Tijgers blazen marineschepen op

COLOMBO, 19 APRIL. De Sri-Lankese verzetsbeweging Bevrijdingstijgers van Tamil Eelam (beter bekend als de Tamil Tijgers) heeft vanmorgen twee marineschepen opgeblazen, waarbij zeker elf militairen en vier rebellen om het leven zijn gekomen. De aanslag volgt op het opzeggen door de Tijgers, gisteravond, van de wapenstilstand met de regeringsleger. Het incident had plaats bij de oostelijke havenstad Trincomalee. De schepen werden met mijnen opgeblazen.

De leider van de Tijgers, Velupillai Prabhakaran, had vorige maand de 19de april als ultimatum genoemd waarvóór de regering van president Chandrika Kumaratunga tegemoet zou moeten komen aan vier eisen van de rebellen: opheffing van het economisch embargo tegen de Tamil-gebieden, versoepeling van de restricties op vissen bij nacht, verwijdering van een legerbasis van het schiereiland Jaffna en vrij verkeer van guerrillastrijders in het oosten.

Kumaratunga gaf gehoor aan de eerste twee (economische) eisen, maar weigerde in te gaan op de laatste twee (militaire) eisen.

De Tamil Tijgers vechten sinds 1983 voor een eigen staat in het noorden en oosten van Sri Lanka. De oorlog heeft sindsdien aan naar schatting 30.000 mensen het leven gekost. Kumaratunga opende meteen nadat ze vorig jaar augustus de verkiezingen won en premier werd (in november won ze ook de presidentsverkiezingen en droeg het ambt van premier over aan haar moeder Srimavo Bandaranaike) de onderhandelingen met de Tijgers. Dit leidde op 8 januari tot een wapenstilstand.

Vorige week stelde Kumaratunga aan de Tijgers voor begin mei nieuwe besprekingen te houden over verlenging van het staakt-het-vuren, maar gisteravond lieten de rebellen weten zich niet langer gebonden te achten aan de afspraken met Colombo, aangezien hun eisen niet waren ingewilligd.

Kumaratunga heeft vandaag legerofficieren en ambtenaren van het ministerie van defensie in spoedvergadering bijeengeroepen om de heropleving van het geweld in het land te bespreken. (AP, Reuter)