Helmut Rettenmaier; Ik koester geen enkele wrok meer

“Als me nu voor goud geld een functie bij Philips zou worden aangeboden, dan zou ik 'neen' zeggen. Niet omdat ik enige wrok koester, maar omdat ik als kleine zelfstandige ondernemer bezig ben de volgende fase in mijn leven op een leuke manier inhoud te geven.”

Ir. Helmut Rettenmaier (57) uit Eindhoven, getrouwd en vader van drie nog studerende kinderen, zette op 29 januari 1993 in zijn agenda met vette letters het woord 'Phinito'. Na een dienstverband van bijna 25 jaar moest hij wegens de operatie Centurion Philips verlaten. Daar werkte hij de laatste drie jaar als opleidingsfunctionaris bij het Natuurkundig Laboratorium. Van de dertig mensen op zijn afdeling bleven er uiteindelijk negentien over.

Meer dan een kopje koffie met collega's kon er ten afscheid niet af, want, zoals Rettenmaier zich herinnert “de tijden waren zeer sober”. Dezelfde middag gaf hij voor eigen rekening een afscheidsborrel in het Academisch Genootschap.

Al een jaar eerder had Rettenmaier, Duitser van geboorte, de bui zien aankomen. Er kwamen almaar nieuwe boodschappen over bezuinigingen en reorganisaties. “In de gang zag je voor sommige kantoren al stapels ordners liggen van mensen die hun kantoor aan het leegruimen waren.”

Het waren onbehagelijke maanden. “De laatste weken raakte je behoorlijk geïsoleerd, je voelde je zelfs een beetje een paria. Je werd eigenlijk op ijs gelegd. Een vriend van me had gezegd: zorg dat je met goede innerlijke gevoelens afscheid neemt, dat je niet omziet in wrok, want dat is niet goed voor de verdere invulling van je leven. Ik had in die dagen de neiging om wrokkig te zijn. Ik was nog maar juist overgestapt naar de Opleidingen en daarbij was me voorgespiegeld dat ik er tot mijn pensionering kon blijven zitten.”

Omdat hij op dat moment nog geen 55 jaar was, kwam hij niet in aanmerking voor de regeling Vervroegde Uittreding Oudere Medewerkers (VROM). In die regeling kon men tot aan het pensioen 87,5 procent van zijn netto salaris blijven ontvangen. Door tussenkomst van zijn vakbond, de Vereniging van Hoger Personeel Philips (VHPP) en door wat hij noemt “het warm menselijk pleidooi” van het hoofd Personeelzaken van Philips, lukte het toch zijn dienstverband te rekken totdat hij wel in de VROM kon.

In de tijd die hem nog restte maakte hij gebruik van de door Philips geboden mogelijkheid om aan sollicitatie-oefeningen mee te doen. “Daar kon je met je collega's die in hetzelfde schuitje zaten praten. De behoefte aan praten was in die dagen bijzonder groot.”

Nog voordat Rettenmaier Philips officieel verliet, had hij contact opgenomen met de door ontslagen Philips-werknemers opgerichte Vereniging SMIT, wat staat voor Specialisten voor Management, Informatica en Telewerken. Daar is hij nu bij aangesloten met zijn bedrijfje dat de naam Creaduct draagt. Aan bedrijven geeft hij zogenoemde in-company-trainingen. Hij leert mensen hoe ze keukens moeten verkopen, hoe ze bakkerijmachines verder kunnen automatiseren, hoe ze hun dagelijks werk beter kunnen plannen, hoe ze het maximale kunnen halen uit hun computers of hoe ze tot innovatie van hun produkten kunnen komen. Daar komt nogal wat psychologie bij kijken. “Psychologie is altijd mijn geheime interessegebied geweest.”

Rettenmaier laat zich voor die trainingen “goed betalen”, want de inkomsten die hij geniet als hij meer dan acht uur per week werkt worden gekort op zijn VROM. Andere opleidingen geeft hij gratis. Dat zijn activiteiten die hij verricht in het kader van het Programma Uitzending Managers (PUM), een werkgeversinitiatief waardoor oud-managers hun vaardigheden in dienst kunnen stellen van bedrijven en instellingen in het buitenland. “Dan blijf je in de running en kun je je netwerk voor het betaalde werk uitbreiden”, verklaart Rettenmaier.

Afgelopen maart was hij voor een maand via het PUM werkzaam in Nicaragua, waar hij hielp bij de automatisering in een ziekenhuis in de hoofdstad Managua. Hij zegt een uiterst gelukkig mens te zijn. Rettenmaier, op zijn als kantoor ingerichte zolderkamer: “Ik heb mijn vrijheid en tegelijk een nieuwe uitdaging. Wat ik bij Philips nog zo graag had willen blijven doen - mensen laten meedelen in mijn kennis en ervaring - kan ik nu op míjn manier doen. Dat geeft je óók het gevoel dat je nog meetelt.”