Structuur

De twee partijen in het conflict in de schaatsbond zijn het bondsbestuur en het sectiebestuur langebaan. Langs de zijlijn staan de coaches van de kernploegen en de schaatsers.

Het bondsbestuur vertegenwoordigt alle 155.000 leden van de ijsclubs en schaatsverenigingen. Het sectiebestuur langebaan vertegenwoordigt de veertienduizend schaatsers met een wedstrijd-licentie.

Voorzitter van de bond is David Meijer. Hij is lid van het dagelijks bestuur (DB) van vijf leden, dat de kern is van het bondsbestuur van dertien leden. Het sectiebestuur langebaan is de commissie die verantwoordelijk is voor het langebaanschaatsen op een 400 meter-baan: Rintje Ritsma cum suis. Binnen de KNSB zijn er bijvoorbeeld ook sectiebesturen voor shorttrack en kunstrijden.

De schaatsbond is opgedeeld in acht gewesten. De gewestelijke besturen kiezen het bondsbestuur. De gewestelijke technische commissies, gekozen door de licentiehouders, vaardigen ieder één lid af naar het sectiebestuur langebaan.

JOHAN GROBBÉE, ex-voorzitter sectiebestuur langebaan: “Ik heb met leden van het bondsbestuur nog steeds geen woord gewisseld. Ik kreeg vorige week donderdag 's avonds om acht uur een brief van de bond via een ijlbode. Sindsdien moet het eerste officiële contact nog plaats hebben. Dat vind ik zeer onbehoorlijk. Ik heb begrepen dat er een geheime nota ligt bij het bondsbestuur waarin wordt gepleit om alle acht sectiebesturen (dus ook bijvoorbeeld shorttrack en kunstrijden) de nek om te draaien. We gaan zo terug naar het feodale dictatoriale stelsel binnen de KNSB. Wij, het sectiebestuur langebaan, stonden te dicht bij de rijders. Dat is verkeerd gevallen. Wij hebben geprobeerd het niveau van het hardrijden naar een hoger plan te tillen. En ook om bij de schaatsers het vertrouwen in de bond te herstellen. Dat was helemaal weg. We hebben in de evaluatiegesprekken met de rijders een grotere loyaliteit jegens de KNSB geproefd. Maar niet ten opzichte van het dagelijks bestuur, daartegen bestond nog steeds een wantrouwen. Voorzitter Meijer kondigde in onze bijeenkomst van 21 maart aan dat zijn college ook met de schaatsers wilde praten. Wij mochten daar niet bij zijn. Ik vond dat achterbaks gedoe.

“We hebben een jaar lang hard gewerkt. Er is op ons initiatief een lange termijn beleidsplan ontwikkeld. Dat ligt nu bij de gewestelijke technische commissies. Op 21 maart hebben we onze korte termijnvisie bij het bondsbestuur neergelegd. Een onderdeel van dat plan. Maar toen we het wilden toelichten hamerde Meijer ineens de vergadering af. 'We laten ons niet door de tijd leiden', zei hij. 'Over een week of zes zien we wel verder.' Het sectiebestuur werd als een stel kleine jongens in de hoek gezet. We hebben tevens een nieuw vergoedingenstelsel voor de sporters bedacht en een functionerings- en beoordelings-systeem voor coaches. Dit soort zaken moet je goed regelen, zoals dat in het bedrijfsleven ook gebeurt.

“Augustinus en ik zouden in onze taken ernstig te kort zijn geschoten, fouten hebben gemaakt alsmede onjuiste en vaak misleidende informatie aan het bondsbestuur hebben verstrekt. Dat is toch bij de konijnen af. Het zijn enorme beschuldigingen die op geen enkele manier worden waargemaakt. Er zullen best fouten zijn begaan, maar de schade is nu onevenredig groter. We zouden niet goed hebben gelet op de naleving van het sponsorreglement. Op 6 december is daar inderdaad een gesprek over geweest met het dagelijks bestuur. Na 10 december nam het net geïnstalleerde nieuwe college weer een ander standpunt in. Er ontbraken corrigerende maatregelen voor de rijders die genuanceerder op papier moesten worden gezet. Ik zit er nog op te wachten. Als ik de sponsorcontracten opvroeg, kreeg ik ze niet. Ik weet wel dat het kledingvoorschrift voor sporters aan alle kanten rammelt. Het zit juridisch vol gaten. Enkele rijders hebben zaakwaarnemers. Logisch dat ze naar de grenzen zoeken van wat wel en niet mogelijk is.

“Ik heb begrepen dat David Meijer tien jaar geleden redelijk goed werk heeft gedaan voor de bond. Maar toen was het blijkbaar nog mogelijk om je in de sportwereld dictatoriaal op te stellen. Nu moet je op een moderne democratische manier omgaan met sporters en bestuurders. Elk bedrijf dat zo wordt geleid zou failliet gaan. De KNSB gaat dan ook op deze manier kapot. Sponsors zijn gebaat bij rust en prestaties. De structuur zit zo in elkaar dat je het dagelijks bestuur nooit wegkrijgt. Men houdt zich zelf in stand. Al schiet je er bij wijze van spreken kanonnen op leeg.

“Of wij terugkomen is niet belangrijk, al hebben de coaches Krook en Pfrommer ons na die vergadering van 21 maart gesmeekt niet op te stappen. Ik hoop dat er zich binnen de bond democratische processen voltrekken waarin het bondsbestuur en de gewestelijke technische commissies elkaar zullen vinden. Dat wacht ik af. Vervolgens zal ik naar bevind van zaken handelen. Van alle kanten is me geadviseerd een advocaat in de arm te nemen. Die stap behoort altijd nog tot de mogelijkheden.”

ARNOUD VAN WALSEM, secretaris van het dagelijks bestuur KNSB:

“Ik vind het betoog van de heer Grobbée een huilerig en pathetisch verhaal. Hij speelt de vermoorde onschuld. Het irriteert mij dat een paar dingen onvermeld blijven. Er is het afgelopen seizoen slecht omgegaan met de sponsorbelangen van de KNSB. Als je topsport wilt bedrijven dien je je contracten op een behoorlijke manier na te komen. Als dat niet gebeurt moet er wel tegen worden opgetreden. Grobbée en Augustinus verzonnen keer op keer smoesjes waarom er niets werd gedaan tegen rijders die in overtreding waren.

“Er moest streng op de naleving van het kledingreglement worden gelet. In eerste instantie wilde het sectiebestuur dat vertalen als een automatische schorsing voor de rijders na elke overtreding. Dat vonden wij, het dagelijks bestuur, van de gekke. De overtreding moet wel in verhouding staan met de straf die je wilt opleggen.

“Vervolgens ging het stelselmatig bij vrijwel iedere wedstrijd flagrant fout. Diverse kernploegleden waren kennelijk ontevreden over de financiële beloning. Ze droegen verkeerde kleding, verkeerde aerodynamische pakken en droegen zichtbaar het logo van hun eigen sponsor Craft. Op het WK scheurde Ritsma een pak aan flarden en vervolgens liet hij het reservepak in de kast liggen omdat het zogenaamd niet lekker zat. Het sectiebestuur kwam wel tot verbale exercities, maar nam nooit afdoende maatregelen.

“Op het bondsbureau komt een directeur sportief die wordt belast met de uitvoering van dit soort controlerende taken. De nota waarop Grobbée doelt is waarschijnlijk een discussiestuk over het functioneren van de bond dat het dagelijks bestuur aan het bondsbestuur heeft gestuurd. Maar er bestaat bij ons geen behoefte om de taken van de sectiebesturen te verminderen. Opheffen is helemaal flauwekul. We hebben niet de ambitie om ons te bemoeien met de samenstelling van de kernploegen of de wedstrijdkalender.

“Het is zeker mogelijk dat wij delen van het beleidsplan van het sectiebestuur zullen uitvoeren. Wij hebben dat stuk op 21 maart ook niet van tafel geveegd. We kregen het in handen bij binnenkomst en we vonden dat we niet meteen inhoudelijk konden reageren. De plannen - het aantrekken van coaches voor vier kernploegen - kosten ongeveer een half miljoen gulden extra. Dat geld moet wel ergens vandaan komen.”

Schaatsers RINTJE RITSMA en BART VELDKAMP houden zich voorlopig op de vlakte. De kernploegenleden komen dinsdag bij elkaar om een gezamenlijk standpunt te bepalen.

Ritsma zei donderdag in het televisieprogramma Barend & Van Dorp: “Of het sectiebestuur moet terugkomen hangt af van wat het in de toekomst voor werk mag doen. Het schiet pas op als ze beslissingen mogen nemen. Dat mogen ze nu niet. Misschien moet een aantal mensen van het bondsbestuur in dat sectiebestuur, zodat ze wel beslissingen kunnen nemen.”

“In het bondsbestuur”, zei Ritsma, “zitn zeker een aantal mensen dat daar niet in thuis hoort.” De wereldkampioen ziet voorlopig niets in een alternatieve kernploeg. “Als ik er niet uit kom met de bond, denk ik dat ik deze zomer in mijn eentje ga trainen, zonder ploeg. En dan zie ik wel wat er in de winter gebeurt.”

Veldkamp, die eerder deze week een 'alternatieve kernploeg' een optie noemde, was gisteren voorzichtiger. “Als er met de bond geen oplossing te vinden is, zullen alle rijders wel voor zichzelf aan de slag moeten gaan. Maar een alternatieve kernploeg is nog niet aan de orde. Dat is niet zo eenvoudig te organiseren. In Nederland heb je een sponsor nu eenmaal niet zoveel te bieden.”

“We hebben helaas elk jaar dit soort problemen”, zei Veldkamp. “Het seizoen is al vijf weken afgelopen, maar er wordt nog steeds gepraat. De rijders hadden liever gezien dat deze week de ploegen bekend konden worden gemaakt en dat we over twee weken op trainingskamp konden gaan.”

“Wij willen nog steeds in de bestaande situatie verder. Dat kan ook. Er moet een structuur komen die tot en met de Olympische Spelen in Nagano blijft functioneren. Iedereen, de gewesten, de rijders en het bestuur, moet zich daar in kunnen vinden.”

ARD SCHENK, chef de mission Olympische Winterspelen “Het conflict binnen de schaatsbond lijkt op een soort machtsstrijd. Ik heb gehoord dat het dagelijks bestuur (DB) van de schaatsbond vertrouwelijke nota's zendt naar de acht gewestelijke vertegenwoordigers in het bondsbestuur. Het DB schrijft daarin dat de macht van het sectiebestuur langebaan te groot wordt. Maar wat betekent te veel macht als er goede plannen zijn en de samenwerking soepel verloopt? Het DB zou daar blij mee moeten zijn en niet de handen van die mensen moeten afhakken.”

Schenk staat buiten het conflict. “De bond moet er zelf uit zien te komen. Iedereen dient zich nu nogmaals serieus af te vragen of de technische bestuurders goed werk leveren of niet. En de betrokkenen moeten oppassen dat in de nieuw te vormen situatie niet weer scheve gezichten ontstaan.”

De KNSB is in de ogen van Schenk gebaat met goede plannen en rust. Hij zegt er een beetje van op te kijken dat het contract van mannencoach Wopke de Vegt niet is verlengd. “De Vegt had toch redelijk succes: hij haalde de Europese- en wereldtitel. Aan de andere kant: iedere trainer, ook Ab Krook en Henk Gemser, heeft voor- en nadelen. Soms zijn het subtiele dingetjes die het technisch bestuur na het horen van de rijders doen besluiten een nieuwe coach te zoeken. De betrokkene moet dan niet zeuren - hij heeft een jaarcontract - maar het hoofd buigen.”

AB KROOK, afgelopen seizoen vrouwencoach, daarvoor coach bij de mannen Volgens Krook is de voorbereiding van de schaatsers op het nieuwe seizoen nog niet in gevaar. “Het is nog vroeg, de zomertraining begint half mei. Maar we hebben in Nederland al vaker, door andere of soortgelijke omstandigheden, tijd verloren. De Nederlandse schaatsers zijn topsporters en moeten zich optimaal kunnen voorbereiden. Het is zaak dat de nieuwe structuur snel inhoud krijgt.”

Krook had het afgelopen seizoen niets te klagen over het sectiebestuur dat nu is opgestapt. “Mijn contact waren goed, ook met Grobbée. Ik heb optimaal kunnen werken. Wat mij betreft heeft het sectiebestuur goed gefunctioneerd, zeker als je er rekening mee houdt dat wij als trainers aanvankelijk moeite hadden met de opzet.”

Krook laat doorschemeren dat de rijders zich met hun privé-sponsors te veel vrijheid hebben gepermitteerd. “Daar kan je voordat het seizoen begint over discussiëren. Daarna moeten sporters zich houden aan wat zwart op wit staat.”