Zoeloe-partij loopt steeds weg en keert altijd terug

De Zuidafrikaanse Inkatha Vrijheidspartij is zaterdag uit de grondwetgevende vergadering gestapt. De partij onderneemt wel vaker dergelijke actie, en daarom kijkt niemand er meer van op. Maar dit keer heeft Inkatha reden tot verontwaardiging.

KAAPSTAD, 10 APRIL. De Inkatha Vrijheidspartij heeft het weglopen tot politieke strategie verheven. Als chief Mangosuthu Buthelezi, minister van binnenlandse zaken in de Zuidafrikaanse regering van nationale eenheid, zijn zin niet krijgt, verlaat hij meestal met enige bombast het toneel. Zo liep de partij van voornamelijk Zoeloes gepikeerd weg uit de grondwetsonderhandelingen, toen Zuid-Afrika nog geen democratie was, en stapte de fractie in februari uit het parlement. Men keerde altijd terug.

Het is dan ook begrijpelijk dat Zuid-Afrika niet meer schokt en beeft wanneer Inkatha weer eens opstapt. De zondagskranten meldden gisteren in bescheiden berichten dat Inkatha zijn deelneming aan de grondwetgevende vergadering - de gezamenlijke zitting van Tweede Kamer en Senaat - heeft opgeschort. De partij komt pas terug als de coalitiepartners, het Afrikaans Nationaal Congres en de Nationale Partij, instemmen met Inkatha's eis van internationale bemiddeling bij het opstellen van een nieuwe, definitieve grondwet voor Zuid-Afrika. De partij blijft wel lid van de regering en het parlement.

Buthelezi's dreigementen zijn al zozeer ritueel geworden, dat de kwestie zelf versluierd raakt. Het zeurende conflict over internationale bemiddeling toont dat het diepe wantrouwen tussen ANC en Inkatha door het logo 'nationale eenheid' niet is weggenomen. Het kan hierdoor bovendien onmogelijk blijken om de gemeentelijke verkiezingen, die op 1 november op het programma staan, te organiseren in Zuid-Afrika's meest gewelddadige provincie KwaZulu-Natal. In KwaZulu-Natal is Inkatha aan de macht, met steun van de Zoeloe-chiefs die heer en meester zijn in hun gebied. De amakhosi steunen Buthelezi en hebben al gedreigd geen verkiezingen in hun territorium te zullen toestaan.

Inkatha heeft deze keer reden tot verontwaardiging. De partij wordt al een jaar aan het lijntje gehouden door het ANC. Een week voordat alle Zuidafrikanen voor het eerst samen naar de stembus zouden gaan, op 19 april vorig jaar, besloot Buthelezi alsnog deel te nemen aan de verkiezingen. De leiders van het ANC en de NP, Mandela en De Klerk, stemden in ruil daarvoor in met twee eisen van de chief. De positie van van de Zoeloe-monarchie zou volgens het akkoord constitutioneel worden vastgelegd en “enige uitstaande kwesties aangaande de koning en de grondwet van 1993 zullen worden afgehandeld via internationale bemiddeling die zo snel mogelijk na de verkiezingen zal beginnen”. De partijen voegden de koninklijke clausule inderdaad toe aan de grondwet. Van wijze mannen en vrouwen van overzee werd lange tijd niets meer vernomen.

De stilte had zowel te maken met de nieuwe machtsverhoudingen - het ANC kreeg 62 procent van de stemmen, Inkatha 10 procent - als met de aard van de 'uitstaande kwesties'. Buthelezi wil onderhandelen over een federale staat met, zeker na de overwinning in KwaZulu/Natal, zoveel mogelijk autonomie voor de negen provincies. Het ANC vindt dat de provincies al genoeg bevoegdheden hebben. Via internationale bemiddelaars hoopt Inkatha meer binnen te slepen dan met tien procent van de zetels in de grondwetgevende vergadering mogelijk is.

Maandenlang onderhandelden ministers van de drie partijen over een mogelijke opdracht aan de bemiddelaars. Het ANC hield naar buiten toe de schijn op dat het op zichzelf geen bezwaar had tegen bemiddeling, maar bleef die onnodig vinden, ondanks de plechtige belofte van een jaar geleden. Vice-president Thabo Mbeki verklaarde dat “Zuidafrikanen niet hebben gestemd voor internationale bemiddeling”. Inkatha stapte voor twee weken uit het parlement, maar kwam terug toen Mbeki weer een opening leek te bieden. Zo bleven de partijen om elkaar heen dansen.

Dit weekeinde bewezen de partijen in een jaar tijd niets te zijn opgeschoten. President Mandela reageerde gisteren vanuit Koeweit met de boodschap dat Inkatha nu maar eens “precies moet aangeven over welke onderwerpen het internationale bemiddeling wil. Als ze dat niet doen, is het onwaarschijnlijk dat we ze ooit zullen tegemoetkomen.” Buthelezi liet weten dat hij een grondwet die zonder zijn partij is opgesteld nooit zal aanvaarden. Hij aanvaardde de mogelijke uitweg van een ontmoeting met NP-leider en vice-president De Klerk en vice-president Mbeki, onder begeleiding van Washington Okumu. Deze Keniase professor kent de psyche van de Zuidafrikaanse politicus - hij was de architect van het akkoord van vorig jaar. Dat is al een beetje internationale bemiddeling. Veel andere wijze buitenlanders zullen niet meer staan te springen om zich in het Zuidafrikaanse mijnenveld te begeven.