Mestnorm is genadeslag voor veel bedrijven

DEN HAAG, 19 APRIL. Aanscherping van mestnormen die na het jaar 2000 gaan gelden, zal voor een groot aantal bedrijven de genadeslag en een verlies van zeker 24.000 banen betekenen.

Aanscherping van de normen voor uitstoot van fosfaat en stikstof zijn tot dat jaar echter beperkt. Vooralsnog hebben de bedrijven meer te kampen met markt- en prijsbeleid. Dat blijkt uit de studie Sociaal-economische gevolgen van diverse varianten voor fosfaat- en stikstofverliesnormen. Het deelrapport van het bredere Project Verliesnormen, waarin verschillende ministeries samenwerken met het landbouwbedrijfsleven, werd gisteren gepresenteerd.

In de periode tussen 1992 en 2000 komen in de melkveehouderij 14 tot 16 procent van de bedrijven in de problemen. Bij de leghennenhouderij kan dat percentage oplopen tot bijna dertig procent. Eenzelfde getal geldt voor de zeugenhouderij.

Invoering van strenge normen voor het uitrijden van mest - het kabinet neemt daarover later dit jaar besluiten - betekent naar verwachting de ondergang voor nog eens duizenden veebedrijven. In de aanverwante agrarische industrie verdwijnen dan eveneens duizenden arbeidsplaatsen.

De overheid wil dat na het jaar 2000 niet meer mest op het land wordt gebracht dan de planten kunnen opnemen. In dat geval wordt van 'evenwichtsbemesting' gesproken. Om een snelle plantengroei te garanderen is volgens de boeren echter een extra mestgift nodig. Omdat dit volgens de strengere milieunormen niet meer mag, treedt een zogeheten verliesnorm op, die onderwerp van discussie is. Boeren willen een ruime verliesnorm, overheid en milieubeweging willen die juist verder beperken.

Bij de strengste verliesnormen die worden overwogen wordt uitgegaan van een fosfaatnorm van 10 kilo per hectare en een stikstofnorm van 100 kilo per hectare grasland en 25 kilo per hectare bouwland. In dat geval wordt er een flinke milieuwinst geboekt, aldus de samenstellers van het rapport. Maar daar staan ernstige sociaal-economische gevolgen tegenover. Zowel veehouders als akkerbouwers zouden hun inkomen met tienduizenden guldens zien teruglopen. In de gehele land- en tuinbouw, inclusief de agrarische industrie, zouden circa 24.000 arbeidsplaatsen komen te vervallen.

Ook zonder aanscherping van het mestbeleid zal het aantal banen in land- en tuinbouw afnemen. Door onder meer schaalvergroting bedraagt het aantal arbeidsplaatsen in de land- en tuinbouw in 2000 naar schatting ruim 235.000, bijna 30.000 minder dan in 1990.