UEFA-Cupfinale weer Italiaans onderonsje

ROTTERDAM, 19 APRIL. Het Italiaanse clubvoetbal is nog altijd toonaangevend in Europa. Gisteravond plaatsten Juventus en Parma zich ten koste van respectievelijk Borussia Dortmund (2-1) en Bayer Leverkusen (3-0) voor de finale van het UEFA-Cuptoernooi, waarmee de climax van dit evenement voor de derde maal sinds 1972 een geheel Italiaans karakter heeft. In 1990 stonden Juventus en Fiorentina in de eindstrijd, in 1991 waren Inter en AS Roma de beste clubs. In de laatste zes jaar werd de beker vijf keer gewonnen door een vereniging uit de Serie A.

Juventus bereikte in het sfeervolle Westfalenstadion voor de tiende maal in de clubhistorie een finale van een Europees bekertoernooi. Twee jaar geleden was de club van Roberto Baggio in de UEFA-Cupfinale ook al te sterk voor de Duitse topclub. Dit keer kostte het meer moeite. Na het 2-2 gelijkspel in Italië wachtte Juventus op papier een zware opdracht in de return. Maar eens temeer bleek dat de ploeg in uitwedstrijden heel gevaarlijk is. Daarbij kwam dat Dortmund gehandicapt aan de wedstrijd begon. De Duitse internationals Möller, Riedle en Sammer waren geschorst, de Zwitserse spits Chapuisat geblesseerd. Bij Juventus ontbrak de geblesseerde sterspeler Vialli.

Het harde duel kende een spectaculaire openingsfase. Al na zeven minuten scoorde de Italiaanse verdediger Porrini uit een corner van Baggio. Een paar minuten later zorgde de Braziliaan Julio Cesar (ex-Juventus) voor de gelijkmaker. Zijn vrije trap werd van richting veranderd door een Italiaanse speler, waardoor doelman Rampulla kansloos was. Na een half uur zorgde uitblinker Baggio voor de 2-1 ruststand. De kleine spelmaker krulde een vrije trap op sublieme wijze in de bovenhoek.

In de tweede helft had Dortmund een veldoverwicht, maar dit leidde niet tot de gelijkmaker die een verlenging nodig had gemaakt. De Duitsers zagen een doelpunt van invaller Ricken afgekeurd door de Nederlandse arbiter Van der Ende. De voorzet van de Ghanees Tankho zou de achterlijn zijn gepasseerd. Aan de andere kant schoot de Portugese technicus Sousa voor Juventus tegen de binnenkant van de paal.

Parma plaatste zich voor het derde achtereenvolgende maal voor een Europese eindstrijd. Twee jaar geleden won de succesvolle provincieclub de Europa Cup 2 na een zege op Antwerp, vorig jaar verloor Parma in het zelfde toernooi van Arsenal. Tegen Leverkusen was Fausto Asprilla gisteravond in weergaloze vorm. De Colombiaanse artiest scoorde zelf twee keer en hij had een groot aandeel in de derde treffer van Zola. De behendige spitsen vormen een gevaarlijk duo, ook zonder de zwaar geblesseerde aangever Brolin. De Zweedse middenvelder is tot de zomer uitgeschakeld wegens een enkelblessure.

Tegen het teleurstellende Leverkusen kon Brolin gemakkelijk worden gemist. Parma had twee weken geleden het uitduel met 2-1 gewonnen van de erkende cupfighters. Leverkusen won de UEFA-Cup in 1988 en behaalde dit seizoen spectaculaire overwinningen op PSV en Nantes. Tegen Parma bleek het Duitse countervoetbal niet goed genoeg. De nieuwe trainer Ribbeck had de 36-jarige maestro Schuster als libero opgesteld, maar deze tactische vondst pakte niet best uit. Aan de eerste twee Italiaanse goals ging balverlies van Schuster vooraf.

De UEFA-Cupfinale wordt voor de laatste keer beslist in twee duels, waardoor Juventus en Parma elkaar dit voorjaar in totaal nog vijf keer zullen treffen. Beide clubs hadden zich al eerder gekwalificeerd voor de dubbele finale van het Italiaanse bekertoernooi. In de competitie moet Parma nog op bezoek bij Juventus, dat de scudetto bijna niet meer kan ontgaan.