Een bont gezelschap komt de Koerden feliciteren

Na vijf maanden voorbereiding is gisteren in Den Haag een Koerdisch parlement-in-ballingschap opgericht, dat de stem van de (Turkse) Koerden moet worden. Maar een vaste standplaats heeft het officieel nog niet: voorlopig moet het verstoppertje spelen.

DEN HAAG, 13 APRIL. 's Middags komen gasten de Turkse Koerden gelukwensen met hun nieuwe parlement-in-ballingschap. Petrovitsj van de Russische Liberaal-Democratische Partij (de extreem-nationalisten van Zjirinovski), een parlementariër uit Wales, een Tamil-Tijger. Ze spreken een paar woorden Koerdisch, verketteren de volkerenmoord in Turkije, delen mee zelf ook voor een parlement te strijden (Wales) of kondigen erkenning van het Koerdische parlement aan (een Bask en een Catalaan). En allen tonen zich zeer solidair.

Het was een bont gezelschap: de gevestigde orde ontbrak gisteren in het Haagse Congresgebouw. Op enkele Belgische en - traditioneel anti-Turkse - Griekse parlementariërs na waren uit de Europese landen geen parlementaire vertegenwoordigers van grote politieke partijen aanwezig. Er was zelfs geen enkele Nederlandse parlementariër gekomen. Het verried hoe ongemakkelijk Europa zich voelt onder dit initiatief van de Koerden, dat immers door NAVO-bondgenoot Turkije in alle toonaarden wordt veroordeeld als uiting van separatisme van de zijde van een terroristische organisatie, de PKK.

Na de aankondiging van de oprichting van het parlement-in-ballingschap, in januari, reisden Koerdische vertegenwoordigers de wereld af om hun stap aan te prijzen en een standplaats voor hun parlement te vinden. Turkije voerde een tegen-campagne: het liet in bevriende hoofdsteden weten elke medewerking aan het Koerdische initiatief als een onvriendelijke daad te zullen beschouwen. België, dat het voorbereidingscomité van het parlement-in-ballingschap herbergde en naar veler verwachting ook het orgaan zelf zou gaan huisvesten, werd vorige maand geconfronteerd met de afgelasting van het bezoek dat de Turkse parlementsvoorzitter, Cindoruk, zou brengen. Later werd ook een bezoek van vice-premier Çetin uitgesteld.

De organisatoren hadden de grootste geheimhouding betracht over de plaats van de inauguratie: op de uitnodiging stond wel het programma maar niet de lokatie vermeld. Maandag werd die de genodigden telefonisch doorgegeven. Evenzo willen zij nu niet zeggen waar de vierdaagse parlementszitting die vandaag zou beginnen als vervolg op het plechtige openingsfeest, plaatsheeft. “Een geheime plek in West-Europa”, zegt Nizamettin Toguç, een van de zes ex-leden van het Turkse parlement die van het parlement-in-ballingschap deel uitmaken. Een niet-parlementaire Koerdische zegsman verklaart dat die plek eveneens in Den Haag te vinden is, maar de nieuwe parlementariërs zwijgen.

Speelt het parlement verstoppertje? Ja, knikt de tolk, maar Toguç ontkent dat. “Wij verbergen ons niet, ons optreden is openbaar.” Maar er zijn veiligheidsredenen; Turkije wil door druk uit te oefenen verhinderen dat het parlement bijeenkomt, en daarom moet er het een en ander worden geheim gehouden. Toguç is verder optimistisch. Hij heeft vorige week het Noorse ministerie van buitenlandse zaken gevraagd te bemiddelen in de speurtocht naar een vestigingsplaats voor het parlement, “zoals de Noren ook in de Palestijnse kwestie hebben bemiddeld”, en hij vond de sfeer positief.

Ali Sapan is een belangrijk leider van het Nationaal Bevrijdingsfront van Koerdistan (ERNK), de politieke arm van de ook door Europese landen als terroristisch gebrandmerkte PKK (Koerdische Arbeiderspartij). Ook hij wijst op het veiligheidsaspect. “Alles wat Koerdisch is, is verboden door Turkije - en dan vragen jullie je af waarom wij ons verbergen!”

Sapan had zich eerder op de persconferentie na de inauguratie de onbetwiste leider getoond van de vijf vertegenwoordigers van verschillende groepen in het parlement die vragen beantwoordden. Zijn ERNK levert inderdaad de grootste parlementsfractie, met 12 van de in totaal 65 zetels. Maar zijn invloed gaat verder dan dat. Vertegenwoordigers van de andere groepen hebben er geen enkele moeite mee te erkennen achter de “nationale bevrijdingsstrijd” in het Koerdische zuidoosten van Turkije (of zoals het hier heet: Noordwest-Koerdistan) door de PKK te staan en het ERNK te steunen. “We kunnen de sympathie voor het ERNK niet tegenhouden”, zegt Sapan later. “Maar dat moet ons ook niet bang maken. Iedereen krijgt de ruimte, want anders hebben de beslissingen van het parlement geen waarde. Aan de andere kant hebben ze ook geen waarde als het ERNK niet zou meedoen. Zo is in uw land een regering zonder de PvdA ondenkbaar.”

Op de persconferentie onderstreepte de voorzitter van de openingsvergadering, Ismet Vanly, dat het nieuwe parlement zich ten doel stelt het recht op zelfbeschikking voor het Koerdische volk te verwezenlijken. En dat kan, zo zei hij, autonomie binnen een federaal Turkije betekenen, maar ook “nationale onafhankelijkheid”.

Heeft Turkije dan geen gelijk als het dit parlement veroordeelt als oefening in separatisme?

Sapan: “Separatistisch is Turkije zelf, doordat het het Koerdische volk niet erkent. Dit parlement zal juist een lijm-functie hebben, door iedereen op gelijkwaardig niveau te brengen en eenheid te scheppen. Maar we hadden ook geen mooie woorden uit Ankara verwacht. Daar voeren ze hun genocide-politiek.”

PKK-leider Öcalan heeft zojuist Turkije vredesonderhandelingen aangeboden, als het zich eenmaal uit Noord-Irak heeft teruggetrokken. Gaat het parlement een staakt-het-vuren afkondigen om dit aanbod te versterken?

“Het parlement zou zo'n besluit kunnen nemen, die kracht heeft het. Maar een eenzijdig bestand zou de vernietiging van de Koerden betekenen, dat is de realiteit.”

“Als mijn identiteit wordt ontkend, als uitroeiing politiek wordt, heb ik geen andere oplossing dan vechten”, had Sapan eerder op de persconferentie gezegd. De vier anderen aan de tafel knikten instemmend.