Turkije trekt zich deels terug uit noorden Irak

NEW YORK, 18 APRIL. De Turkse premier Tansu Çiller heeft gisteren gezegd dat een deel van het Turkse leger bezig is zich uit het noorden van Irak terug te trekken, maar ze wilde geen datum noemen voor een algehele terugtocht van de troepen.

Çiller zei dit tijdens een toespraak in New York. Ze voegde er aan toe dat het Turkse leger zich pas uit het noorden van Irak terugtrekt na het bereiken van de doelen: het vernietigen van de bases van de separatistische Koerdische Arbeiderspartij (PKK). De veldtocht begon op 20 maart.

Ankara, dat onder sterke druk staat, met name van Westerse landen, om zich onmiddellijk en volledig uit Irak terug te trekken, heeft tien dagen geleden circa 3.000 militairen teruggetrokken. Deze eenheden “hebben hun missie voltooid”, zo zegt Turkije.

Çiller zal de Amerikaanse president Clinton, tijdens hun ontmoeting morgen, geen tijdschema voor de aftocht voorleggen. (De kritiek uit de Washington op Turkije is tot nu toe overigens betrekkelijk mild geweest.) Çiller waarschuwde gisteren dat het Turkse leger “opnieuw kan doordringen” op Iraaks grondgebied na het eind van de huidige veldtocht in Noord-Irak, als dat nodig is om de PKK op te jagen. “Ik zeg nog eens duidelijk: als zich een dergelijke situatie voordoet kan het Turkse leger opnieuw op Iraaks gebied doordringen. Want er is sprake van een wettige verdediging”, aldus de premier. De Turkse inval heeft volgens de officiële cijfers in Ankara tot dusver aan 464 PKK'ers en 56 Turkse soldaten het leven gekost.

Het Turkse leger verhevigde gisteren zijn offensief tegen een basis van de PKK in Oost-Turkije. Naar schatting 25.000 Turkse militairen pogen nog steeds enige honderden 500 PKK-strijders te verdrijven uit de Alibogazi-pas in de Oostturkse Munzur-bergen. Daarbij zijn zondagavond 24 Koerdische strijders omgekomen, aldus militaire zegslieden. “De strijd in het Alibogazi-gebied wordt steeds heviger. Veel PKK'ers zijn gesneuveld”, aldus een legerwoordvoerder.

PKK-strijders doodden zaterdag zeker elf Turkse militairen in een hinderlaag bij de Turkse stad Cizre, nabij de grens met Syrië en Irak. Acht soldaten raakten gewond. De Turken zetten de achtervolging in en doodden 18 PKK'ers. Ook in de provincies Tunceli en Bitlis raakten de PKK en het leger slaags. Daarbij kwamen in Bitlis zeker negen guerrillastrijders om.

Koerdische inwoners van het Noordiraakse Shuarkuk, nabij het drielandenpunt van Irak, Turkije en Iran, zeggen dat de 10.000 Turkse militairen het gebied hebben verlaten. “De Turken zijn uit hun stellingen op de bergwanden verdwenen en hun lichte artillerie is weg”, zei een chauffeur uit Shuarkuk. Dorpelingen zeggen dat helikopters drie dagen lang hebben gependeld om de troepen weg te halen. Ook staken enkele honderden soldaten met vlotten de grensrivier de Gerdyan over. (AFP, Reuter)