Noréns hel van het huwelijk in schitterend vileine regie

Voorstelling: Zo eenvoudig is de liefde van Lars Norén door Toneelgroep De Appel. Vertaling: Karst Woudstra. Regie: Agaath Witteman. Spel: Marijke Beversluis, Sacha Bulthuis, Carol Linssen, Hugo Maerten. Gezien 7/4, Den Haag, Studio Appeltheater. Aldaar t/m 10/6, afwisselend met tournee langs o.m. Rotterdam, Groningen en Amsterdam.

In 1991 bewees de Zweedse toneelschrijver Lars Norén eer aan zijn grote Amerikaanse voorbeeld Eugene O'Neill met O'Neill (En geef ons de schaduwen). Dat stuk verwees in stijl en inhoud naar O'Neills werk en tegelijk was het onmiskenbaar van Norén, met alle ellipsen rond de horror van het gezinsleven. Een jaar eerder, in 1990, had Norén een vergelijkbaar eerbetoon gebracht aan een ander groot Amerikaans voorbeeld. Zo eenvoudig is de liefde noemde hij het cynisch en het spiegelt nadrukkelijk Who's Afraid of Virginia Woolf van Edward Albee. O'Neill werd afgelopen herfst hier gespeeld door De Blauwe Maandag Compagnie en het RO Theater bracht Who's Afraid. Wat is mooier dan nog ditzelfde seizoen Zo eenvoudig is de liefde te kunnen zien? Dankzij Theatergroep De Appel en de door tegenslag pas laat geëngageerde regisseur Agaath Witteman lukt dat, in een giftig knetterende voorstelling die het stuk ook nog eens hier in wereldpremière brengt - Norén 'leende' voor de dialogen de ruzies van kennissen die zijn stuk vervolgens in Zweden lieten verbieden.

Het stramien van Who's Afraid laat zich direct herkennen in Zo eenvoudig is de liefde: een ouder echtpaar ontvangt een jonger stel na een feestje voor een nachtelijk borreltje dat uitloopt op een orgie van vooral verbaal geweld. Er zijn verrassende overeenkomsten, die van Norén steevast een tik kregen, zodat hij Albee als het ware intensiveert. Erg wordt erger en het vagevuur van het huwelijk wordt een hel, niet in de laatste plaats doordat Norén zijn stuk situeert in het theatermilieu, met alle kwetsbaarheid en het welbespraakt elkaars scènes stelen van dien. Twee bedrijven lang bouwt Norén aan een fuik van ijl ijzerdraad: gespannen als een veer, scherp als een scheermes. In het laatste bedrijf ontploffen de geheimen van elk van de vier personages in hun eigen en elkaars gezichten, met de zelfmoord van een van de vier als lont. Consequent is die wending, maar wat een domino-effect van climaxen moest zijn, werkt als anticlimax. Bij Albee restte eenzaamheid met zijn tweeën, en dat deed toch meer pijn dan de solo-eenzaamheid in rouw die bij Norén het slotaccoord bepaalt.

Witteman regisseerde Zo eenvoudig is de liefde in volledige aandacht voor haar acteurs en brengt het viertal tot grote hoogten, in zo vilein mogelijke interpretatie van de teksten, in schitterend blikkende en blozende onderonsjes en, maar dat realiseer je je pas achteraf, elk onophoudelijk worstelend met het eigen geheim. Carol Linssen, Sacha Bulthuis en Hugo Maerten zijn ieder in hun element. Maar de mooiste rol is van Marijke Beversluis, als de snaterende gans die consequent wordt vernederd door de anderen, maar van wier ongegeneerde wraaklust niemand terugheeft.