Alleen PvdA is tegen; Kamer: meer werk beneden minimumloon

DEN HAAG, 10 APRIL. De regeringsfracties van VVD en D66 en de grootste oppositiepartij CDA willen dat het kabinet de mogelijkheden verder verruimt om werknemers voor minder dan het wettelijk minimumloon in dienst te nemen. De PvdA-fractie is daartegen.

De werkgeversorganisatie VNO-NCW is voorstander van afschaffing van het wettelijk minimumloon en ziet de verruiming als een eerste stap. De vakcentrale FNV is fel tegen een dispensatie, het CNV wilde vanmiddag nog niet inhoudelijk reageren.

In het regeerakkoord is een dispensatie van de wet op het minimumloon “voor bepaalde sectoren en voor beperkte tijd” aangekondigd. PvdA-minister Melkert (sociale zaken en werkgelegenheid) wil werkgevers dispensatie van het minimumloon geven als zij een langdurig werkloze (iemand die langer dan een jaar bij het arbeidsbureau staat ingeschreven) aannemen. Ze hoeven de werkloze dan gedurende twee jaar niet meer dan 70 procent van het minimumloon te betalen. Bovendien kunnen werkgevers gebruik maken van de regeling waarbij zij twee jaar geen sociale premies hoeven te betalen voor langdurig werklozen die zij in dienst nemen. Als voorwaarde voor de dispensatie van het minimumloon geldt wel dat de werknemers een normaal arbeidscontract krijgen en niet na twee jaar - als ze ten minste het minimumloon moeten gaan verdienen - zomaar worden ontslagen.

Anders dan de FNV heeft het CNV laten weten onder bepaalde voorwaarden niet tegen Melkerts plan te zijn. Volgens VNO-NCW werpt Melkert in zijn voorstel zoveel barrières op en stelt hij zoveel voorwaarden dat niemand van de regeling gebruik zal maken. Melkert geeft de vakbeweging bijvoorbeeld een vetorecht. Voorzitter Rinnooy Kan zei onlangs in een vraaggesprek met deze krant: “Melkert stelt voorwaarden die haaks staan op wat de arbeidsmarkt verlangt. Met als meest sprekende voorbeeld de eis dat werknemers die voor dispensatie van het minimumloon in aanmerking komen een langlopend arbeidscontract moet worden aangeboden. Als iemand ook maar gedurende enkele minuten een studie zou maken van hoe de arbeidsmarkt werkt, dan komt hij meteen tot de constatering dat deze laagopgeleide mensen, als ze al aan werk komen, alleen aan het werk komen op basis van kortlopende contracten.”

De Centraal economische commissie, een commissie van topambtenaren, heeft het kabinet geadviseerd om de werkgever de mogelijkheid te geven voor een periode van vier tot zes jaar dispensatie voor het minimumloon. Melkert wilde vanmorgen niet inhoudelijk reageren op deze verruiming van twee tot vier jaar in vergelijking met zijn voorstel. “De minister wacht met een reactie totdat de Sociaal-Economische Raad zijn advies heeft uitgebracht”, zegt een woordvoerder.

Pag.13: PvdA-fractie hekelt duur dispensatie

Volgens de fracties van VVD, D66 en CDA kan de dispensatie een effectieve maatregel zijn om 'moeilijk plaatsbaren', zoals laaggeschoolden zonder werkervaring en schoolverlaters zonder diploma, aan een baan te helpen.

“Maar een periode van vier tot zes jaar is geen dispensatie meer, dat is een structurele maatregel”, oordeelt het Tweede Kamerlid Van Zijl (PvdA). “Dispensatie moet een hulpmiddel blijven.” Hij vindt dat de werknemers in overleg met de werkgevers moeten kunnen bepalen welke groepen in aanmerking komen voor de dispensatie.

Zijn D66-collega Bakker onderstreept dat het om (potentiële) werknemers gaat waarbij het loon op dit moment hoger is dan de arbeidsproduktiviteit. “In de periode waarin de werkgever dispensatie krijgt, wordt via scholing en het opdoen van werkervaring de arbeidsproduktiviteit opgekrikt.” VVD-woordvoerder Van der Stoel verwacht dat in een periode van vier tot zes jaar de achterstand kan worden ingelopen.

“Wij zijn voor een ruim dispensatiebeleid”, zegt CDA-woordvoerder De Jong. De termijn van twee jaar zoals Melkert heeft voorgesteld, vindt de oppositie-woordvoerder “veel te kort. Het is een mogelijkheid om langdurig werklozen weer aan de slag te krijgen. Het werkt niet als de daaraan allerlei randvoorwaarden aan worden gesteld.”