Eén met de bezetter

MADELEINE BUNTING: The Model Occupation. The Channel Islands under German Rule, 1940-1945

354 blz. geïll., HarperCollins 1995, ƒ 65,60

Over de Duitse bezetting van een klein stukje Groot-Brittannië tijdens de Tweede Wereldoorlog is weinig bekend. Wie door de straten van Jersey en Guernsey loopt, merkt niet veel van de Duitse heerschappij over de Britse Kanaaleilanden, die van 30 juni 1940 tot 16 mei 1945 duurde. Er zijn geen monumenten en nauwelijks plaquettes waarop de ruim tweeduizend op de eilanden gestorven dwangarbeiders, de weggevoerde joden en andere slachtoffers van vijf jaar Duitse bezetting worden herdacht. Van verzetsdaden was ook al nauwelijks sprake, zodat ook daaraan geen aandacht wordt geschonken.

Hoe kan het dat meer dan 60.000 Britse staatsburgers vijf jaar lang onder de Duitse bezetting gebukt gingen en dat daarover niet meer dan een voetnoot is terug te vinden in de geschiedschrijving over de Tweede Wereldoorlog? De Britse journaliste Madeleine Bunting heeft die vraag uitgeplozen aan de hand van Russische en Britse overheidsarchieven. Ze voerde honderden gesprekken met eilandbewoners, officieren van de Duitse Wehrmacht en dwangarbeiders, die de verschrikkingen bij het aanleggen van kolossale verdedigingswerken op de eilanden hebben overleefd. Op die manier verschaft ze een helder en tegelijkertijd huiveringwekkend inzicht in de ingrijpende aanpassing van een kleine, hechte samenleving aan de plotselinge bezetting door meer dan 35.000 Duitse militairen.

De eilandbewoners hadden geen andere keuze dan de bezetting gelaten te ondergaan en maakten het de Duitse bezetter niet moeilijk. Een groot deel van de mannelijke bevolking had de eilanden al eind 1939, begin 1940 verlaten om in de Britse krijgsmacht het begin van de oorlog tussen Duitsland en Groot-Brittannië af te wachten. De Britse regering besloot de eilanden begin juni 1940 te demilitariseren, omdat ze strategisch gezien geen waarde hadden. Tegelijkertijd liet de Britse regering na maatregelen te treffen om de weerloze bevolking naar het veiliger Engeland te evacueren. In grote paniek vertrokken in de week voor de bezetting nog 30.000 eilandbewoners per boot, maar de meesten waren verstoken van die mogelijkheid.

De Duitse militairen hadden de strikte opdracht zich tegenover de eilandbewoners zo voorkomend mogelijk te gedragen. De eilandbesturen beantwoordden de correcte houding van de Duitse bezetter op hun beurt met een gehoorzaamheid, die verraderlijk veel op collaboratie lijkt. Dank zij hun medewerking verliep de deportatie van de meer dan 2000 in Engeland geboren eilandbewoners naar Duitsland zonder problemen. Ook waren de eilandbesturen bereid op de eilanden wonende buitenlandse joden aan de Duitse autoriteiten uit te leveren. De Duitsers hadden ook geen enkel probleem werkwilligen te vinden bij het bouwen van verdedigingswerken op de eilanden. Meer dan de helft van de eilandbewoners werkte voor de Duitse bezetter, ook al waren de verdedigingswerken bedoeld tegen de eigen Britse strijdkrachten.

Geboorten

De houding van de eilandbevolking leek in niets op de oproep van Winston Churchill in juni 1940 om Groot-Brittannië tegen elke prijs te verdedigen en nooit te capituleren. Die oproep was ook niet voor hen bedoeld. Vlak voor de bezetting had Churchill de eilandbesturen laten weten dat ze naar een “model-bezetting” moesten streven: in ruil voor het afzien van onderdrukking zouden eilandbesturen en bevolking het de Duitsers niet moeilijk maken. De Duitse militairen voelden zich thuis. Na verloop van tijd was het zelfs niet meer nodig dat ze een wapen bij zich droegen. In korte tijd verbroederde de plaatselijke bevolking zich met de bezetter. Op Jersey verdubbelde het aantal buiten-huwelijkse geboorten, op Guernsey waar het aantal Duitse militairen ongeveer even groot was als het aantal eilandbewoners, was zelfs sprake van een verviervoudiging.

De demilitarisering en het gebrek aan evacuatiemogelijkheden aan de vooravond van de bezetting gaven het gevoel dat de Britse regering de Kanaaleilanden in de steek had gelaten. Ook het feit dat de Britse regering geen enkele militaire actie heeft ondernomen om de eilanden in de loop van de tijd te heroveren dreef de bevolking met hun bezetters op één hoop. De invasie van de met het blote oog waarneembare geallieerde strijdmacht op de Franse kusten was een nieuwe domper op de geestelijke veerkracht van de eilandbewoners: de eilanden werden in juni 1944 niet bevrijd.

Na de invasie moesten de Duitsers en de eilandbewoners zich behelpen met wat op de eilanden zelf aanwezig was. De Britse regering weigerde via het Rode Kruis en andere hulporganisaties voedsel en medicijnen aan te voeren uit angst dat vooral de Duitse bezetter daarvan zou profiteren. De eilanden werden zodoende op last van hun eigen regering uitgehongerd. Eind 1944 waren alle honden en katten verdwenen: allemaal opgegeten door de - evenals de Engelsen - om hun dierenliefde bekend staande eilanders.

Hitler beschouwde de bezetting van dit kleine stukje Groot-Brittannië als een belangrijke proef voor de verhoudingen tussen Britten en Duitsers in het duizendjarig rijk. Daarom gedroegen de Duitse militairen zich hier anders en hoefde de eilandbevolking geen brute onderdrukking te vrezen. Er waren hoe dan ook geen reële mogelijkheden op de eilanden om verzet op grote schaal te plegen. Ontsnappingsroutes waren er niet. De overmacht van de bezetter was ongekend groot: in vergelijking met het eigen inwonertal was er een relatief zeer groot aantal Duitse militairen op de eilanden gestationeerd. Het gevaar van represailles als antwoord op verzetsdaden schrok af. Bovendien ontbrak een groot deel van de volwassen mannelijke bevolking, waaruit elders in Europa het verzet werd gerekruteerd.

Het gebrek aan heroïsch verzet en de meegaandheid van de eilandbewoners hebben in Engeland èn op de eilanden voor een collectief verzwijgen van de bezetting van de Kanaaleilanden gezorgd. Niemand had behoefte om lang stil te staan bij de gebeurtenissen in de oorlogsjaren. De grootschalige collaboratie en verbroedering van een aantal Britse staatsburgers met Duitse Wehrmacht-soldaten paste niet in het beeld van een natie die heldhaftig had opgetreden tegen de nazi's. Het heeft vijftig jaar geduurd voordat dat grote geheim uit de doeken kon worden gedaan.