Geen doodslag, ook niet bij 150 km waar maar 50 mag

DEN HAAG, 20 APRIL. De motorrijder uit Vrouwenpolder die op 30 april 1994 een zevenjarig meisje uit Vlissingen doodreed, kan geen doodslag ten laste worden gelegd. De motorrijder reed zeker 150 kilometer per uur, driemaal de toegestane maximumsnelheid, toen hij het fietsende meisje aanreed. Na uitgebreide bestudering van het ongeluk stelt het parket van procureurs-generaal in Den Haag dat justitie de 32-jarige motorrijder geen opzet kan verwijten.

Berechting kan alleen plaatshebben volgens artikel 36 van de wegenverkeerswet, met een maximale vrijheidsstraf van 1 jaar en 5 jaar ontzegging van de rijbevoegdheid. Het openbaar ministerie in Middelburg wilde deze weg bewandelen, maar de ouders van het slachtoffertje kwamen daartegen in opstand. Zij wilden dat de man doodslag volgens het gewone strafrecht ten laste werd gelegd.

“Wij vinden dat als iemand zich heel grof onvoorzichtig, heel grof roekeloos, heel grof onzorgvuldig in het verkeer gedraagt, met de dood van iemand als gevolg, daar dan niet alleen een vrijheidsstraf tegenover moet staan, maar ook ontzegging van de rijbevoegdheid. Daarom juist is artikel 36 ooit in de wegenverkeerswet opgenomen”, aldus de Haagse procureur-generaal B.E.P. Myjer.

Volgens Myjer kunnen zich wel gevallen voordoen waarbij de veroorzaker van een ernstig verkeersongeval via het normale strafrecht doodslag ten laste wordt gelegd. Maar dan gaat het bijvoorbeeld om iemand die bewust met zijn auto op een ander inrijdt. Of om iemand die een derde keer door te hard rijden iemands dood op zijn geweten heeft. “Alle omstandigheden van dit geval bekijkend, biedt dit te weinig om van dood door opzet te spreken.”

“Heel triest voor de ouders”, vindt advocaat E. van der Laan uit Amsterdam. “Maar door hun inzet is er inmiddels wel iets losgemaakt. Er wordt wel degelijk verschillend over gedacht.” Van der Laan doelt daarmee op de wens van de Tweede Kamer om weggebruikers die door roekeloos gedrag een dodelijk ongeluk veroorzaken, te vervolgen voor doodslag. “Door gewoon voor de kick op vierhonderd meter een snelheid van 150 kilometer te bereiken, met groot gevaar voor iemand die daar toevallig op het fietspad rijdt, trek je jezelf uit de sfeer van de wegenverkeerswet”, vindt Van der Laan. (ANP)