Engagement

Nieuw Wereldtijdschrift, 1995-2. Dedalus / Betapress, 80 blz. ƒ 13,50

Vlaanderens meest professionele en altijd lezenswaardige NWT heeft in het nieuwe nummer werk van Ivan Klíma, Eva Gerlach, Timothy Garton Ash, Eric de Kuyper, Stefan Hertmans, Erik Vlaminck en 'minimalist' Gie Bogaert. Redacteur Herman de Coninck in zijn voorwoord: “het is de tijdgeest zelf die hier eindredacteur gespeeld heeft. Literatuur en engagement: het hangt in de lucht.”

Hertmans, 'vrolijk twijfelende intellectueel', vraagt zich af of het gedaan is met het postmodernisme: “de euforische stemming van de postmoderne coca-cola-vrijheid is definitief voorbij sedert die beruchte negende november 1989”. Bijzonder fraai en fel verwoordt Hertmans, met Bernard-Henri Lévy dichtbij op zijn schrijftafel, de verwarring en vertwijfeling die na het vallen van de Berlijnse Muur in zowel Oost en West hebben toegeslagen. “Inmiddels is het pijnlijk duidelijk geworden dat we voor eens en altijd afscheid moeten nemen van het zo stemmige feestje dat werd aangeduid met het einde der ideologieën. Want alle ideologieën zijn, nu de oude hoogleraren van goede wil eindelijk een beetje beginnen te snappen wat Baudrillards postmodernisme heeft betekend, weer terug in hun meest verschrikkelijke gedaante: racisme, religie, nationalisme. Het einde van het einde der ideologieën! Maar zijn ze ooit wel weg geweest?” Heftig trekt Hertmans van leer tegen nieuw-rechts, waarschuwend voor een nieuwe wereldbrand. Haast smekend klinkt het: “Is het mogelijk om nu, in de laatste jaren van deze vreselijke eeuw, wél genoeg bij de pinken te zijn en de vijand te herkennen voor hij de hele wereld in brand steekt, geholpen door verkeerd begrepen democratische onverschilligheid?”

Ivan Klíma beschrijft in 'Geen heel gewone jeugd' bijna laconiek zijn jaren in het concentratiekamp Theresienstadt. “Als ik terugkijk naar mijn ervaringen, zou ik zeggen dat mijn lijden kleiner was dan dat van de volwassenen.” Af en toe is Klíma zelfs overmatig laconiek, werkt het niet of zelfs averechts: “Al die vriendschappen liepen tragisch af, mijn vrienden en vriendinnen eindigden in de gaskamer; slechts één van hen, degene van wie ik echt hield, Arieh, de zoon van de voorzitter van het zelfbestuur van het kamp, werd op zijn twaalfde doodgeschoten.”

Verder: een interview met Willem Jan Otten waar gezien de spelfouten niemand voor eindredactie gespeeld heeft; en een krachtig kort verhaal van Erik Vlaminck over een Antwerpse zwerver.