‘Volgende week woensdag komt je moeder weer’

Pleegzorg

Luciano (nu 10) kon niet meer bij zijn moeder wonen. Hij kwam in een pleeggezin – volgens de nieuwe Jeugdwet het beste alternatief. Zijn moeder en pleegvaders over pleegzorg in de praktijk.

Luciano (10) thuis in Dordrecht. Foto Ilvy Njiokiktjien

Voor het eerst sinds een tijd regent het weer. Jessica Gibbon merkt het niet, ze loopt en loopt door de straten van Den Haag, huilend. Het is dinsdag 9 april 2013. Vanmorgen heeft ze bij het schoolhek afscheid genomen van haar zoons, Ilyas van acht en Luciano van zes. „Tot vanmiddag!” Ze was ervan overtuigd geweest dat de rechter haar nog een kans zou geven. Jeugdzorg had om een uithuisplaatsing verzocht, maar het ging juist beter. Haar gewelddadige ex was uit hun leven verdwenen, ze was afgekickt en ze had al een paar jaar vast werk. Goed, Ilyas had gedragsproblemen maar daar kreeg hij hulp voor. Aan de eisen van Jeugdzorg, dat ze samen een intensieve gezinstherapie zouden volgen, intern in een instelling in Barendrecht, en dat ze zou breken met haar nieuwe vriend, had ze geweigerd te voldoen. Ilyas had hulp nodig, vond ze, niet het hele gezin. En haar vriend was juist erg begaan met haar en de kinderen.

Zo ferm als ze het Paleis van Justitie in Den Haag binnen was gelopen, zo lamgeslagen kwam ze een uur later naar buiten. De rechter had besloten de kinderen toch „tijdelijk” uit huis te plaatsen. Ze was woedend geworden, had geschreeuwd en gehuild. Direct na de zitting belde een Jeugdzorgmedewerker naar school: „De kinderen mogen niet met Jessica mee.” Haar moeder zou Ilyas ophalen en bij zich houden tot er plaats was in een gezinsvervangend tehuis, waar professionele begeleiding voor hem zou zijn. Luciano, die zulke begeleiding niet nodig had, zou voorlopig naar het pleeggezin in Waddinxveen gaan waar hij al een tijdje in de weekenden kwam.

Jessica (38) vertelt aan de keukentafel in haar flat in Gouda. Helder formulerend, haar donkerblonde haar in een vlecht. „Vroeger kropte ik alles op, maar ik heb gemerkt dat het goed is om erover te praten.” Kyra, een uit de kluiten gewassen pitbull, speelt met een kluif tot die met veel geraas onder een radiator belandt. De hond is pas anderhalf maar heeft ook al heel wat meegemaakt. Ze is mishandeld en heeft al acht bazen versleten. „Ze was in het begin doodsbang voor mannen, en ze raakt in paniek als ze alcohol ruikt.”

Jessica Gibbon (38) ziet haar zoon Luciano eens in de vier weken anderhalf uur.Foto Ilvy Njiokiktjien

Lampen die door het huis vlogen

Om te begrijpen waarom Jessica’s leven is gelopen zoals het gelopen is, moeten we, meent ze, terug naar de tijd dat ze in groep zeven zat. Toen randde een groep jongens haar aan en ging haar vervolgens pesten. Ze praatte er met niemand over en „raakte zichzelf kwijt”. Ze ging zwerven, drugs gebruiken. Op haar veertiende belandde ze in De Marke, een justitiële jeugdinrichting in Rekken. Hulp of therapie kreeg ze niet, zegt ze. „Je werd daar gewoon weggedouwd.” (In de periode dat Jessica er zat, van 1993 tot 1995, verschenen verschillende rapporten over De Marke waaruit onder meer pedagogisch wanbeheer zou blijken.)

Met vallen en opstaan probeerde ze een normaal bestaan op te bouwen. Soms lukte dat een poos, maar het bleef moeilijk om, zoals ze het zelf zegt, „volgens de regels te leven”. Op haar 25ste raakte ze zwanger. Een kans om zichzelf en de buitenwereld te bewijzen wat ze waard was, zo besloot ze, ook al zou ze het kind alleen moeten opvoeden omdat de vader geen contact meer wilde.

Toen Ilyas nog een baby was, raakte ze opnieuw zwanger, van een man die net als zij worstelde met een drugsverslaving. Luciano’s vader bleef, maar ze hadden vaak ruzie. Soms ook waren ze een knus gezinnetje met zijn vieren. Totdat de drugs het definitief overnamen. Ruzies, mishandelingen, serviesgoed en lampen die door het huis vlogen, Jessica die zichzelf opensneed met de scherven. Ze was boos op de hele wereld. Speed putte haar lichaam uit. Vier tot vijf gram per dag gebruikte ze op het laatst, tot ze ’s nachts niet meer sliep en broodmager was. Soms was er geen geld voor eten. Uiteindelijk ging ze zelf naar de politie, nadat haar vriend op een avond had gedreigd haar en de kinderen te vermoorden. Even later stond Bureau Jeugdzorg op de stoep.

Hartvormig tegeltje

Zo’n veertig kilometer zuidelijker, in Dordrecht, is Peter Duimel in het voorjaar van 2013 een kinderkamer aan het schilderen. Hij en zijn man Danny zijn net in dit nieuwe huis getrokken. Hun vorige flat was prima voor twee mensen, maar niet geschikt voor een gezin. En een gezin vormen is wat hij en Danny ontzettend graag willen, al vanaf het moment dat ze elkaar in 2007 ontmoeten, als hij 37 is en Danny 22. Of nee, in het begin was het vooral Danny, die al van jongsaf kinderen wil. Peter moest even wennen aan het idee, maar kijkt er inmiddels net zozeer naar uit.

Toen bleek dat Peter te oud was voor adoptie, waren ze zich gaan verdiepen in langdurige pleegzorg. Ze meldden zich aan voor een informatieavond van Horizon, de pleegzorgorganisatie in hun regio, en volgden daarna een half jaar lang een cursus voor aanstaande pleegouders. Wekelijks een dik pak papier mee naar huis. Ze werden uitgebreid gekeurd, en geschikt bevonden. Sinds een half jaar wachten ze op de komst van een kind. De juiste ‘match’ is er niet zo maar. Het is vooral belangrijk dat de karakters bij elkaar passen. Gezien Peters leeftijd kunnen ze een kind van tussen de zes en negen jaar verwachten.

Beneden op de parkeerplaats ziet hij Danny aan komen lopen, die naar de bouwmarkt is geweest. Op hetzelfde moment gaat Peters telefoon. Met de verfroller nog in zijn hand neemt hij op. Het is Danny, die kennelijk niet kon wachten tot hij binnen was. „Pleegzorg heeft gebeld,” zegt hij. „Nu gaat het echt gebeuren.”

Een andere keukentafel, een andere hond: Salsa. Klein, schichtig, geadopteerd uit Spanje. Family is a little world that is created with love staat er op een hartvormig tegeltje in de wc.

De komst van Luciano in de zomer van 2013 betekende voor Peter en Danny (nu 48 en 31) de vervulling van een diepe wens. Toch wisten ze vooraf dat een pleegkind opvoeden niet eenvoudig zou zijn. Danny: „Sommige deelnemers aan de pleegzorgcursus zag je op een roze wolk binnenkomen, zij dachten even een baby’tje te komen ophalen. Die mensen haakten al snel af. Wij hadden veel gelezen over wat pleegzorg inhoudt. Zo wisten we dat hechtingsproblemen bij deze kinderen vaak voorkomen, als gevolg van verwaarlozing of omdat de ouders aan drugs of alcohol verslaafd waren.”

Luciano met zijn pleegvaders Peter (links) en Danny.
Foto Ilvy Njiokiktjien

Spruitjes

Op verzoek van Luciano eten ze bloemkool, de allereerste avond dat hij bij hen woont. Eigenlijk heeft hij om spruitjes gevraagd, maar het is eind juli en dan zijn er geen spruitjes. Hij wil alles apart op zijn bord: eerst het vlees, en als dat op is de aardappelen, en daarna de groente. Dan weet hij tenminste wat hij eet. Die nacht barst er een hevig onweer los, waar Luciano ongestoord doorheen slaapt.

Zoals zeventig procent van alle pleegkinderen heeft Luciano last van hechtingsproblematiek, die zich uit in druk en recalcitrant gedrag, driftaanvallen en concentratiemoeilijkheden. Behalve aan liefde en aandacht heeft hij een sterke behoefte aan rust, orde en regelmaat, en aan een duidelijke en consequente bejegening. De eerste tijd is moeilijk, al zullen Peter en Danny dat woord zelf niet gebruiken. „Iedere dag douchen en tanden poetsen bijvoorbeeld was voor hem niet normaal, wij vonden dat wel nodig. Daar ging hij erg tegenin. Dat deed hij met alles. Hij probeerde ons uit, keek hoe ver hij kon gaan. Wij waren daar op voorbereid, het hoort echt bij die hechtingsstoornis.”

Onverstoorbaar proberen Danny en Peter rust en veiligheid te brengen in het leven van Luciano. Als blijkt dat vliegvakanties niet mogelijk zijn met hem, omdat er te veel onvoorspelbare factoren zijn waar ze hem niet op kunnen voorbereiden, nou, dan houden ze het gewoon bij vakanties in eigen land. Wel schrikken ze soms als wéér de naam van de leerkracht in het schermpje van hun telefoon verschijnt. Op school heeft hij niet alleen grote moeite zich te concentreren, hij heeft ook vaak ruzie met andere kinderen.

Drie gebroken ribben

In die tijd gaat het met Jessica niet goed. Haar nieuwe vriend, met wie ze niet mocht omgaan van Jeugdzorg, blijkt ineens toch gewelddadig te zijn, net als haar vorige vriend, de vader van Luciano. Hij gooit haar van de trap, een andere keer belandt ze in het ziekenhuis met drie gebroken ribben. Toch blijft ze nog een hele tijd bij hem. Harddrugs gebruikt ze niet meer, maar ze blowt wel veel. Het ergste van alles is misschien wel haar woede. Die vergalt alles. Ze verwaarloost zichzelf en haar huis, verbreekt het contact met haar moeder en broer. Haar vader, op wie ze erg gesteld is, overlijdt.

Anderhalf jaar na de uithuisplaatsing raakt Jessica definitief het ouderlijk gezag kwijt

Anderhalf jaar na de uithuisplaatsing, in oktober 2014, besluit de rechter dat de voogdij van Luciano en Ilyas bij Jeugdzorg komt te liggen. Jessica raakt definitief het ouderlijk gezag kwijt.

Tot dat moment had ze zich vastgehouden aan de gedachte dat haar kinderen ooit weer bij haar zouden komen wonen. Officieel was de uithuisplaatsing immers „tijdelijk”. Zo voelde dat voor haar ook. Zolang de deur op een kier stond, bleef ze hopen. De eerste ontmoeting met Danny en Peter, in een kantoortje van Jeugdzorg in Gouda, was, in haar woorden, „niet grappig”. Ze was kwaad weggelopen. Maar deze onherroepelijke beslissing van de rechter schudt haar wakker. Ze besluit zich te schikken en te proberen om een goede moeder-op-afstand te worden. Haar kinderen konden ze afnemen, maar haar moeder-zijn niet. Ze meldt zich aan voor schuldhulpverlening, slaagt erin te stoppen met blowen en herstelt het contact met haar familie.

Pandabeer

Ook bij Luciano is er een kentering in 2014. Danny en Peter zitten op de tribune in het zwembad aan de Sportboulevard, samen met hun ouders, de pleegoma’s en -opa’s. Jessica is er ook bij. Luciano ligt in het water, hij heeft er hard voor moeten knokken om te mogen afzwemmen. Door zijn drukke gedrag werd hij vaak naar de kant gestuurd en kwam hij nauwelijks toe aan de les. Maar nu al die mensen er zijn speciaal voor hem, is hij gefocust. Als hij even later zijn diploma uitgereikt krijgt, springt hij van blijdschap het water weer in, met diploma en al.

Na deze triomf is het langzaam steeds beter gegaan met Luciano. Het geregelde leven, met vaste tijden voor de dagelijkse dingen, geeft hem houvast. Dankzij speltherapie heeft hij geleerd te verwoorden wat hij voelt, en kan hij hulp vragen als dat nodig is. Binnenkort begint hij aan traumatherapie, om de gebeurtenissen uit zijn jeugd te leren verwerken.

Foto Ilvy Njiokiktjien
Foto Ilvy Njiokiktjien
Foto’s Ilvy Njiokiktjien

Luciano komt thuis van een vriendje. Enthousiast haalt hij zijn verzameling Pokémonkaarten tevoorschijn. „Als ik me rot voel, ga ik naar de vrolijke kijken, niet naar de enge.” Hij wil ook graag zijn kamer laten zien, met de lego-straaljager en de grote pandabeer die hij van zijn moeder heeft gekregen. ’s Nachts gebruikt hij hem als hoofdkussen.

Hij is erg vooruit gegaan, dat vindt hij zelf ook. „In het vorige huis zat ik om de haverklap in de nadenk-hoek, omdat ik me niet goed gedroeg. Maar hier weet ik niet eens waar de nadenk-hoek is.” Even later, fluisterend: „Er komt er nog een.”

Luciano heeft het over een tweede pleegkind, waar ruimte voor is gekomen nu het met hem zo goed gaat. Danny lacht luid: „Dan beginnen we weer van voren af aan.” Later appt Peter dat er een meisje van vijf bij hen geplaatst gaat worden, Zoë. De dag voor Kerst zal ze bij hen komen wonen.

Gipsafdruk van babyhandje

Jessica loopt naar een glazen vitrinekast in de hoek van de kamer. „Dit is mijn trots.” Planken vol foto’s en knutselwerkjes, gerangschikt rond kunstbloemen. Een collage met een foto van Ilyas die uit papier geknipte hartjes wegblaast. Luciano in voetbaltenue. Een gipsafdruk van een babyhandje. „Al mijn herinneringen aan mijn kinderen.”

De vitrine die Jessica Gibbon inrichtte met spulletjes van haar twee zoons.
Foto Ilvy Njiokiktjien

Ze is heel blij met Danny en Peter, net als met het gezinsvervangend tehuis in Rotterdam waar Ilyas woont. „Na die beslissing over de voogdij kwam er rust in mijn hoofd, en zag ik dat het eigenlijk heel goed ging met mijn kinderen. Ik huilde niet meer in de trein terug als ik bij hen op bezoek was geweest. Doordat ik vrede had met de situatie, werd het voor hen ook makkelijker. Ik ben nog steeds hun moeder, ik speel een rol in hun leven en ik word bij belangrijke beslissingen betrokken, zoals over de traumatherapie.”

Foto Ilvy Njiokiktjien

Ook de afgemeten bezoekregeling – Luciano mag ze een keer in de vier weken anderhalf uur zien, en vier keer per jaar mag ze hem een dag meenemen – is geen punt meer. „Mijn tijd komt nog wel, als ze achttien zijn. Dan kunnen ze zo vaak naar me toe als ze willen.”

Een oproep op haar telefoon. Het is vrijdagmiddag, de vaste Skype-afspraak met Luciano. „Hé lekker ding, hoe is het daar? Wat zie je er goed uit! Heb je nog wat leuks meegemaakt? Was het niet te koud om te vissen? Nee, je hebt vast een lekkere dikke jas. Daar zorgen Peter en Danny wel voor, dat weet ik zeker. Morgen weer voetballen, of niet? En volgende week woensdag komt die vervelende moeder van je weer langs. Ik neem Pokémonplaatjes voor je mee. Dag lieffie. I love you. Tot volgende week. Krijg ik nog een kus? Slaap lekker straks. Bye, bye.”