Ritzen wil geen ontslagen meer op hogescholen

ZOETERMEER, 18 APRIL. Minister Ritzen (onderwijs) heeft strenge maatregelen genomen om de wachtgelduitgaven in het hoger beroepsonderwijs terug te dringen.

Ritzen heeft vandaag besloten om de boeteregeling voor 'onterechte' ontslagen in het hoger onderwijs per onmiddelijke ingang aanzienlijk te verscherpen, tenzij de hogescholen de garantie afgeven dat er vanaf vandaag geen ontslagen zullen vallen totdat een andere oplossing is afgesproken. Hij schrijft dit vandaag in een brief aan de Tweede Kamer en de hogescholen. De vereniging van hogescholen HBO-raad kon nog niet zeggen of ze bereid is de 'geen-ontslaggarantie' af te geven. In april en mei vallen altijd veel ontslagen in het onderwijs.

Ritzen heeft vandaag verder besloten om in het middelbaar beroepsonderwijs 124 van de in totaal 135 scholen boetes op te leggen wegens overtreding van de wachtgeldbepalingen. Deze scholen moeten het ministerie 46 miljoen gulden aan in 1993 ten onrechte gedeclareerde wachtgeldkosten terugbetalen, omdat uit een accountantsonderzoek is gebleken dat een groot deel van de wachtgelddeclaraties in strijd was met de bekostigingsvoorschriften. Ritzen wil overigens wel voorkomen dat de scholen personeel moeten ontslaan om de boete aan het ministerie te kunnen betalen.

De al maar stijgende wachtgelduitgaven in het onderwijs vormen een groot financieel probleem voor de begroting. In totaal geeft Ritzen 1.064 miljoen gulden uit aan niet-werkende docenten, drie procent van zijn begroting. Op dit moment vinden ook in het primair en voortgezet onderwijs steekproefsgewijze controle-acties op de juiste toepassing van de regels plaats. Voor het universitair onderwijs beraadt Ritzen zich nog over nieuwe maatregelen.

De wachtgelden in het hoger beroepsonderwijs behoren tot de snelst stijgende uitgaven in het onderwijs. Ze zijn de afgelopen jaren gestaag toegenomen van 32 miljoen gulden in 1985 tot ongeveer tweehonderd miljoen gulden in 1994. Voor 1995 heeft Ritzen slechts 135 miljoen gulden ingeboekt. Ritzen heeft vandaag tot de “noodmaatregel” besloten omdat de hogescholen zich volgens hem lang niet allemaal voldoende inspannen om overtollig personeel te herplaatsen. Hij leidt dit af uit het feit dat ondanks de scherpe stijging van wachtgelduitgaven in de afgelopen jaren de werkgelegenheid in deze sector juist is toegenomen van 21.000 volledige arbeidsplaatsen in 1991 naar 22.000 in 1994. Ook noemt Ritzen het opvallend dat er tussen hogescholen grote verschillen in het aantal ontslagen bestaan.