SER: plan-Melkert is wellicht discriminerend

DEN HAAG, 19 APRIL. Het plan van minister Melkert (sociale zaken) om de mogelijkheid te creëren langdurig werklozen aan een baan te helpen onder het wettelijk minimumloon, is volgens de Sociaal-Economische Raad mogelijk discriminerend voor allochtonen en vrouwen. Dat schrijft de SER in een concept-advies.

Melkert wil bedrijven vrijstellen van het betalen van het minimumloon voor werknemers die langer dan een jaar werkloos zijn geweest. De dispensatie moet ook gelden voor allochtonen die onvoldoende ingeburgerd zijn. Melkert wil zo de werkloosheid bij laag- en ongeschoolden bestrijden. De vrijstelling zou voor maximaal twee jaar moeten gelden en de betreffende werknemers zou een vast dienstverband in het vooruitzicht moeten worden gesteld.

Volgens de SER is deze maatregel strijdig met internationale verdragen (onder meer het VN-verdrag voor burgerlijke en politiek rechten en EG-richtlijnen) en met de Algemene Wet Gelijke Behandeling. Deze laatste wet verbiedt het maken van direct en indirect onderscheid op basis van nationaliteit, geloof of ras. Volgens de SER komen vooral allochtonen in aanmerking voor werken onder het minimumloon, omdat onder deze groep het grootste aantal langdurig werklozen voorkomt. Daarnaast zouden vrouwen met een werkende partner relatief vaker de dupe kunnen worden van het voorstel. Zij zullen immers eerder bereid zijn aan de slag te gaan voor weinig loon, om het salaris van hun partner aan te vullen. Volgens de SER zal de rechter moeten uitmaken of het plan van Melkert juridisch door de beugel kan.

Afgeziend van de juridische kanttekeningen is de SER het niet eens met het beleid van Melkert. De werknemersvertegenwoordigers denken dat het onvoldoende soelaas zal bieden, omdat werklozen niet geneigd zijn voor nauwelijks meer dan een bijstandsuitkering te gaan werken. De werkgeversvertegenwoordigers vinden de periode van twee jaar, waartoe Melkert de dispensatie wil beperken, te kort. Bovendien vinden ze het onjuist dat de vrijstelling alleen geldt als er een vast dienstverband tegenover staat.