Gerard Reve

Gerard Reve: Op zoek. Uitg. de Bijenkorf, 63 blz. Prijs ƒ 5,-

Nadat hij in Bezorgde ouders zelfs van dieren katholieken had gemaakt komt Gerard Reve in Op zoek, een huisuitgave van de Bijenkorf, met een nieuw geloof. Arthur Huisman, 32 jaar, gehuwd, heeft interesse voor het bovennatuurlijke - al is hij als de dood om ergens betrokken bij te raken. Hij bezoekt een lezing over het paranormale en wordt aangesproken door een jongeman in lichte trance, die hem waarschuwt. “U wordt bedrogen.” Eerst gelooft hij daar niet veel van, het is allemaal maar 'poppenkast', maar als hij weer op huis aan gaat bevangt hem toch een vreemde leegte. En als hij dan een man ziet lopen, voor zich uit, zijn eigen tuinpad op, de voordeur door, dan vult de leegte zich met angstige vermoedens. Wat te doen?

In het getob dat volgt komt veel vertrouwds voorbij: een 'onwederstaanbare jongen, en nog lief ook', en een lange stoet van reviaanse loze vragen en open deuren. “De een interesseerde zich voor dit, de ander voor dat. Mensen waren toch niet allemaal precies hetzelfde?” Maar hilarisch wordt het nergens, want je voelt er nergens meer de reviaanse onmacht in van het idee dat God een doel in deze wereld legt dat zich maar niet wil openbaren, verwoed geloof ten spijt. Het paranormale heeft met dat geloof niet veel van doen en blijft een loze vondst, een kapstok voor van alles wat de schrijver al eens eerder heeft gezegd. De openingszin van Op zoek is een variatie op de openingszin van Bezorgde ouders, die een variatie op de openingszin van De avonden is - en zo verder.

Reve is Reve is Reve, maar steeds een beetje minder.