden heeft met de (religieuze) autoriteiten in Turkije. “Op die manier oefent Turkije invloed uit.”

En die invloed reikt ver. De negentig imams die werken in de circa 130 moskeeën die onder de federatie vallen, zijn gestuurd vanuit Turkije. “Het zijn ambtenaren van de Turkse staat”, aldus Landman. “In Nederland worden ze bijgestaan door functionarissen van de Turkse ambassade. Die lezen niet iedere preek vantevoren, maar zien er wel op toe dat de imam niets zegt dat de Turkse belangen schaadt.”

In Nederland wonen per 1 januari 1994 volgens het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) 203.000 mensen van Turkse afkomst. Meer dan vierhonderd Turkse organisaties bekommeren zich om hun belangen. De Turks Islamitische Culturele Federatie is vertegenwoordigd in de Islamitische Raad Nederland, een raad waarin ook Marokkaanse en Surinaamse moslims zitten. Daar tegenover staat de 'rivaliserende, alternatieve' Nederlandse Moslim Raad, waarbij circa vijftig kleinere Turkse moskeeën zijn aangesloten.

De Turkse islamitische verenigingen in Nederland hebben een grote aanhang en zijn in staat meer mensen te mobiliseren dan de Turkse arbeidersverenigingen, zegt voorzitter Ilhan Akel van het Nederlands Centrum Buitenlanders. De moskee neemt daarbij een cruciale plaats in. Akel heeft Turkse en Koerdische organisaties deze week opgeroepen tot een dialoog.

Een aantal Turkse organisaties vindt dat moeilijk; het rommelt al enige tijd tussen de diverse federaties. De perikelen in het Landelijk Inspraak Orgaan Turken, waarbij negen federaties zijn aangesloten, zijn daarvan een voorbeeld. Het bestuur trad drie weken na de installatie op 25 maart af. Een aantal groeperingen, waaronder de Turkse arbeidersvereniging in Nederland, keerde zich tegen de komst van de Unie van Turks Islamitsiche Verenigingen in het inspraakorgaan. “Naar onze mening zijn zij afkomstig uit nationalistische organisaties. En dan heb ik het over de Grijze Wolven”, aldus voorzitter Naci Demirbas van de Turkse arbeidersvereniging in Nederland.

De arbeidersvereniging is de oudste Turkse organisatie in Nederland (1974) en telt volgens eigen zeggen ongeveer zeshonderd actieve leden. De zes afdelingen van de vereniging fungeren vaak als 'bemiddelaar' tussen de Turkse gemeenschap en instellingen als het arbeidsbureau. In het zogenoemde actief-leden-aantal zijn ze inmiddels voorbijgestreefd door de Turkse vrouwenvereniging in Nederland, die naar schatting duizend actieve leden telt en zich ook bezighoudt met werkgelegenheidsprojecten.

Een vreemde eend in de bijt is de Federatie van Turkse sportverenigingen. De federatie liet zich de afgelopen dagen vooral uit over een eventuele boycot van Nederlandse produkten en voorzitter Sabri Kenan Bagci heeft inmiddels de rol van Ates als woordvoerder van het comité van verontruste Turken overgenomen. Volgens ingewijden houdt de federatie zich meer met politiek dan met sport en cultuur bezig.

Voorzitter Ilhan Akel van het Nederlands Centrum Buitenlanders probeert intussen dreigende escalaties binnen de Turkse gemeenschap te bezweren. Ook heeft hij minister Dijkstal (binnenlandse zaken) een brief geschreven waarin hij de bewindsman vraagt de organisaties, zowel Turkse als Koerdische, rond de tafel te krijgen. Want ruzie kan de Turkse gemeenschap missen als kiespijn, meent Akel. “We moeten voorkomen dat iedere Koerd als een terrorist wordt beschouwd en iedere Turk als een potentiële onderdrukker.”'