Instemming met tegenorders voor Apaches

ROTTERDAM, 8 APRIL. Het Nederlandse bedrijfsleven heeft met instemming gereageerd op het besluit van het kabinet om dertig Apache gevechtshelikopters van de Amerikaanse fabrikant McDonnell Douglas aan te schaffen.

Hollandse Signaalapparaten - dat behoort tot het Franse staatsconcern Thomson-CSF - krijgt als gevolg van de keuze voor de Apache een pakket compensatie-orders ter waarde van 135 miljoen dollar. Volgens een woordvoerder van Signaal is dat “een goed pakket”. Maar Signaal had als onderdeel van een Frans concern “een strategische voorkeur” voor de Tigre. Als de Nederlandse regering de Franse helikopter had gekozen, had Signaal het volgens de woordvoerder iets gemakkelijker gekregen bij pogingen om driedimensionale lange afstandsradar te kunnen leveren voor een eventueel te realiseren Frans/Italiaans/ Engels project voor de bouw van fregatten. De Franse regering had toegezegd zich in geval van een Nederlandse aankoop van Tigres voor Signaal te zullen inzetten.

Nu Nederland geen Tigres koopt, blijft Signaal wel pogingen doen om de radar te mogen leveren voor deze fregatten. Signaal ontwerpt deze radar ook voor eventueel te bouwen Nederlands/ Spaans/Duitse fregatten. Bij Thomson-CSF in Frankrijk is een soortgelijk radarsysteem in ontwikkeling, hoewel Signaal binnen het electronicaconcern op marinegebied is gespecialiseerd.

Wat betreft de compensatie-orders maakt de keuze voor de Apache voor Fokker niet veel uit, aldus een woordvoerder van de vliegtuigfabrikant. Fokker krijgt compensatie-orders ter waarde van 459 miljoen gulden. Maar als onderdeel van het Duitse Dasa-concern had Fokker liever gezien dat de Nederlandse regering besloten had tot aanschaf van Tigre-helikopters. Dasa is voor dertig procent eigenaar van Tigre-fabrikant Eurocopter. De Fokker-woordvoerder ontkent dat Dasa ooit heeft gesuggereerd minder inspanningen voor de Nederlandse vliegtuigindustrie te zullen doen als de Apache zou worden gekozen. “Dasa is niet gewend om regeringen met chantagemiddelen te bestoken”, aldus de woordvoerder. Bij Dasa in München zei een woordvoerder gisteravond het te betreuren “dat het Nederlandse kabinet heeft gekozen tegen Europese samenwerking en integratie”. Hij voegde er wel aan toe dat Dasa “elke beslissing respecteert die iedere Europese regering vrij is te nemen”.

Woordvoerder A. Hibon van Eurocopter in Parijs gelooft niet dat de lage dollarkoers een serieuze rol heeft gespeeld bij de keuze van de Nederlandse regering voor de Apache-gevechtshelikopter van de Amerikaanse concurrent McDonnell Douglas. “Beslissend is geweest wat de militairen en de VVD als bondgenoten van de Verenigde Staten wilden”, aldus de woordvoerder. Eurocopter vindt de Nederlandse keus jammer voor zowel de industriële als de militaire samenwerking in Europa. De woordvoerder kondigde aan dat Eurocopter na de Nederlandse afwijzing van de Tigre wel zal voortgaan met inspanningen om deze gevechtshelikopter aan andere landen te verkopen “omdat het een goed produkt is”.

De hele lobby die zich het afgelopen jaar heeft ingespannen om de Apache in Den Haag aan de man te brengen, heeft gisteren een absolute zwijgplicht van de Amerikaanse fabrikant McDonnell Douglas opgelegd gekregen. Volgens een van de betrokken lobbyisten heeft McDonnell Douglas met het ministerie van defensie overlegd hoe op de beslissing van de regering vandaag moest worden gereageerd. Omdat het parlement de aanschaf van de Apache's nog moet goedkeuren, is daarbij besloten de uiterste voorzichtigheid te betrachten.

Volgens de verklaring van McDonnell Douglas bieden de compensatie-orders voor de Nederlandse industrie strategische mogelijkheden voor bilaterale uitwisseling van geavanceerde technologieën. Hierdoor zouden Nederlandse ondernemingen toegang tot de Amerikaanse luchtvaartmarkt krijgen. Een belangrijk deel van de compensatie-orders zal volgens McDonnell Douglas naar kleine en middelgrote Nederlandse ondernemingen gaan.

Woordvoerder H. Dibbetz van de gezamenlijke Nederlandse defensieindustrie, zei gisteravond dat het zaak is dat het kabinet erop toe ziet dat de met McDonnell Douglas afgesproken compensatie-orders ook daadwerkelijk bij de Nederlandse industrie terecht komen. Ook moet de overheid volgens hem nauwkeurig toezien dat McDonnell Douglas de belofte nakomt dat tien procent van de compensatie, ruim honderd miljoen gulden, bij het midden- en kleinbedrijf terecht komt.