Franse veteraan jaagt op derde zege

Roger de Vlaeminck is ongetwijfeld 'Monsieur Paris-Roubaix'. De Belg won de koninginneklassieker vier keer. In 1972, '74, '75 en '77. Hij was zuinig op zijn fiets. De nacht voor de wedstrijd over de thans op de monumentenlijst geplaatste kasseienstroken had hij zijn rijwiel altijd op zijn hotelkamer staan.

De Vlaeminck wordt wat het aantal zeges betreft gevolgd door vijf renners, die allen driemaal triomfeerden: de Fransman Octave Lapize (1909, '10 en '11), de Belg Gaston Rebry (1931, '34 en '35), de Belg Rik van Looy (1961, '62 en '65), de Belg Eddy Merckx (1968, '70 en '73) en de Italiaanse campionissimo Francesco Moser (1978, '79 en '80). Merckx was met 22 jaar de jongste winnaar, de oudste was de Fransman Gilbert Duclos-Lassalle in 1993. 'Gibus' telde bijna 39 lentes. Duclos-Lasalle, die ook in 1992 won, werd in Parijs-Roubaix van vorig jaar getroffen door veel pech. Op de leeftijd van bijna 41 jaar wil hij morgen in de 93ste uitgave proberen de trilogie van Lapize, Rebry, Van Looy, Merckx en Moser te evenaren.

Vier Nederlanders wonnen Parijs-Roubaix: Peter Post (1964), Jan Janssen (1967), Jan Raas (1982) en Hennie Kuiper (1983). In het 'landenklassement' bezet Nederland de vierde plaats: 46 keer stond er een Belg op de hoogste trede van het ereschavot, 28 maal een Fransman, acht keer een Italiaan, tweemaal een Ier en een keer een Luxemburger, een Duitser, een Zwitser en een Moldaviër, Andrei Tsjmil in 1994.

De start van Parijs-Roubaix, met zijn verschrikkelijke kasseien door het Bos van Wallers, is al vele jaren in Compiègne, de keizerlijke stad op zo'n zestig kilometer ten noorden van de Franse hoofdstad. De finish ligt - na een hinderlijke onderbreking ten gunste van de commercie - sinds een paar jaar weer waar hij hoort te liggen: op de oude wielerbaan van Roubaix.

Bij De Beers gaat men ervan uit dat Rusland uiteindelijk tot een akkoord wil komen, omdat het voor de opbrengst van diamanten afhankelijk is van de instandhouding van het diamantkartel. Bovendien neemt men aan dat er grenzen zijn aan de Russische mogelijkheden om druk op De Beers uit te oefenen. De Russen zouden veel meer diamant uitvoeren dan zij uit hun mijnen halen. Ze zouden op het ogenblik bij de verkopen hun diamantvoorraad moeten aanspreken, waarvan de omvang staatsgeheim is, maar die volgens schattingen nu nog een waarde van ongeveer vijf miljard dollar heeft.