Opzwepend begin van Utrechts SJU- jazzfestival

Gehoord: SJU festival Utrecht, Nueva Manteca, 6/4. Festival tot 9/4. Nueva Manteca: 7/4 De Doelen Rotterdam, 8/4 Oosterpoort Groningen, 9/4 Soeterijn Amsterdam.

Het Utrechtse SJU-festival, dat jaarlijks voor een verfijnd jazzgolfje zorgt, bevat deze keer vooral doortimmerde Amerikaanse muziek. Als opmaat voor de optredens van onder anderen Lester Bowie en Dave Liebman en de zondagse uitsmijter Betty Carter, beet gisteravond de Nederlandse formatie Nueva Manteca het spits af. Niet dat Manteca onbekend is: dit professionele jazzoctet heeft de afgelopen jaren veelvuldig in Vredenburg gespeeld als onderdeel van een succesvolle latin-muziekserie.

Voor de gelegenheid had 'papa' Manteca, pianist Jan Laurens Hartong, die zich al jaren omringt met (jonge) talenten, een van oorsprong Colombiaanse zanger (Marco Antonio Sanchez) en een Cubaanse zangeres (Yasmin Saavedra) uitgenodigd. Want salsa spelen is één ding, er opzwepend bij zingen en dansen is iets anders. Vanaf het moment dat de twee het podium opkwamen kreeg Vredenburg, hoe onwaarschijnlijk dat ook is, iets van de hete gekte van de Caraïben over zich.

Hartong presenteerde het optreden in college-vorm. Tussen de stukken door ging hij in vogelvlucht door de geschiedenis van de salsa. Dat zorgde, mede vanwege Hartongs matige didaktische kwaliteiten, meestal voor een anticlimax, en af en toe voor meligheid ('Wie was de grondlegger van de cha cha cha?' Iemand uit de zaal: 'Herman Brood.') Kennelijk vindt Manteca het nodig om zijn muziekkeuze historisch te verantwoorden, maar de kracht van salsa is juist dat het, mits goed gespeeld, geen tekst en uitleg behoeft.

Zoals de trompettisten (Jarmo Hoogendijk en Toon de Gouw) die met hun schetterende klank en messcherpe intonatie direct het hart aanspreken, en het 1,2 - 1,2,3-ritme van clave of koebel onmiddellijk het lichaam in beweging zet. Tot twee keer toe moedigde Manteca het publiek aan om te gaan dansen op hun swingende vertolkingen van klassiekers van Ray Baretto en Eddy Palmieri. Maar aan de vurige danspassen van Saavedra had toch niemand kunnen tippen.

Hartongs toelichting bij de rumba was bij uitzondering heel verhelderend. Eerst speelde hij de Europese versie voor op piano, met lange zangerige akoorden, zoals die in hotelliften en -toiletten soms is te horen. Daarna barstte het orkest los in de oorspronkelijke Cubaanse versie, die bijna klonk alsof Nueva Manteca hem ter plekke zelf had uitgevonden.