Wat laat u zwart doen?

Het schilderwerk? De verbouwing? Het tuinonderhoud? Het huishouden? En wat betaalt u dan? En wordt het dan wat? Of wordt u juist getild en kunt u dan niet klagen, want het was immers 'zwart werk'? Of kijkt u niet-begrijpend terug, als de aannemer, monteur of klusjesman knipoogt en zegt dat het “natuurlijk ook goedkoper kan”? Nee, denkt u bij uzelf, de verzorgingsstaat geeft rechten, maar ook plichten. Belastingen en premies houden de rechtsstaat overeind, zwart werk ondergraaft het. Een rekening mèt BTW, alstublieft. Of voelt u zich een dief van uw eigen portemonnee, als U het aanbod weigert?

Deze week vragen we de lezer om uw ervaringen met zwart werk te noteren. Daarbij gaat het ons vooral om de grenzen aan uw handelen: wat kan er (net) wel en wat kan er (net) niet. Wel de aannemer en niet de tandarts? Wel de werkster, maar juist niet de aannemer? Of helemaal niemand? En vooral: wat was uw meest curieuze ervaring met zwart werk?

Zoudt u inderdaad meer werk 'wit' uitbesteden als de prijs lager was? Een studie van de organisatie voor Strategische Arbeidsmarktonderzoek deze week, suggereert van wel. Er zouden zo'n 123.000 banen bij kunnen komen, vooral in de kinderopvang en huishoudelijke hulp, als de 'witte' uurprijs omlaag zou gaan. Dan moet wel het minimumloon veel lager worden, of helemaal worden afgeschaft. Tweeverdieners zouden bijvoorbeeld gemiddeld vier uur in de week huishoudelijke hulp willen, voor een uurtarief van 12,50 gulden. Het 'witte' uurtarief (inclusief premies en belastingen) ligt nu tussen de 25 en 35 gulden. Ook van het doen van boodschappen en het verrichten van klusjes zouden veel nieuwe banen te verwachten zijn.

Overigens wordt de omvang van de 'officieuze economie' door drs. W.C. Boeschoten en prof. dr. M.M.G. Fase van De Nederlandsche Bank geschat op 5 à 10 procent van het bruto nationaal produkt. De omvang van het zwarte circuit bedraagt dus maar liefst 32 à 63 miljard gulden.

Zaterdags Peil stelt de lezers om de week een vraag, waarop via postbus 8987, 3009 TH Rotterdam, of voor PC-gebruikers per e-mail via Internet op zpeil@nrc.nl, steeds vóór de volgende vrijdag gereageerd kan worden. De drie meest treffende inzendingen worden beloond met een boekebon.