Een tijdschrift dat praat en beweegt

Medio vol. 2 nr. 3 (april 1995) is verkrijgbaar in een aantal grote boekhandels voor ƒ 19,95

Er komt een nieuw soort tijdschrift aan, een tijdschrift op cd. Op cd's kun je tekst publiceren, foto's, bewegend beeld en geluid. Multimedia wordt dat wel genoemd. Internet kan in principe hetzelfde, maar het kost dagen om via Internet één cd aan data binnen te halen. Internet is goed voor het snel transporteren van tekst, dus voor persbureau-achtige journalistiek. Als het gaat om de bergen data van beeld en geluid, kan iedereen zijn geld op de cd zetten.

Er zijn de laatste tijd in Nederland voorzichtige stapjes in die richting gedaan. Het vakblad ERM voor de elektrodetailhandel heeft een cd-i uitgebracht met produktinformatie voor gebruik door de abonnés en hun klanten. Het is een soort bijlage die twee keer per jaar moet verschijnen. Veel computerbladen komen met bijlagen op cd-rom. Op zo'n cd staat meestal een verzameling computerprogramma's; de bedoeling is het blad beter te verkopen, niet het overbodig te maken. Windows Magazine, ook een computerblad, heeft eind vorig jaar WIN-CD No. 1 het licht doen zien, een 'interactief tijdschrift in beeld en geluid'. Een schuchtere, goedbedoelde poging, met veel pratende hoofden op video. Deze uitgave was los van het blad te krijgen maar van een periodiek is geen sprake. De uitgever verwacht No. 2 pas in september te kunnen leveren.

Het blad Computer!Totaal van de computerclub HCC brengt om de zoveel maanden een cd-rom uit. Ook hier een accent op computerprogramma's. Daarnaast bevatten deze cd's steeds een als elektronisch tijdschrift bedoelde sectie, genaamd MM Magazine, waarbij MM staat voor Multimedia.

Het pas verschenen jongste 'nummer' heeft een audiovisuele produktie over reizen op Internet, een ingewikkelde prijsvraag, een index van een jaar Computer!Totaal en een uitvoerig videoverslag van de HCC-dagen 1994. Lang geen volwaardig tijdschrift.

Sinds het begin van dit jaar is in Nederland het Amerikaanse maandblad Medio verkrijgbaar op cd-rom. Medio bestaat niet op papier. Het gaat bepaald niet alleen over computers. Het verschijnt niet incidenteel maar dertien keer per jaar. Medio is een onafhankelijk, algemeen monthly magazine.

Er is verrassend weinig op Medio aan te merken. De specifieke mogelijkheden van een cd-rom zijn goed gebruikt. De meest voor de hand liggende keuzes zijn steeds in de menu's te vinden, er is een zoekfunctie en er is een mogelijkheid om bookmarks ofwel bladwijzers aan te brengen, om interessante onderwerpen een volgende keer makkelijk terug te vinden. Ook is er gebruik gemaakt van hypertext, dat wil zeggen dat sommige woorden van een tekst in een afwijkende kleur zijn uitgevoerd. Klikken op zo'n opvallend woord brengt je bij extra informatie.

De videobeelden zijn nog steeds slechter dan die van een VHSrecorder, maar ze zijn heel behoorlijk, zowel qua scherpte als qua formaat (ongeveer een kwart scherm). Er is maar liefst een half uur video. De foto's zijn niet zelden prachtig. Het omslagverhaal van het aprilnummer, over de nasleep van de aardbeving in Japan, is geïllustreerd met soms beeldvullende foto's die alleen in een glossy scherper zouden kunnen worden afgedrukt.

De vormgeving is overzichtelijk, soms wat kleurig en druk maar nergens hinderlijk. De advertenties dringen zich niet op; je moet op hun ikoontjes klikken om ze te zien. Maar bij een nieuw medium als dit is het bekijken van de bijdragen van de commercie van harte aan te bevelen. Ze zijn interactief: door klikken kun je verschillende 'niveaus' van een advertentie bezoeken. De mooiste zijn zo modern dat nauwelijks valt te ontdekken wie of wat er nu precies wordt aangeprezen.

Dat de redactie oog heeft voor detail blijkt uit de mogelijkheid om ingezonden stukken direct via een modem op te sturen. Daartoe is Medio voorzien van een tekstverwerkertje en een communicatieprogramma dat automatisch de computer van de redactie in de VS belt. Het opsturen van een briefje duurt zo kort dat de kosten die van een postzegel vermoedelijk niet te boven gaan, en de redactie heeft het bericht hetzelfde moment nog. Overigens wil het met de brieven blijkbaar niet vlotten. Naast vijf inhoudelijk magere lezersbijdragen plaatst de redactie een oproep méér post te sturen. Medio heeft een oplage van ongeveer 100.000 over de hele wereld, waarvan 3.000 in Nederland.

Als de techniek en de vorm om aandacht vechten, zou je de inhoud bijna vergeten. Ook die is de moeite waard. De artikelen zijn in een aantal categorieën verdeeld, zoals nieuws, sport, economie, amusement, kinderen, wetenschap en techniek. De onderwerpen zijn goed gekozen, ze hebben alleen iets aan actualiteit ingeboet door de produktietijd. In elke categorie zijn een paar stukken geïllustreerd met functionele video, foto's of geluid. De rest is alleen tekst. Het accent ligt op Amerikaans nieuws en de human interest is steeds aanwezig. Elk van de artikelen afzonderlijk is bijzonder kort, ongeveer één scherm. Maar bij nadere studie blijkt dat hier een slimme truc is toegepast. Belangrijke onderwerpen worden niet behandeld in één lang verhaal, maar in veel korte. Zo zijn er over de zaak O.J. Simpson 124 van die stukjes, verdeeld in rubrieken als 'Aanklager', 'Verdediging', 'Rechter', 'Jury' en dergelijke. Ook over de aardbeving in Kobe zijn er vele tientallen. Deze uitvoerige achtergrondinformatie compenseert het gebrek aan actualiteit.

Het knappe van Medio is dat de journalisten zich hebben weten aan te passen aan het medium. Geen paginagrote achtergrondverhalen plompverloren op schijf zetten, wel duchtig nadenken over hypertext links tussen het ene artikel en het andere (al zou dat nog wat uitvoeriger kunnen), over het opluisteren van een artikel met geluidseffecten, over schrijven in ultrakorte, onafhankelijk te lezen hoofdstukjes en over de opmaak en indeling van het geheel. Waarschijnlijk hebben we over een paar jaar naast de radio-, de televisie- en de krantejournalist ook de CD-ROM- of multimediajournalist.