Kritiek notarissen op overdrachtsbelasting

DEN HAAG, 7 APRIL. Het kabinetsbesluit om overdrachtsbelasting te heffen bij economische overdracht van onroerend goed heeft tot veel commotie geleid bij de notarissen. “Wetgeving via persbericht is een ramp”, zei gisteren K. Dijk, voorzitter van het Koninklijke Notariële Broederschap, tijdens een algemene ledenvergadering.

Sinds 31 maart 18.00 uur moet een overdrachtsbelasting van zes procent worden betaald bij de economische overdracht van onroerend goed. Volgens de notarissen leidt het beleid van het kabinet tot rechtsongelijkheid, als voorbeeld noemen de notarissen de overeenkomst tot koop, die vóór 31 maart is gesloten en die verplicht tot een economische eigendomsoverdracht na 31 maart.

Het onbegrip van de notarissen richt zich verder op het ontbreken van een definitie van het begrip 'economisch eigendom' en de onmiddellijke ingang van de maatregel. Economische overdracht zonder dat het onroerend goed ook juridisch van eigenaar verandert, was een legale constructie om de overdrachtsbelasting te omzeilen.

“Het begrip economisch eigendom wordt nauwkeurig in het wetsvoorstel omschreven”, zegt een woordvoerster van Financiën. “Maar we kunnen nog geen mededelingen over doen omdat eerst de Raad van State haar advies moet uitbrengen.”

In februari pleitten de notarissen om de problemen met economische eigendomsoverdracht op te lossen door hiervoor een notariële akte verplicht te stellen. Dat verzekert de overheid van overdrachtsbelasting, immers die wordt door de notaris geïnd en afgedragen, terwijl crimineel verworven geld aan de oppervlakte komt, want de constructie wordt ook door criminelen gebruikt om zwart geld te 'witten'.

De ministerraad ging vrijdag ook akkoord met een voorstel van staatssecretaris Vermeend (financiën) om fiscale constructies te bestrijden waarbij woningbouwcorporaties, ziekenhuizen en stadhuizen ten onrechte BTW terugvorderen. De werkgeversorganisatie VNO-NCW vindt dat er een “overkill” plaatsheeft, want de goeden moeten onder de kwaden lijden, constateert A. Timmermans, fiscaal specialist van VNO-NCW.

De opbrengst wordt gebruikt om de overdrachtsbelasting belastingvrij te kunnen vergoeden voor werknemers die voor hun werk verhuizen. VNO/NCW stelt voor om de overdrachtsbelasting van de werknemer die voor zijn werk verhuist door de werkgever te laten betalen. De werkgever hoeft hierover geen loonheffing te betalen en de werknemer hoeft er geen belasting over te betalen. “Een verrekening van de overdrachtsbelasting via fiscale aftrekposten is gecompliceerd”, meent Timmermans.

De Tweede Kamerfractie van het CDA heeft opheldering aan Vermeend gevraagd. Woordvoerder Reitsma wil onder meer van Vermeend weten hoe hij de klacht van belastingadviseurs beoordeelt dat nu overdrachtsbelasting moet worden geheven zonder dat de criteria bekend zijn.