Selectie (1)

Na lezing van de artikelen over selectie is onze mening onveranderd. Selectie op grond van VWO-examencijfers zet weinig zoden aan de dijk als men niet meer dan 10 procent ten onrechte wil afwijzen. De cijfers van Bolkestein over zware studies weerspreken dat niet. Zijn mening dat poort-selectie het studiegedrag wezenlijk zou verbeteren is in het geheel niet met cijfers onderbouwd.

Het verdienstenmodel van Drenth spreekt ons het meest aan, maar dit houdt in dat je selectie pas na een jaar studie moet doen. Dat heeft nog een extra voordeel, namelijk dat onderwijs en examen en vervolgonderwijs in één hand zijn. Bij selectie op grond van VWO-cijfers is dat niet zo, want de Nederlandse universiteiten is de controle over de examens die toegang geven tot het WO allang ontnomen. Als men zoals Eykhoff het buitenland met Nederland vergelijkt, moet men voorbeelden geven waarbij de universiteit zelf geen enkele invloed op het selectie-instrument uitoefent. Dat verzuimt Eykhoff. Toelating mede op grond van individuele interviews is zowat het tegengestelde van alleen naar examencijfers kijken.

Wij vinden dat onze faculteit (Wiskunde en Informatica aan de TUE) goede studiebegeleiding geeft. Naar onze ervaring is binnen een maand al te zien welke studenten ernstig tekort schieten. Het maakt niet veel uit of je die paar op 1 september niet toelaat of dat ze op 1 oktober iets anders gaan doen wat ze wel aankunnen. De paar die na een vol jaar nog twijfelgevallen zijn, hebben hoe dan ook nog een zware tocht voor de boeg.

Wat wel uitmaakt is of de universiteit incapabele studenten kan verwijderen zonder daarvoor financieel gestraft te worden. Ook die macht, die voor VWO-scholen heel gewoon is, is de universiteiten ontnomen. Daardoor hebben ernstige adviezen aan ondermaatse studenten weinig effect. Of dit aanstaande september zal veranderen als de studiefinanciering zwaardere eisen aan het studietempo gaat stellen, is onduidelijk.