Bedrijfsmaatschappelijk werk verovert plek in school; Doorgaan tot je erbij neervalt

Overspannen leraren schamen zich ervoor dat het zover heeft kunnen komen en durven met hun klachten niet naar buiten te treden. Bedrijfsmaatschappelijk werk in de school steekt de helpende hand toe.

Nooit opgeven, altijd doorgaan. Docenten in het voortgezet en hoger beroepsonderwijs weten niet van ophouden. Als na jaren de bel voor de laatste ronde luidt en overspannenheid de leraar of lerares buiten de school houdt, is het te laat.

Het bedrijfsmaatschappelijk werk probeert bij scholen een voet tussen de deur te krijgen. Niet alleen om afgeknapte personeelsleden te begeleiden, maar vooral om ziekte en ongelukken te voorkomen. Het Dr. Nassaucollege in Assen en de Noordelijke Hogeschool Leeuwarden laten zien hoe de zorg voor het personeel een steeds grotere plek inneemt.

Thea Brouwer werkt twee jaar als bedrijfsmaatschappelijk werkster bij de Noordelijke Hogeschool Leeuwarden. Elly de Jong heeft eenzelfde functie bij het Dr. Nassaucollege in Assen. Ze zijn niet in dienst van de scholen, maar worden door het Gemeenschappelijk Instituut voor Maatschappelijke Dienstverlening (GIMD) uit Leeuwarden bij de scholen gedetacheerd. Beiden hebben een uitgebreide staat van dienst in het bedrijfsleven. Het maatschappelijk werk in het onderwijs is betrekkelijk nieuw en verschilt op een aantal terreinen van het maatschappelijk werk in het bedrijfsleven.

Elly de Jong: “Het Dr. Nassaucollege telt ca. 300 personeelsleden. Veel ziekmeldingen komen voort uit psycho-sociale klachten. Dat is het terrein van onder meer het bedrijfsmaatschappelijk werk. Ik houd me niet alleen bezig met individuele problemen, maar ook met onderliggende oorzaaken. Ik probeer de problemen aan de organisatie te relateren en mogelijke oplossingen aan te dragen.” Elly de Jong bezoekt regelmatig alle vakgroepen om een zo breed mogelijke inbreng te hebben.

De Noordelijke Hogeschool en het Dr. Nassaucollege hebben grote organisatorische veranderingen achter de rug. “Reorganisaties en fusies beginnen met bestuurlijke en administratieve samenvoegingen. Vaak blijkt, als dit achter de rug is, dat emotionele problemen bij het personeel ontstaan,” zegt Thea Brouwer. “Dan komen ook knelpunten naar boven. Wij laten zien dat een individu vaak alleen een onderdeel is van een probleem, en niet het probleem zelf.”

Ze wijst erop dat een afdeling die slecht wordt geleid, waar een introverte vergadercultuur bestaat en die geen aandacht besteedt aan persoonlijke zaken, op den duur leidt tot ziekte en overspannenheid bij de medewerkers. “Het bedrijfsmaatschappelijk werk (BMW) signaleert in zo'n geval het functioneren, of het gebrek aan functioneren van de afdeling en geeft aan op welke terreinen de oplossing te zoeken is.”

Zowel binnen de Noordelijke Hogeschool Leeuwarden als bij het Dr. Nassaucollege is overleg over zieke personeelsleden geregeld in het sociaal medische team (SMT). Dit is een overleg tussen bedrijfsmaatschappelijk werk, bedrijfsarts en personeelszaken. Samenwerking en afstemming tussen de verschillende functionarissen krijgen zo vaste vorm. Het spreekt voor zich dat overleg plaatsvindt met inachtname van de privacy-regels.

Plannen maken voor terugkeer na langdurige ziekte, mogelijkheden analyseren voor al of niet tijdelijke vervangende werkzaamheden, leidinggevenden informeren en advisering over perspectief van zieke medewerkers op wat langere termijn, zijn zaken die volgens beide BMW-ers onderwerpen van gesprek zijn tijdens bijeenkomsten van de SMT's.

Problemen op het werk hebben een keur aan oorzaken. Fusies, reorganisaties, andere taken, invoering van gezamenlijke proefwerken voor de hele school, veranderd loopbaanperspectief voor 40 tot 50-jarigen, samenvoeging van diverse schoolculturen. Thea Brouwer: “Veel problemen zijn rechtstreeks het gevolg van het werk. Dat is in het onderwijs anders dan in het bedrijfsleven, daar kom ik veel meer privé-problemen tegen. Wat me opvalt is dat onderwijzend personeel tot het uiterste gaat. Er wordt veel gevraagd en door een bepaalde groep personeelsleden wordt zelden nee gezegd. Het mentale elastiek van medewerkers wordt steeds verder opgerekt en als het dan niet meer gaat, is het ook goed mis. De ernst en intensiteit van de problemen waar mensen mee worstelen is opvallend.”

Als oorzaken van de uitval noemt Elly de Jong onder meer de solistische instelling van onderwijsgevenden. “Intervisie, met elkaar problemen bespreken is vrijwel onbekend in het onderwijs,” zegt ze, “in het bedrijfsleven, en ook binnen het maatschapppeljk werk is het heel gebruikelijk dat ervaringen worden uitgewisseld. Mensen geven elkaar steun door elkaar ervaringen te vertellen. Dat zie ik op school nauwelijks gebeuren.”

Thea Brouwer: “Het analyserend vermogen van docenten en leidinggevenden is vaak bewonderenswaardig goed en groot, maar problemen van emotionele aard, storingen in de communicatie en sluimerende conflicten los je niet op door te proberen er met je verstand greep op te krijgen. Je ziet juist vaak een tegengestelde beweging: mensen raken daardoor het contact met zichzelf kwijt, sluiten zich af van hun omgeving en vervreemden tot slot van zichzelf. Een korte periode in zo'n gemoedstoestand verkeren kan geen kwaad. Dat overkomt ieder van ons van tijd tot tijd, maar als dit te lang duurt is de val - ziek of overspannen - onvermijdelijk.”

In de klas spat op het bord een tomaat uit elkaar. De leraar draait zich om, vraagt naar de dader. Niemand heeft het gedaan en de leraar schrijft verder. Er is niets gebeurd. Thea Brouwer: “Mensen kunnen losraken van hun emoties, ze kennen hun eigen gevoelens niet meer, boosheid, verdriet en vreugde laten ze niet meer toe. Ze zijn de band met zichzelf kwijtgeraakt. Je ziet dat die mensen ook privé niet meer van dingen kunnen genieten. In het onderwijs is dit vaak een overlevingsstrategie.”

Elly de Jong voegt hier aan toe: “Als mensen ten onrechte en te lang ontkennen dat (werk)stress een probleem is, kunnen ze daardoor uiteindelijk in grote psychische of lichamelijke problemen komen en uitvallen. Het is een taak van het BMW om de gevoeligheid rondom stress te vergroten, zodat de signalen die mensen geven als ze grote spanningen ervaren worden opgevangen.”

Leidinggevenden kunnen onthand zijn of herkennen signalen die op stress wijzen soms onvoldoende, of ze willen ze niet zien. De rector en directeur hebben het te druk met het formatiebudgetsysteem en lump sum en zien niet wat er aan de hand is op het gebied van onderlinge communicatie. Docenten proberen ieder voor zich ordeproblemen in de klas op te lossen. Thea Brouwer: “Ieder is telkens bezig opnieuw het wiel uit te vinden. Met hulp van het BMW kan een school een gezamenlijke aanpak ontwikkelen. Het is heel wezenlijk om het isolement van de leraren te doorbreken, de problemen moeten algemene problemen worden en niet op de schouders van de individuen terechtkomen. Laat zien dat je zorg voor elkaar hebt. Die cultuur mis ik in het onderwijs, terwijl het beroep erom schreeuwt. 'Je ziet er slecht uit, is er wat?', dat soort vragen moeten veel vaker worden gesteld. Spanningen en verdriet moet je met elkaar delen. Wie dat niet doet, neemt te veel werk mee naar huis, met alle gevolgen van dien.”

Elly de Jong: “Ik denk dat het goed zou zijn wanneer er binnen de vakgroepen naast het praten over de aanschaf van methodes, gezamenlijke toetsen enzovoort, ook tijd ingeruimd wordt om min of meer persoonsgerichte zaken te bespreken. Onderwerpen als: onderlinge verhoudingen, leren omgaan met veranderingen, hanteren van moeilijke leerlingen, ordeproblemen, vragen ook om aandacht. Het BMW kan helpen de communicatie op dat gebied gestalte te geven. Je kunt dat ook intervisie noemen.”

Wie in de problemen zit schaamt zich er vaak voor dat het zover is gekomen en durft geen hulp en erkenning te vragen. Als de voorzieningen er dan ook nog niet zijn is de drempel extra hoog. Wie overspannen is, mist vaak de energie om hulp te regelen, vandaar dat het zo belangrijk is dat een school zelf voor BMW zorgt,'' aldus Thea Brouwer.

“Stress is net een gezwel, als je er vroeg bij bent is er veel leed te voorkomen,” zegt Thea Brouwer. “Dat kan al met één of twee gesprekken. In een vroeg stadium keuzes maken en grenzen aangeven kan veel leed voorkomen, maar soms is daar wat steun in de rug voor nodig.” Ze pleit voor een betere zorg voor de docenten, ook met beperkte middelen kan volgens haar al veel worden verbeterd.

De school is niet de enige bron van spanning. “Natuurlijk spelen ook privé-omstandigheden soms een rol,” zegt Thea Brouwer. “Het is belangrijk om gas terug te nemen als thuis spanningen groter worden, een scheiding, een sterfgeval, opgroeiende kinderen, ze vragen energie. Ze vragen ook om keuzes te maken in het eigen leven. Niet iedereen doet dat op tijd. Keuzes maken en grenzen aangeven is niet altijd gemakkelijk.

Overspannen

Wie onderstaande punten bij zichzelf herkent, kan eens denken aan een gesprek met het bedrijfsmaatschappelijk werk.

Chronisch slecht slapen; concentratieproblemen, geen boek meer kunnen lezen; vakanties overslaan, schoolwerk op de vrije dagen; tot laat in de avond en in de weekeinden met schoolwerk bezig; prikkelbaar (vraag intimi, je bent er zelf doof voor); krimpende vriendenkring; geen tijd voor tuin, muziek, theater, verjaardagen; met vage klachten regelmatig bij de huisarts (migraine, rugklachten, alweer naar de fysiotherapeut); 'sochtends al weerzin tegen de dag; agressie, oorzaak van alle problemen bij de ander leggen; zwart/wit meningen; huilen bij het minste of geringste; vaak en veel leerlingen uit de les sturen; toenemende ordeproblemen; schreeuwen in de les; dichtklappen; collega's mijden.