De leer die komt als vijgen na Pasen

NIJMEGEN. De theoloog zit in een comfortabel ribfluwelen fauteuil. Waarschijnlijk zat hij liever achter zijn computer, aan de andere kant van deze volgepakte studeerkamer. Om verder te typen aan het oeuvre dat hem tot de meest vertaalde auteur van non-fictie in het Nederlandse taalgebied heeft gemaakt. Edward Schillebeeckx is tachtig, zijn haar is wit, maar dat is het al jaren.

Naast hem op het tafeltje ligt een dikke paperback. Het boek heeft de look and feel van de nieuwe handleiding van Wordperfect, maar het is de gebruiksaanwijzing van een veel groter programma. Ook hier een opsomming van problemen en mogelijkheden, ook hier een register van vraagstukken en tegenvallers. Maar waar de gebruiker van de tekstverwerker tobt met voetnoten en printerdefinities, daar snijdt de twee weken geleden verschenen Katechismus van de katholieke kerk heel wat fundamenteler problemen aan. Toch zijn de aanwijzingen verrassend simpel en beknopt. In een wereld waar de normen steeds meer ter discussie staan is deze catechismus een helder baken. Echtscheiding? Immoreel. Doodstraf? Volgens de leer van de kerk niet uitgesloten. Gezag? Elke menselijke gemeenschap heeft het nodig, het is geworteld in de menselijke natuur. Geloof? We zijn tegenover God verplicht in Hem te geloven.

En zo verder, in 733 pagina's wordt een overzicht gegeven van de katholieke geloofsleer zoals het Vaticaan meent dat het goed is. We hebben hier niet te maken met een nationale catechismus zoals die in veel landen is uitgegeven. Dit is de opvolger van de Catechismus Romanus uit 1566, dit is de leer zoals die door het hoogste kerkgezag is vastgesteld. De oertekst is in het Frans, en daarvan zijn de vertalingen gemaakt.

Schillebeeckx heeft die Franse editie ruim twee jaar geleden gelezen. De Nederlandse editie komt hem veel te laat, “als vijgen na Pasen”.

Het is nog niet eens zo'n slechte catechismus, vindt hij. Het boek staat bepaald niet in het teken van de moderne theologie, maar de bevindingen van het Tweede Vaticaans Concilie worden wel voortdurend aangehaald, en daar hebben de progressieven toch een aantal overwinningen behaald. Hier en daar komt Schillebeeckx zelfs een term tegen die wel aan zijn eigen werk ontleend lijkt te zijn.

Dat neemt niet weg dat hij dit boek toch afwijst. Al in 1989 heeft hij in een publikatie gewaarschuwd tegen het idee dat je een geloofsboek kunt maken dat voor iedereen geldt, of hij nu Afrikaan, Amerikaan of Europeaan is. “Men doet alsof het geloof uit de hemel is komen vallen, alsof het altijd zo geweest is. Maar het geloof is altijd in ontwikkeling, het geloof moet bemiddeld worden, het moet ingebed worden in de menselijke ervaring.”

Je moet het zo zien, zegt Schillebeeckx. De kern van het geloof in God is wel steeds dezelfde, maar de uitwerking op moreel gebied moet elke keer weer worden geanalyseerd. Het evangelie geeft inspiratie, geen politieke richtlijnen. Neem de massale werkloosheid. Voor een christen is het feit dat zovelen aan de kant staan moeilijk aanvaardbaar. Vanuit zijn zorg voor de medemens komt bij hem de vraag op of hij niet een deel van zijn eigen verworvenheden moet afstaan aan de ander. “Hoe dat dan moet, dat moet onderzocht worden, daar kan het geloof geen recept voor geven. Het christendom zegt ook niets specifieks over het mestoverschot. Wel dat we eerbied voor de schepping moeten hebben. Daaruit kun je afleiden dat we de wereld niet moeten vervuilen.”

Het is een menselijke vorm van godsdienst waar Schillebeeckx voor staat, en die opvatting heeft hem al verschillende keren met Rome in conflict gebracht. Drie keer ondernam het Vaticaan een schimmig proces tegen hem. Hij is er nooit erg van onder de indruk geweest. Een theoloog die de historische traditie zo goed kent, zich zo bewust is van de veranderlijkheid van de officiële leer, die zal zich ook niet laten tegenhouden door de toevallige opvattingen van een groep heren in Rome.

Deze opstelling heeft ook altijd op sympathie van veel agnosten kunnen rekenen. In de rede, in de wetenschap moet gediscussieerd kunnen worden en kan de uitkomst niet van te voren vaststaan. Waar de nieuwe Katechismus de geloofsleer en de ethiek als onveranderlijk en van God gegeven voorstelt, daar heeft een man als Schillebeeckx aangetoond dat het mensen zijn die het beeld van Jezus creëren en veranderen, dat mensen de conclusies over priesterwijding, echtscheiding en abortus trekken, en, zo kunnen we daaraan toevoegen, dat het mensen zijn die die beelden later weer van het goddelijk zegel voorzien. Het is een door en door sociologische opvatting van religie. Wie het laatste nummer van het Amsterdams Sociologisch Tijdschrift ter hand neemt herkent de thematiek. Enkele sociologen behandelen daar de vraag wat nu precies de civiliserende werking van religie is. Is religie, zoals Norbert Elias meende, steeds precies zo 'beschaafd', zo 'geciviliseerd' als de maatschappij die haar draagt? Of heeft religie een civiliserende werking van zichzelf? Johan Goudsblom verduidelijkt die twee posities aan de hand van de opvattingen van Lucretius en Augustinus. “Volgens Augustinus is er geen (ware) beschaving mogelijk zonder (ware) godsdienst; volgens Lucretius is iedere godsdienst mensenwerk, en dus een produkt van menselijke beschaving.” Goudsblom vindt de Lucretiaanse visie de meest vruchtbare, en hij voegt er aan toe dat die opvatting nog volop ruimte biedt “voor een erkenning van de grote betekenis van godsdiensten voor het civilisatieproces.” Dus ook als je erkent dat de godsdienst niet vooroploopt in morele zin, maar eerder het morele niveau van de samenleving weerspiegelt, dan nog kunnen ze wel werken, die godsdienstige voorschriften. Ze worden immers bij voortduring en plechtig onder de aandacht gebracht, en dat werkt. Zoiets zal ook Bolkestein door het hoofd hebben gespeeld toen hij zijn pleidooi hield voor de herleving van christelijke waarden.

Zal de nieuwe Katechismus van de katholieke kerk ook werken? Het is uiterst onwaarschijnlijk, want de samenleving is al veel verder. Echtscheiding, euthanasie, de pil - de Katechismus is er tegen, maar deze vorm van 'bemiddeling' lijkt wat al te grofmazig voor de moderne wereld.

De bemiddeling die Schillebeeckx voorstaat lijkt vooralsnog vruchtbaarder. Hij staat een christendom voor dat antwoorden geeft op de noden van de tijd, en voor de vitaliteit van het rooms katholicisme is dat voorlopig gunstiger dan dat roomse boek dat nu in de hele wereld verkrijgbaar is.

Voorlopig. Want hoe duidelijker het wordt dat de godsdienst mensenwerk is, des te vaker zullen de gelovigen zich afvragen of ook God zelf door mensen is bedacht. Een lastig vak, theologie.