Turkse premier belooft Clinton snelle terugtrekking

WASHINGTON/ANKARA, 20 APRIL. De Turkse premier Tansu Çiller heeft gisteren tijdens een bezoek aan president Clinton in Washington gezegd dat de Turkse troepen spoedig zullen worden teruggetrokken uit Noord-Irak. Clinton had daar bij haar op aangedrongen.

Ciller zei dat ze geen tijdstip kon geven maar voegde daaraan toe dat de meeste bases van de separatistische (Turks-)Koerdische Arbeiderspartij (PKK) zijn ingenomen en dat “het meeste werk is gedaan”. “De reden dat ik geen datum kan aankondigen, is dat het niet eerlijk zou zijn tegenover die mensen in de bergen die de berggrotten doorzoeken op wapens en munitie die gebruikt zou kunnen worden om onschuldigen te doden”, zei zij.

De Amerikaanse onderminister voor Europese zaken, Richard Holbrooke, toonde na het gesprek tussen Clinton en Çiller begrip voor de weigerachtigheid van de laatste om een datum te geven. De Amerikaanse regering heeft altijd begrip getoond voor de militaire operatie in Noord-Irak. De PKK wordt door de Amerikaanse regering als een terroristenorganisatie gezien, en de Turkse invasie zou “defensief” zijn. President Clinton heeft wel aangedrongen op een democratische oplossing voor het Koerden-vraagstuk en een grotere mate van tolerantie in Turkije.

Holbrooke heeft de Westeuropese bondgenoten gekritiseerd omdat ze Turkije onvoldoende gesteund zouden hebben in dit conflict. Turkije wordt gezien als een belangrijke bondgenoot tijdens de Koude Oorlog. Amerika is bang voor desintegratie van Turkije en hoopt dat het land zich verder kan aansluiten bij de Europese Unie.

De uitspraak van Çiller is in lijn met wat de chef operaties van het Turkse leger, generaal Orhan Yöney, gisteren in Ankara verklaarde. Volgens hem “nadert de operatie haar voltooiing”. Turkse kranten meldden dat de nationale veiligheidsraad eind vorig week, vooruitlopend op het bezoek van Çiller aan Washington, had besloten dat het Turkse offensief in Noord-Irak op 15 mei moet zijn afgerond.

De indruk in Ankara is dat de uitspraken van zowel Çiller als van de legerleiding niet alleen zijn bedoeld om de internationale gemeenschap er op te wijzen dat de operatie in Noord-Irak wel degelijk een beperkte tijdsduur heeft, maar eveens om de publieke opinie in Turkije erop voor te bereiden dat de militairen zich spoedig terugtrekken. Onder het banier 'Vooruit Turkije, hand-in-hand met de militairen' heeft het Turkse volk de afgelopen weken massaal steun betuigd aan het doel van de operatie: de bestrijding van de PKK. Eveneens zijn gigantische sommen geld ingezameld ter ondersteuning van het Turkse leger in de strijd tegen terreur. De Turkse staatstelevisie eindigde gisteravond een 54-uur durend live-programma waarin voorlopig ruim 20 miljoen dollar bijeen is gebracht. Ook vanuit andere geledingen in de samenleving, waaronder de populaire krant Hürriyet (vrijheid), zijn inzamelingscampagnes aan de gang.

Volgens generaal Yöney hebben de Turkse militairen, die 35.000 man sterk op 20 maart Noord-Irak binnenvielen, inmiddels voor een kleine 12 miljoen dollar aan wapens en ander militair materieel buitgemaakt op de PKK. Daarnaast is 4,5 ton verdovende middelen in de geheime schuilplaatsen in de bergen gevonden. De Turkse staatstelevisie meldde gisteravond dat bij de operatie in Noord-Irak tot nu toe een kleine 500 PKK-strijders zijn gedood. De schatting van het Turkse leger was dat zich tussen de 2400 en 2800 Koerdische rebellen in de grensstreek ophielden.

Generaal Yöney verklaarde dat de Turkse troepen met hun operatie hadden weten te verijdelen dat de PKK 'bevrijde zones' in vijf gebieden in Noord-Irak opzette. Bovendien was het gebruikelijke voorjaarsoffensief van de PKK nu van de baan, dat het Turkse leger zeker 1.500 doden zou hebben gekost.

Volgens Yöney beschikt het leger over inlichtingen dat zich in twee opvangkampen van de Verenigde Naties voor uitgeweken Turkse Koerden 250 tot 300 PKK'ers schuilhouden. Turkije zou geen plannen hebben om de kampen aan te vallen, maar men eist wel van de VN dat deze “hun niet de gelegenheid geven om opnieuw de wapens tegen Turkije op te nemen”.