Minder roken

Nu ga ik niet zeggen dat ik nog steeds verlegen ben. Niet in deze krant. Je kunt niet ten overstaan van duizenden lezers van alles en nog wat over jezelf vertellen en dan ook nog eens beweren dat je eigenlijk, eigenlijk, nog steeds verlegen bent.

Ik heb, als het zo uitkomt, geen enkele moeite met het hanteren van mensen die ik niet ken. Mocht ik in gezelschap een norse indruk maken, dan is dat omdat ik het niet naar mijn zin heb, niet uit verlegenheid.

Radio en televisie - ik zeg niet dat het altijd even geslaagd is, maar ik ben er niet te verlegen voor, ik maak me vooraf niet zenuwachtig en ik heb er achteraf geen nachtmerries van (maar ik luister of kijk dan ook nooit naar mijzelf).

Zet mij voor een volle zaal en ik zit nergens mee. Heus, het is prettiger zelf het woord te voeren dan te moeten zwijgen terwijl iemand anders het woord voert.

Het maakt mij kortom weinig uit hoe er over me gedacht wordt. Ik weet maar al te goed hoe weinig het uitmaakt hoe ik zelf over anderen denk, en laten we wel zijn: het meest waarschijnlijke is dat er helemaal niets over je gedacht wordt.

Maar nu ben ik, op andermans aandringen, aanzienlijk minder gaan roken. En nu geneer ik me toch tegenover de sigarenman. Ik leg mijn schamele tientjes op de toonbank en durf hem nauwelijks in de ogen te kijken. Hij zal mij toch niet belachelijk vinden?