Berndsen stelt orde op zaken bij Nedlloyd

ROTTERDAM, 14 APRIL. De financiele wereld heeft Nedlloyd gisteren na de bekendmaking van een netto winst over 1994 van 92 miljoen gulden overstelpt met lovende analyses. Winstverwachtingen in aandelenrapporten zijn naar boven bijgesteld; het aandeel Nedlloyd vormde gisteren de grote 'attractie' op de Amsterdamse effectenbeurs, die al min of meer in de rustige roes van het Paasreces verkeerde. Het scheepvaart- en transportconcern uit Rotterdam bruist weer. Na alle onrust en verliezen die het de afgelopen jaren te verwerken kreeg.

De afgelopen jaren waren de banden tussen de beleggerswereld en Nedlloyd steeds brozer geworden. Voormalig topman Rootliep kreeg stormen kritiek en bergen problemen te verwerken. Met als absoluut hoogtepunt de mislukte coup van de Noorse raider Torstein Hagen, die meer invloed eiste op het beleid. Maar Rootliep en zijn commissarisen hielden dat steevast tegen.

Op die manier werd de weg vrijgemaakt voor de van verzekeraar Aegon overgekomen Leo Berndsen. Hij wist weliswaar weinig van transport, maar Nedlloyd had dringend behoefte aan een financiele topbestuurder die het vertrouwen van de financiele markten in het havenfonds zou kunnen herstellen. Dat was door langdurige ruzies tussen bestuur en aandeelhouders steeds verder uitgehold. Berndsen heeft twee kerncredo's: geld verdienen en de winst per aandeel. Zelf afficheerde de bestuurvoorzitter zich in een interview met deze krant als een man met een passion for profit.

Anderhalf jaar na zijn aantreden aan de Boompjes plukt Nedlloyd daar al de vruchten van. Intern had Berndsen bij Nedlloyd al snel de zaken onder controle. De Nedlloyd-topman stelde drie doelen aan de managers binnen Nedlloyd. Allereerst moest elke divisie binnen het concern op korte termijn voldoen aan een voor Nedlloyd-bergrippen rigide rendementseis, waarbij 10 procent op het geinvesteerde kapitaal moest worden behaald. Verder zou Berndsen er voor zorgen dat de langlopende schuld van het bedrijf met 500 miljoen zou worden teruggebracht en ten slotte wilden Berndsen c.s. - zoals eerder aangegeven - zo snel mogelijk het vertrouwen van de kapitaalverschaffers definitief terugwinnen. Zaken die momenteel wonderwel op koers liggen.

Berndsen wordt in zijn ambities gesecondeerd door financieel directeur H. Meijer, de oud Daf-bestuurder die met Berndsen gemeen heeft dat zij beiden geen Nedlloyd-verleden met zich meetorsen. Het duo richt de blik op oneindig en maar op een ding: rendement. Het heeft een ander Nedlloyd tot gevolg; een onderneming waarin winst maken voortaan centraal staat.

De 'geloofsbrieven' van Berndsen zijn aangeslagen binnen Nedlloyd. Het bedrijf dat minderheidsdeelnemingen heeft in ondermeer Neddrill (offsshore), Smit Internationale (berging, offshore, sleepvaart), ECT (containeroverslag), Martinair en CTA (overslag), floreert met name weer in de twee kernactiviteiten: zeescheepvaart en Europees transport en distributie.

Bij de eerste activiteit is het resultaat uit gewone bedrijfsvoering spectaculair toegenomen. Bij transport en distributie zijn de negatieve cijfers van 1993 in zwarte cijfers omgebogen. Met name door het grotere goederenvervoer, prijsstijgingen, en niet in de laatste plaats door rigoureuze kostenbesparingen en efficiency-maatregelen binnnen Nedlloyd zelf.

Berndsen is een fervent zeezeiler. In zijn werkkamer hangt tussen olieverfschilderijen van oude stoomschepen, de voorlopers van Nedlloyds hypermoderne containervloot, een grote foto van zijn zeiljacht op volle zee. Om die reden vervult de geslaagde herstructurering van Nedlloyd Lijnen Berndsen met gepaste trots.

Door samenwerking met andere rederijen, capaciteitsbeheersing en kostenverlagingen is het containervervoer over zee op dit moment een directe moneymaker bij Nedlloyd. Een groot succes als wordt bedacht dat in de tijden van Rootliep de vraag steeds luider werd gesteld of Nedllloyd - hoe onwaarschijnlijk dat voor Nederlands grootste rederij ook mocht klinken - misschien maar het beste afscheid zou kunnen nemen van zijn maritieme activiteiten.

Voor Berndsen is dat bij Nedlloyds 'nieuwe stijl' uitgesloten. Wel blijven de marges in de sector zeescheepvaart smal om geld te kunnen verdienen. De Nedlloyd-voorzitter is dan ook niet al te gecharmeerd van 'gezanik' uit Brussel waar men zich grote zorgen maakt over de kartelvorming van de grote containerrederijen in de wereld. Ook mag er voor Berndsen voor de toekomst niet al te vast van worden uitgegaan dat Rotterdam per definitie de thuishaven van Nedlloyd is. Een schip kan overal heenvaren. Zelfs naar Antwerpen. En al helemaal als dat meer geld oplevert.