Youp van 't Hek

“Heb je zaterdag de column van Youp van 't Hek gelezen?” is een vraag die vaak klinkt. Youp weet als geen ander feiten en verschijnselen aan de kaak te stellen, vaak op een wijze die mijn instemming heeft. Dat geldt ook voor zijn column 'Pasen' van 15 april.

Ik heb mij echter gestoord aan zijn antwoord op de vraag of de kermis van alle op 'het scherm' gebrachte fantasieën qua ontwikkeling nieuw is. “Nee, natuurlijk niet” is zijn antwoord. Hij vergelijkt dan de opstanding van de Heere Jezus Christus en de wonderen die Hij tijdens zijn verblijf op aarde heeft verricht met door hem (Van 't Hek) beschreven duistere figuren. Dat stoort niet alleen mij, maar, naar ik aanneem, veel lezers van NRC Handelsblad. Ook al voegt hij er aan toe, dat het “anders” was.

Ik herinner me de reactie van Youp van enkele weken geleden in de richting van professor Beunders toen hij o.m. zei: “Mijn beledigingen gaan altijd over onschuldige uiterlijkheden”. Wanneer Gods Zoon als 'een gozer' wordt afgeschilderd ervaar ik dat als een niet over onschuldige uiterlijkheden gaande belediging. En dat stoort mij, ondanks mijn waardering voor Youp van 't Hek.